Antonietta Peeters

Werk van Antonietta Peeters, Keiko Sato en Roosmarie Vlek. Lokaal 01, Kloosterlaan 138, Breda. T/m 6 okt. Do t/m zo 13-18u.

Je kunt er veel bij verzinnen. Dat Antonietta Peeters (1967) met haar textielkunst feministisch commentaar levert op het hoge huisvlijt-gehalte van handwerkjes. Dat ze met haar in het openbaar tentoongestelde haak-, borduur- en knipwerken de naald en draad heeft losgeweekt uit het 'vrouwelijke domein', waar volgens traditie serviel en onzichtbaar werk wordt verricht. En dat ze door gebruik te maken van low art-materialen - lappen stof, draden katoen en wol - de door mannen gedomineerde high art op de hak neemt. In deze context werd Peeters' werk ruim een jaar geleden gepresenteerd op de tentoonstelling Borduren 2000 in de Lakenhal in Leiden en de Bergkerk in Deventer. Peeters toonde toen de kitscherige stretcher van 'Sandy' - een fictieve heldin die het liefst de zon aanbidt op geborduurde bloemen. Ook liet ze wandobjecten zien, woorden ('Animals') en pictogrammen die geborduurd waren op wild uitstulpend fluweel. De objecten waren tamelijk klein en uitgesproken vulgair, en stelden niet zozeer het patriarchale stelsel ter discussie, vond ik, als wel de vraag wat goede smaak is. En daarmee begaf Peeters zich op dezelfde terrein als de 'punkende naaier' Berend Strik.

Deze lijn zet Peeters voort in haar nieuwe werk, dat nu in Lokaal 01 in Breda is te zien . De tijd dat textiel een buitenissig materiaal in de kunst was, is definitief voorbij. Peeters heeft in Breda een kolossale 'muurschildering' gemaakt, die verwarmingsbuizen, vensterbanken, muren, vastgespijkerde vloerplaten en radiatoren omvat. Soms is verf haar materiaal, soms fluweel of kroezend lammy - laag over laag over laag. Het maakt niet uit, als het effect maar tactiel is. En dat is het werk in zo'n sterke mate dat het de bezoeker overweldigt. Peeters construeert een claustrofobisch universum dat eerst nog aarzelend begint met zwarte en blauwe lijnen, maar zich vervolgens vlaksgewijs vertakt, ramen en muren inkapselt, om tenslotte te eindigen in een orgie van woeste waaierpatronen. Vroeger hadden die patronen nog iets lieflijks, nu doen ze denken aan spinnenwebben en platgereden kikkers. Dreigend en imposant.