007

Het is jammer dat de Binnenlandse Veiligheidsdienst haar oude geheimen zo zorgvuldig bewaart dat ze er liever de papierversnipperaar mee voedt dan de wetenschap. Op die manier worden de geruchten van lang geleden tot de waarheid van nu bevorderd, zonder dat iemand nog in staat is de waarheid van toen op te sporen, aangenomen dat men dat wil.

In Léés die krant!, het uitstekende, zeer dikke boek van Gerard Mulder en Paul Koedijk over het Het Parool, wordt gemeld dat Sal Tas en Frans Goedhart voor de CIA hebben gewerkt. Goedhart is de oprichter van Het Parool, Tas is lange tijd de correspondent in Parijs geweest. Over de geschiedenis van beide journalisten valt veel te vertellen; ze zijn markante vertegenwoordigers van hun tijd. Dat ze 'voor de CIA werkten' wijst niet, zoals de lezer nu misschien geneigd is te denken, op een verraderlijke inslag; het hoorde tot hun politieke overtuiging. 'Je moet hun activiteiten wel in het licht van de jaren vijftig en zestig plaatsen', waarschuwt Mulder, geciteerd door de Volkskrant. Op z'n minst. Iets meer weten over de Sovjet-Unie van de jaren dertig, Stalin, de Moskouse processen, het ontstaan van het Sovjet-blok na 1945 en het begin van de Koude Oorlog kan ook geen kwaad.

In de eerste helft van de Koude Oorlog heeft de CIA niet alleen bij de redactie van Het Parool gerecruteerd. Er is een periode geweest waarin de 007's geprobeerd hebben, de hele Westeuropese literatuur onder hun hoede te nemen. Dat is algemeen bekend, al zo lang dat het weer vergeten is. Met geld van de CIA is het Congress for Cultural Freedom opgericht. Deze organisatie publiceerde drie maandbladen voor de Westeuropese intelligentsia, Preuves, Der Monat en Encounter. Het laatste is het bekendst geworden, verdiend want het was lang geen slecht tijdschrift en ook mooi uitgegeven. Geen lezer wist dat hij op een orgaan van de CIA was geabonneerd.

Zoals de CIA wereldwijd recruteerde, zo deed de BVD het nationaal. Ik weet het zeker omdat ik twee keer door een geheime agent ben benaderd, een Hollandse jaren-vijftig uitgave van 007, met de vraag of ik de vrije wereld geheime diensten wilde bewijzen. In ruil daarvoor kon ik dan 'ruime declaraties' indienen. Door gebrek aan animo van mijn kant is het geen spannend avontuur geworden. Onder journalisten liepen in die tijd veel wilde geruchten over collega's. Van sommigen werd het als vrijwel zeker aangenomen dat ze 'voor de BVD werkten'. Ook volgens de geruchten had onze veiligheidsdienst bijzonder veel belangstelling voor degenen onder ons die naar het Oostblok gingen.

Twee soorten van belangstelling. Er waren de bij voorbaat verdachten die al extra verdacht werden als ze de ambassade van zo'n land betraden. 'Links' was volgens de maatstaven van de geheime dienst iets anders dan in de gewone politiek. Je kon een vriendelijk, conservatief, volstrekt staatsgevaarloos mens zijn maar als je in de ogen van de BVD of de CIA teveel belangstelling voor de communistische kant van de wereld toonde, was je links. Het was niet moeilijk dat te worden. Ieder land van het Warschau Pact had zijn mantelorganisaties, organiseerde schrijverscongressen, jeugdfestivals, dergelijke politieke evenementen. Harry Mulisch en Gerrit Kouwenaar kunnen mooi vertellen over zo'n congres in Boekarest. Links was je, grof gezegd, als je meer dan één keer aan de andere kant van de demarcatielijn was geweest en verzuimd had op te schrijven dat daar zo weinig auto's reden. Tussen literatuur en journalistiek werd door de BVD geen onderscheid gemaakt.

Zo was het ook mogelijk dat je bijvoorbeeld een radicaal lid van de Partij van de Arbeid was met een communistisch verleden - in politieke zin familie van Arthur Koestler. Dan was je betrouwbaar. Wie tot deze groep hoorde en een reis naar het Oostblok ondernam, kon van de veiligheidsdienst het verzoek krijgen, onderweg extra goed op te letten en wat hij niet in de krant schreef later op het hoofdkwartier te rapporteren. Zo iemand werd dus feitelijk een deeltijdspion. Dit betekende dat hij door de veiligheidsdienst in groot gevaar werd gebracht. Immers, het Rijk van het Kwaad had zijn eigen spionage en contraspionage en voor wie in Moskou als deeltijdspion van de BVD zou zijn ontmaskerd, was dat geen pretje geweest.

Meer dan op menig ander gebied heeft de Koude Oorlog in de literatuur en de journalistiek gewoed. In zekere zin is hier in die veertig jaar de eindstrijd gevoerd van de ideologische krachtmeting die met de Russische Revolutie is begonnen. Het is een lange en ingewikkelde periode die nu, in de nasleep, allerlei simplificaties met zich meebrengt. Daarom zou het goed zijn als er iets meer bekend werd over de BVD in haar verhouding tussen de journalistiek en de literatuur. Je kunt een eenvoudig aanbrengertje en een deeltijdspion niet over één kam scheren met iemand die in zijn strijdvaardige overtuiging bij Radio Free Europe betrokken was.