Weinig blijheid bij Twents ontbijt

ENSCHEDE, 19 SEPT. Ze stapten op z'n laatst om zes uur uit bed en zaten om kwart over zeven aan het ontbijt in het Muziektheater van Enschede. Maar in de forum-discussie die op het ontbijt volgde, klonken weinig opwekkende berichten. Het gaat goed met de economie van Nederland, maar Twente blijft achter.

En als de regio niet uitkijkt, zal Twente nog veel verder achterop raken, zo luidde de boodschap, die ondernemend Twente gisterochtend te horen kreeg.

Twentse ondernemers hadden zich massaal in het Enschedese Muziektheater verzameld in het kader van een ontbijtbijeenkomst, die onderzoeksbureau KPMG dit jaar voor de zevende maal in successie aansluitend aan Prinsjesdag organiseerde. Traditioneel wordt er op deze bijeenkomsten gesproken over de sociaal-economische ontwikkelingen in de eigen regio. Maar KPMG had ditmaal meer gedaan. Er was tevens een enquête gehouden, die meer zicht moest bieden op een aantal belangrijke thema's in Twente. Zo was er aan de ondernemers gevraagd wat ze vonden van de aansluiting van de Rijksweg A35 van Enschede op het Duitse achterland. Meer dan negentig procent van de ondervraagden was het ermee eens dat de hoofdstad van Twente aan een doodlopende straat komt te liggen als de A35 niet snel wordt doorgetrokken.

Het was één van de weinige vragen waarop de Twentse ondernemers een eenduidig antwoord gaven. En daarmee, zo zei discussie-voorzitter en Dagblad Tubantia-hoofdredacteur G. Driehuis, is direct het grootste probleem van Twente geschetst: de regio is al veel te lang innerlijk verdeeld. Het forum was dat met hem eens. “We weten niet wat we willen, we weten niet hoe we de landelijke groei van de economie moeten vertalen naar Twente,” zo zei M. van Hees, consultant bij KPMG. De anderen konden zich in dat standpunt vinden. Het is maar zeer de vraag of Twente het tempo van de Randstad voldoende kan bijhouden,” zei directeur H. Hazewinkel van het bouwbedrijf Kondor Wessels.

De regio kampt met een gebrekkige infrastructuur en met werkloosheidsproblemen in de steden Almelo, Hengelo en Enschede. De werkloosheid in Twente is daardoor hoger dan het landelijke gemiddelde, terwijl er bovendien een vergrijzing plaatsvindt die ook sterker is dan gemiddeld. “En dan spreekt het kabinet in de miljoenennota wel over 100.000 nieuwe banen,” aldus Hazewinkel, “maar tweederde daarvan komt tot stand door nieuwe instroom. Voor de werkgelegenheid in deze regio betekent het dus waarschijnlijk bitter weinig.” De vergrijzing was ook een vraag die KPMG in de enquête aan de Twentse ondernemers voorlegde. Iets minder dan de tweederde van de ondervraagden is van mening dat de pensioengerechtigde leeftijd verhoogd zou moeten worden tot 67 jaar.