Wedden?

Wedden dat ik het haal?'' zei mijn vriendje. We waren een jaar of tien; hij dacht dat hij over een vier meter brede sloot kon springen.

“Om hoeveel?”

“Een gulden!”

Niet alleen was dat in die tijd veel geld; ik wist ook dat hij geen gulden had. Ik overwoog. Met rotsvaste zekerheid wist ik dat hij in de sloot zou springen. Als ik ja zou zeggen - wedden dat hij het niet haalde - droeg ik een deel van de verantwoordelijkheid voor zijn natte pak. De gulden zou ik in ieder geval niet krijgen. “Nee, ik wed niet,” zei ik.

Hij sprong toch. Nat pak.

Hier zien we in een paar regels de problematiek van het wedden, gevat in de kenschets van twee soorten mensen. Die van de ene soort wedt alleen als er een grote mate van zekerheid bestaat dat de uitslag die van zijn wens is; de andere werpt zich met overmoed, optimisme, grenzeloos vertrouwen in zijn eigen geluk, een hogere macht, zijn veine, en verliest: 99 van de 100 keer. Wie tot de ene soort hoort houdt naar menselijke berekening het maximaal beheer over eigen lot; de andere vertrouwt het toe aan de stomdronken anonymus die het toeval beheert.

Wedden of niet wedden: ziedaar de vraag. Is het edeler voor de geest, te lijden onder de slingerstenen en de pijlen van het lot, of het hoofd te bieden aan een zee van plagen? (Kleine variant op de Shakespearevertaling van Burgersdijk). Dat zijn veel geciteerde regels. Whether it's nobler for the mind to suffer from the slings and arrows of outrageous fortune or to take arms against a sea of troubles. De slingerstenen enz. - daarvan kan iedereen die lang genoeg leeft verzekerd zijn - vallen niet te vermijden. Het hoofd bieden aan een zee van plagen is op zichzelf ook niet goed genoeg. Te veel mensen doen dat voornamelijk om te kunnen zwelgen in het eigen leed waarvan ze anderen de schuld geven. Dan, een enkele keer misschien, komt het lot, de fortuin, tot bedaren, 'laat zich gunstig stemmen' en verschaft u een fortuintje - te laat. Een reden extra om steen en been te klagen.

Het slot van het beroemde citaat wordt vaak vergeten: and by opposing end them. Dat is het tegendeel van wedden. Verzet dat de naam verdient is berekend, neemt natuurlijk wel risico's, maar probeert die tot het uiterste te beperken in plaats van tot het maximale op te voeren. Verzet komt voort uit redelijke overwegingen, becijfert de doelmatigheid. (Of het ontspringt aan een Du sollst en dan is het van een volstrekt andere categorie. Daar wordt dan niet meer naar het resultaat gevraagd. De daad op zichzelf volstaat en dat is hier niet aan de orde.)

Dikwijls wordt in dit postcalvinistische land het wedden nog met 'verdorvenheid' verbonden: 'het kaartspel is des duivels prentenboek'. Ik heb dat nooit begrepen. Wie in God gelooft zal ook wel zeker weten dat Hij in Zijn ondoorgrondelijke wijsheid de azen en de slechte kaarten uitdeelt. Waarom Hij dat op die manier doet weet dus Hij alleen. De speler legt meer dan wie ook zijn lot in Gods hand zodat er, godsdienstig gezien, niets mis is (zoals we tegenwoordig zeggen) met het opstrijken van de volle winst. Bijgevolg zal de verliezer zijn lot als een straf geduldig moeten dragen; niet de opstandige Job uithangen. Ik kan me geen godsdienstige logica voorstellen (überhaupt niet, maar zeker niet in dit geval) waarin winst uit een kansspel als straf wordt opgevat tenzij misschien indirect: als de winnaar met zijn geld zich allerlei zondige dingen veroorlooft en zich, inderdaad, met de volle winst in het verderf stort.

Gemeten naar de maatstaven van de profane rede wordt degene die wedt, de speler, beheerst door een lijdelijk optimisme. Hij heeft er wel allerlei smoesjes voor, kansberekeningen, systemen, miljoenenstudies, maar hij heeft zichzelf, in het uiterste geval zelfs letterlijk, met zijn hele hebben en houen overgedragen aan het toeval. Het is niet van groot belang om dit te weten, maar dit strijkt mij tegen de haren.

Voor wie met wedden, of met de hulp van het toeval in het algemeen, rijk wil worden, is er overigens een oplossing die enorme winsten garandeert: láten wedden, zelf een loterij beginnen. Het is een van de beste manieren om de fortuin voor je kar te spannen. Voor de gesteldheid van de speler is het veelzeggend dat hij nooit op dit idee komt.