Koerden-leider Barzani moet spitsroeden lopen

ANKARA, 19 SEPT. Voor de nieuwe Iraaks-Koerdische leider, Masoud Barzani, wordt het spitsroeden lopen de komende tijd. Dat is het beeld na een dag van intensieve besprekingen gisteren in Ankara met de Turkse minister van buitenlandse zaken, Tansu Çiller en de Amerikaanse onderminister van buitenlandse zaken, Robert Pelletreau.

Ankara drong er bij de leider van de Koerdische Democratische Partij (KDP) op aan om niet op eigen houtje te sleutelen aan de toekomstige status van de Koerden in Irak, maar dat in samenspraak met Bagdad te regelen. Een regionale regering in Iraaks-Koerdistan is voor Turkije slechts aanvaardbaar als tusenoplossing. “Zolang het machtsvacuum in Noord-Irak voortduurt”, aldus Çiller.

Washington daarentegen wil juist dat de Iraakse-Koerden de hernieuwde banden met Saddam Hussein verbreken en de aandacht in eerste instantie richten op de interne vrede in Noord-Irak. De KDP van Barzani en de rivaliserende Patriottische Unie van Koerdistan (PUK) van Calal Talabani moeten opnieuw rond de tafel, aldus de VS. Het idee is dat, als de Iraakse-Koerden hun gelederen sluiten, ze niet langer een speelbal zijn in de handen van de omringende landen: Turkije, Iran, Syrie en Irak zelf.

Barzani verdreef eerder deze maand met behulp van troepen van de Iraakse dictator Saddam Hussein zijn rivaal, de door Iran gesteunde PUK, uit het de facto onafhankelijk Noord-Irak. Daarmee is een nieuw machtsevenwicht in de regio ontstaan, waardoor zowel de Amerikanen, de belangrijkste Westerse bondgenoot van de Iraakse Koerden, als het buurland Turkije zijn gedwongen de relaties met Noord-Irak opnieuw te bezien. Ook Bagdad roert zich. Het is Saddam Hussein er veel aan gelegen om zijn kortstondige militaire bondgenootschap met de KDP van Barzani om te zetten in een politieke overeenkomst met de Iraakse-Koerden.

Als gevolg van zijn nieuwe status van alleenheerser in Noord-Irak presenteerde Barzani zich gisteren niet langer als een militia-leider maar als een staatsman in Ankara. Hij had zijn pesgmerga-kleding, de dracht van de Koerdische strijders die hij thuis placht te dragen, afgelegd. En hij liet zich omringd door lijfwachten en politieke adviseurs in een zwarte mercedes over de Turks-Iraakse grens vervoeren. Vanuit Diyarbakir, de grootste stad in zuidoost-Turkije, werd hij vervolgens met een militair toestel naar Ankara overgevlogen. Aan de pers had Barzani gisteren geen boodschap. De Turkse televisiekanalen waren slechts in staat om 30 seconden aan beelden te tonen van de ruim anderhalf uur durende ontmoeting tussen Barzani en de Turkse vrouwelijke minister van buitenlandse zaken, Çiller. De vijf uur durende bijeenkomst met de Amerikaanse onderminister, Pelletreau, vond zelfs in het diepste geheim plaats.

De tegenstrijdige boodschappen die Turkije en de VS aan Barzani hebben overgebracht, zijn het gevolg van de tegenstrijdige belangen van de beide NAVO-partners in deze regio. Ankara heeft in de strijd tegen de eigen Turks-Koerdische separatisten van de PKK vooral belang bij stabiliteit in Noord-Irak. De PKK opereert nu op grote schaal vanuit de Iraakse grensstreek zonder dat de KDP van Barzani daar voldoende tegen optreedt. In Turkije bestaat de indruk dat daarin ook geen verandering komt zolang de Koerden het in Noord-Irak voor het zeggen hebben. Ankara zou dan ook het liefst zien dat het bewind in Bagdad de controle over de Koerdische regio weer overneemt.

Çiller heeft in haar gesprek met Barzani duidelijk gemaakt dat zolang daarvan nog geen sprake is, de Iraakse-Koerden aan drie vooraarden moeten voldoen, willen ze kunnen blijven rekenen op een enige steun van Turkije: - verdrijf de PKK uit de regio of anders zullen de Turkse militairen dat zelf doen in de vorm van de instelling van een veiligheidszone in Noord-Irak; - geef de Turkmenen, een omvangrijke minderheid in Irak, een evenredige status in de nieuwe lokale administratie, en - vergeet het idee van een federatief Iraaks-Koerdistan. Ankara vreest dat dit de Turkse Koerden zal inspireren om hetzelfde af te dwingen.

De VS zitten evenwel op een hele andere toer. Enerzijds zijn ze uit op de handhaving van het bestaande machtsevenwicht in de regio, waardoor de soevereiniteit van Irak gehandhaafd moet blijven. Maar anderzijds is het streven er nog steeds op gericht om Saddam Hussein uit het zadel te wippen. En in de afgelopen jaren hebben ze het de facto onafhankelijke Noord-Irak van de Koerden als sprinkplank gebruikt om dat te bewerkstelligen.

De Iraakse-Koerden ervaren steeds sterker dat ze vermorselt raken tussen die twee belangen. De VS geven hun slechts bescherming, zonder enige garanties voor een toekomstige oplossing van het vraagstuk van de Iraakse Koerden. “We zijn de vijanden van Irak, maar tegelijkertijd worden we gedwongen in Irak te leven”, zo omschreef Barzani eerder deze maand dit dilemma.

Naar verluidt zou de KDP-leider aan de Amerikanen in Ankara hebben laten weten dat ook hij er op uit is om Saddam Hussein uit Noord-Irak te houden. In ruil daarvoor verwacht hij ongetwijfeld meer contructieve steun van Washington wat betreft de voortdurende inmening van Turkse en Iraanse troepen in zijn gebied. Gebeurt dit niet dan, zo is in de afgelopen weken genoegelijk duidelijk geworden, dan zal Barzani niet schromen om opnieuw met Bagad in zee te gaan.

    • Froukje Santing