Duitsers ruziën over terugkeer Bosniërs

Op een speciale bijeenkomst in Bonn praten de ministers van binnenlandse zaken van de Duitse deelstaten vandaag met bondsminister Kanther over het gedwongen terugsturen van Bosnische vluchtelingen. Op een bijeenkomst in mei van dit jaar eisten de ministers een uitspraak van Kanther over de vraag wanneer de ca. 330.000 Bosniërs in Duitsland veilig naar hun land zouden kunnen terugkeren.

Kanther noemde aanvankelijk 1 juli, maar verschoof die datum naar 1 oktober als gevolg van de toenemende spanningen in Bosnië.

De deelstaten verschillen van mening over deze datum. Vooral in enkele sociaal-democratisch geregeerde deelstaten vraagt men zich af of 1 oktober niet te vroeg is. De regering in Hessen heeft al gezegd voorlopig niemand gedwongen terug te sturen. Ook de regeringen van Sleeswijk-Holstein en Noordrijn-Westfalen willen de situatie in het komend voorjaar afwachten.

De ministers van binnenlandse zaken van Nedersaksen, de SPD-er Glogowski, en van Beieren, de christen-democraat Beckstein, zijn na een bezoek aan Bosnië tot de conclusie gekomen dat terugkeer onder voorwaarden mogelijk is.

Over die voorwaarden bestaat nog enige onduidelijkheid. Aanvankelijk was het de bedoeling te beginnen met alleenstaanden en kinderloze paren en pas vanaf zomer 1997 ook echtparen met kinderen. Maar dat bleek, met het oog op de verschillende omstandigheden in de diverse gebieden in Bosnië, een te simpel voorstel. Het lijkt erop dat de ministers nu in navolging van het Hoge commissariaat voor de vluchtelingen van de VN (de UNHCR) rekening willen houden met de regionale en ethnisch-religieuze herkomst van de vluchtelingen. Probleem is echter dat die bij binnenkomst van de vluchtelingen niet is geregistreerd. Naar schattingen zou ongeveer de helft van de vluchtelingen afkomstig zijn uit het Servische gebied. En de Servische machthebbers staan terugkeer van de vluchtelingen, tegen de afspraken van het Dayton-akkoord in, niet toe. Bondsminister Kanther weigert een financiële tegemoetkoming die door de Bosnische regering wordt geëist voor iedere terugkerende vluchteling. Ook gaat hij niet akkoord met de door de Bosniërs gewenste bemoeienis met de keuze van degenen die terugkeren.

Vluchtelingenorganisaties vinden dat de Duitse regering de datum van 1 oktober moet intrekken, omdat de huidige situatie in Bosnië terugkeer onmogelijk zou maken. Zij bekritiseren bovendien het overheidsbeleid tot nu toe. De regering had het geld dat nu uitsluitend gebruikt is voor de opvang en de sociale ondersteuning van de vluchtelingen, naar schatting 15 miljard Mark, beter benut had kunnen worden voor hulp bij vrijwillige terugkeer.