De filmregisseur als dienstmeid

Filmliefhebbers van Nederland! Er bestaan veel tv-programma's over film, en ze zijn bijna allemaal buitengewoon slecht. Doorgaans krijgen we in die programma's een slordige verzameling fragmenten uit nieuwe films aangeboden, aan elkaar gepraat door een loopjongen van de filmindustrie. Als die loopjongen erg hard wil lopen, mag hij af en toe ook een wezenloos interviewtje met een geblaseerde filmster maken.

Deze filmprogramma's lijken allemaal op elkaar: dezelfde fragmenten, dezelfde filmsterren. Gelukkig is er één uitzondering, en nog wel op de Nederlandse tv, zij het erg laat en slechts een keer per maand. De VPRO heeft zijn filmprogramma Stardust dit seizoen ondergebracht in het kunstprogramma VPRO-Laat, dat omstreeks middernacht op woensdag wordt uitgezonden.

Stardust trok vorig seizoen als tweewekelijks programma op de vrijdag weinig kijkers, en ik vrees dat dit er op het nieuwe tijdstip niet beter op zal worden. Stardust, gemaakt door Bram van Splunteren en Harry Hosman, verdient een groter publiek. Het is geen elitair programma over artfilms, het mikt eerder op de betere publieksfilm. Meestal gebeurt dat in de vorm van vrij lange interviews met regisseurs.

Alan J. Pakula was voor mij nooit veel meer dan een naam: de maker van onder andere Klute - met Chinatown en Bullitt mijn favoriete thriller - , All the President's Men, Sophie's Choice en Presumed Innocent. Geen briljant regisseur, maar wel een uiterst bekwame: iemand die steeds een vrij groot publiek weet te bereiken zonder rotzooi te maken. Opeens kreeg deze bekende regisseursnaam gisteravond voor mij een gezicht dankzij het uitvoerige interview dat Van Splunteren met hem maakte.

Pakula bleek een rustige, tamelijk bescheiden man met een nuchtere, soms ietwat ontnuchterende, blik op de filmwereld. Hij hekelde een groot deel van de huidige filmkunst. “Het heeft de subtiliteit van een voorhamer. De kijkers raken afgestompt, het publiek moet steeds harder om de oren worden geslagen om gevoelens boven te krijgen. Mensen als Scorsese en Tarantino doen dat briljant, maar bij anderen wordt het gecomputeriseerde actieporno.”

Hij liet merken dat de macht van de filmster te groot is geworden. De sterren van weleer, zoals Gable en Bogart, kregen nog geen aandeel in de opbrengst. Tegenwoordig worden de budgetten tot krankzinnige hoogte opgedreven door de gages. “De filmmaatschappijen vinden de sterren belangrijker dan de regisseurs, uitgezonderd Spielberg”, zei Pakula. “Als regisseur word je de dienstmeid van de ster. Je moet machiavelliaanse allure hebben om te slagen als regisseur.”

Dat zei iemand die befaamd is geworden om zijn casting: Meryl Streep in Sophie's Choice, Redford en Hoffman als Woodward en Bernstein. Pakula: “Casting is drie-kwart van het regisseurswerk. Het is intuïtie.”

Belangwekkend in deze aflevering van Stardust was ook het portret van de Deense filmer Lars von Trier door Harry Hosman. Hij kwam niet zelf aan het woord, maar een kenner van zijn werk, de journalist Stig Björkman, vertelde veel interessants over hem. Von Trier bleek een bezeten filmmaker, gekweld door fobieën (van plein- tot hoogtevrees) en geobsedeerd door de joodse afkomst van zijn vader, over wie zijn moeder op haar sterfbed onthulde dat het niet zijn biologische vader was.

De jongens van Stardust kregen mij (en hopelijk vele anderen ) waar ze me hebben wilden: ik ga zo snel mogelijk Von Triers nieuwe film Breaking the Waves zien. Kijk, daar is nou zo'n filmprogramma voor.