IOC-directeur kreeg 12 miljoen zwijggeld

BERLIJN, 18 SEPT. Het ontslag van directeur Monique Berlioux in 1985 heeft het Internationaal Olympisch Comité (IOC) meer dan twaalf miljoen gulden gekost. De Française kon niet overweg met voorzitter Juan Antonio Samaranch. Berlioux ontving een miljoen dollar ineens en daarna gedurende 42 maanden nog eens 150.000 dollar per maand.

De bedragen zijn afkomstig uit rapporten van de Staatssicherheitsdienst in de voormalige DDR. De Berliner Zeiting maakte de bedragen deze week openbaar. Berlioux zou bovendien de rest van haar leven op kosten van het IOC auto mogen rijden alsmede haar recht op pensioen behouden.

De informatie kwam terecht in de dossiers door toedoen van K.H. Wehr, secretaris-generaal van de wereld-amateurboksbond AIBA, die destijds onder de naam Meeuw informeel medewerker van de Stasi was. Wehr beriep zich op gesprekken met A. Chowdry, tegenwoordig zijn voorzitter en destijds werkzaam voor Adidas.

In de beginjaren tachtig streden Parijs en Barcelona om de gunst van het IOC als kandidaat-organisator van de Olympische Spelen in 1992. De verkiezing, waaraan ook Amsterdam meedeed, werd in 1986 gehouden. Berlioux, persvoorlichter en directeur in het IOC-hoofdkwartier in Lausanne, lobbyde voor Parijs. Zij zou voorzitter van het organisatiecomité van Parijs worden. Samaranch en Adidas-eigenaar H. Dassler waren voorstander van Barcelona.

Berlioux kreeg haar ontslag tijdens een algemene ledenvergadering van het IOC in Oost-Berlijn in juni 1985. De scheiding was met haar afgesproken. Zij zou zich in woord en gebaar nooit negatief uitlaten over het IOC. Dat heeft zij sindsdien ook nooit gedaan. Haar aangekondigde memoires verschenen niet.

Berlioux was vanaf 1967 in dienst van het IOC. Zij ontwikkelde gedurende haar carrière veel macht en gezag. Vanaf 1980 - toen Samaranch gekozen werd - kwam zij voortdurend in aanvaring met de Spaanse voorzitter. (ANP)