De blokkenist en het bijdehandse voorpaard

Mijn Prinsjesdag begon slecht. Ik zet 's middags de tv aan en het eerste wat ik verslaggeefster Betty Lamers hoor zeggen, is: “Wat de koningin aan zal hebben, verklappen we nog even niet.”

Dat was even slikken. Hoezo niet? De (aan)kleding van de koningin, daar doe je het als kijker op zo'n dag toch vooral voor? De troonrede en de commentaren lees je 's avonds wel in de krant. Zelfs het hoedengevecht van de vrouwelijke bewindslieden blijft in de schaduw van de koninklijke outfit. (Mevrouw Terpstra won dit gevecht later overigens glansrijk, niet alleen omdat zij een hoed had gevonden die haar hele schedel omspande - wat op zich al een prestatie van formaat is - maar vooral omdat zij er ontspannen onder bleef glimlachen, dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld mevrouw Sorgdrager wier hoed iets te diep over haar ogen was gezakt, zodat we aan haar benarde blik konden zien dat ze voortdurend aan haar hoed moest denken).

De keiharde beslissing van Betty Lamers betekende dat de kijker de hele rijtoer door Den Haag moest volgen. Dat is hard werken.

Eerst werd er nog een filmpje vertoond over de kapitein H. Kruishaar, 'algemeen regelingsofficier van de ceremonieën'. Ik had nooit van H. Kruishaar gehoord, hoewel het toch een naam is die je niet snel vergeet, maar het bleek een fantastische man. Hij bracht Prinsjesdag in enkele zinnen tot zijn essentie terug.

“Waar gaat het allemaal om?” baste hij. “Die koetsier moet zijn paarden soepeltjes kunnen laten lopen. Als het te langzaam gaat, zit die man met gekromde tenen.”

Terwijl hij dit zei, inspecteerde hij zijn troepen, in dit geval 'de studenteneenheden', zijn 'zorgenkindje', omdat ze zo weinig ervaring met exerceren hebben. Gelukkig kon een commentaarstem melden: “Kruishaar is tevreden.” “Er is al zoveel ceremonieel over de blommen geholpen”, legde Kruishaar uit, “dat het beetje dat we hebben, moet blijven. Ik vind ook dat de koningin de troonrede moet blijven uitspreken.”

Je moet er op zo'n dag wat voor doen als kijker, maar het loont uiteindelijk. Je hoort alleen maar dingen die je tevoren niet of nauwelijks wist. Wie kende de uitdrukking: “Over de blommen helpen?” Wie wist wat een 'blokkenist' is? Een blokkenist is 'de man die een blokje achter de wielen van het rijtuig plaatst als het koninklijk paar uitstapt'.

De teksten van Betty Lamers en haar co-commentator Maarten Slingenberg bevatten zoveel van zulke treffende details en deskundige waarnemingen, dat het leek alsof ze rechtstreeks uit de koker van de Rijksvoorlichtingsdienst kwamen. Ik stel me voor dat achter de twee NOS-commentatoren een nerveus ploegje RVD-voorlichters stond dat telkens nieuwe tekstblaadjes fourneerde.

Dan las Betty weer voor: “Had ik u al verteld dat het tuig van het achtspan helemaal nieuw is? Het leer was bijna honderd jaar oud, en het is afgelopen jaar vervangen, een tuigmakerij in België heeft nieuw tuig gemaakt. Uiteraard zijn alle ornamenten, het zogenaamd groot gala-tuigage uit 1880, overgezet op dat nieuwe leer.”

Betty had dit inderdaad al eerder verteld, maar het hinderde niet: de kijker naar Prinsjesdag raakt, sneller dan hij verwacht had, verslaafd aan zulke teksten.

En daar zwenkte de gouden koets, eindelijk, langs het Mauritshuis! “Dat is altijd even manoeuvreren, want het is smal daar”, zei Betty. “De poorten liggen niet exact in één lijn”, wist Slingenberg, “dus er moet voor de tweede poort wat bijgestuurd worden, en daarom is vooral de postiljon op het bijdehandse voorpaard erg belangrijk, hij geeft de goede richting aan die de rest kan volgen.”

Het grote moment was aangebroken. Betty Lamers mocht het van de RVD toch nog voorlezen: “Hare Majesteit de Koningin draagt een japon van bordeaux-kleurige kant op een fond van wilde zijde, eigenlijk zijde in satijnweefsel, donkerrood, alles ton sur ton, zeg maar dezelfde kleur in verschillende kleurstellingen, een klein hoedje, een toque, zonder rand, gegarneerd met hanenveertjes.”

Het wás prachtig, en het bleek precies bij de stoel te passen.