Zwitserse kluizen open om keurig imago te redden

BERN, 17 SEPT. Het land van het legendarische bankgeheim en de neutraliteit heeft het hoofd in de schoot gelegd. De Zwitserse regering, die gisteren de aandacht van de wereld op zich vestigde met de aangekondigde slacht van 230.000 koeien, stemde ook in met een diepgaand onderzoek naar de rol die Zwitserland heeft gespeeld als financieel centrum voor Nazi-Duitsland.

De geheimhoudingsplicht van banken wordt opzij geschoven om na te gaan hoeveel Nazi-goud er in Zwitserse kluizen ligt opgetast en hoe het daar is terechtgekomen. Daarmee hopen de Zwitsers een eind te hebben gemaakt aan een affaire die het schone, discrete en keurige imago van het land veel schade heeft gedaan.

Een commissie van historici, financieel deskundigen en juristen zal de zaak uitpluizen, maar voor de Zwitsers zijn de druiven zuur. Al enkele dagen wordt in de Zwitserse pers gesuggereerd dat Britse en Amerikaanse banken de affaire nieuw leven hebben ingeblazen om de Zwitserse concurrentie een hak te zetten. De Zwitserse minister van Buitenlandse Zaken, Flavio Cotti, sprak gisteren tegenover de verzamelde wereldpers van een “zware buitenlandse aanval” die “uiterst serieus moet worden genomen”. “Het Zwitserse imago heeft door de beschuldigingen zonder twijfel zware schade opgelopen”, erkende de minister.

Cotti haalde fel uit naar de Britse pers die de feiten rond het Nazi-goud uit hun verband zou hebben gerukt. Ook sommige Zwitserse media hebben zich in de afgelopen dagen echter laten gelden met onder meer kleurrijke collages van glimmende goudstaven tegen een achtergrond van hakenkruisen.

Vanochtend daarentegen hebben de toonaangevende dagbladen het nieuws over het wetsvoorstel uiterst koel gepresenteerd. In de ochtendkranten drukte het nieuws over de regeringsplannen voor het afmaken van de Zwitserse koeien berichten over het Nazi-goud naar de marge of zelfs helemaal van de voorpagina af.

“De beschuldigingen waren zwaar, maar zeker niet nieuw”, schrijft het Liberale dagblad Der Bund in een commentaar. Van de waarheid rond 'Finanzplatz Schweiz' zouden tot nu toe alleen maar brokstukken bekend zijn.

Pagina 18: Zwitsers opgetogen over besluit Bern

De slachtoffers hebben recht op de waarheid en bovendien, meent Der Bund, is het in belang van Zwitserland zelf de beschuldigingen te onderzoeken. Rolf Bloch, voorzitter van de Schweizerischer Israelitischer Gemeindebund, het politieke verbond voor joden in Zwitserland, heeft vanmorgen enthousiast gereageerd op het regeringsbesluit. “Dit betekent een belangrijke stap voorwaarts”, zegt hij. “De Zwitserse regering laat hiermee zien dat zij licht wil werpen op hetgeen er voor, tijdens en na de oorlog in Zwitserland is gebeurd. Ik geloof niet dat we nu de volledige waarheid boven tafel krijgen, maar 90 procent moet haalbaar zijn.” Bloch is ervan overtuigd dat het Zwitserse parlement zonder veel problemen zal instemmen met het regeringsonderzoek.

Ook andere Zwitsers tonen zich opgetogen dat de Regering bereid lijkt openheid van zaken te geven. “Politie en justitie hebben het wereldwijd moeilijk met de bestrijding van misdaad en criminaliteit” zegt de Zwitserse zakenman A. Girschweiler in het vliegtuig van Bazel naar Bern. “Als de banken daaraan kunnen bijdragen zijn ze daartoe eigenlijk verplicht. Als dat klanten kost zullen ze dat op de koop toe moeten nemen. Eerlijke rekeninghouders hebben toch niets te vrezen?” Dit weekeinde nog publiceerden toonaangevende dagbladen paginagrote verhalen waarin de misverstanden worden rechtgezet die de Britten omtrent het 'NaziRaubgold' de wereld zouden hebben ingestuurd. Het bedrag van 500 miljoen dollar, dat volgens Britse ministerie van Buitenlandse zaken aan het einde van de Tweede Wereldoorlog door de Nazi's in Zwitserland was ondergebracht, is een oud cijfer, dat bovendien berust op een misverstand, zo betoogt de Zürcher Zeitung.

Dat misverstand dateert volgens de krant van de onderhandelingen, die Amerika, Engeland en Frankrijk kort na de Tweede Wereldoorlog met de Zwitsers hebben gevoerd. Daarin zou een Zwitserse afgevaardigde zich het bedrag van 500 miljoen dollar per abuis hebben laten ontvallen. Hij zou bovendien niet over dollars, maar over Zwitserse franken hebben gesproken. President Hans Meyer van de Zwitserse centrale bank sloot zich gisteren aan bij deze lezing van de feiten.

Nieuwe of gedateerde gegevens, misverstanden of niet, het onderzoek van het Britse ministerie van buitenlandse zaken heeft zijn uitwerking gehad. De Zwitsers zijn gezwicht voor de buitenlandse druk. Het Zwitserse bankgeheim, in 1934 in het leven geroepen om joodse vermogens te beschermen die hun bezittingen uit Duitsland hadden weggesluisd, wordt beknot. De Zwitserse regering lijkt vastbesloten “het lot te achterhalen van alle bezittingen die Zwitserland zijn binnengekomen als gevolg van de heerschappij van de Nazi's”, zoals zij het gisteren uitdrukte.

Het nieuwe onderzoek naar de rol van Zwitserland als financieel centrum sluit volgens Bloch van de Schweizerischer Israelitischer Gemeindebund aan bij een eerder akkoord waarover de Zwitserse regering op 8 mei van dit jaar overeenstemming had bereikt met het Joods Wereldcongres en de Zwitserse Vereniging van Banken. Daarin werd al een grondig en snel onderzoek aangekondigd.

Een schrale troost is het voor de Zwitsers dat het niet voor het eerst is dat het front voor handhaving van het bankgeheim is gebroken. Eerder slaagde de Fillippijnse regering erin miljoenen terug te vorderen die oud-president Ferdinand Marcos in Zwitserland had ondergebracht.

Bovendien verleent Zwitserland al enige tijd medewerking aan buitenlandse justitiële onderzoeken. Banken die onder verdenking staan van witwassen zijn expliciet uitgesloten van het bankgeheim en medio juni verleende de Zwitserse regering haar goedkeuring aan een conceptwetsvoorstel dat managers van banken voortaan verplicht verdachte transacties te rapporteren.

    • Michiel van Nieuwstadt