'Syrië maakt weer duidelijk wie in Libanon de baas is'

De algemene verkiezingen in Libanon, gespreid over de afgelopen vijf weekeinden, hebben een parlement opgeleverd met bijna alleen pro-Syrische afgevaardigden. Maar de regels in Libanon worden dan ook in Damascus bepaald, aldus de Libanese politicoloog Paul Salem.

BEIROET, 17 SEPT. “De parlementsverkiezingen hebben nooit echt de loop van de Libanese geschiedenis veranderd. En vandaag, met de zeer sterke buitenlandse (Syrische, red.) invloed in ons land, is dat meer nog dan vroeger het geval. Zelfs de Libanese regering heeft nu in regionale kwesties niets in de melk te brokkelen.” Aldus Paul Salem, hoogleraar politieke wetenschappen aan de American University of Beirut.

De Grieks-orthodoxe Salem (40) is zelf benaderd voor een plaats op een lijst in het noorden. “Ik heb dat aanbod afgewezen, maar het is niet de bedoeling om aan de kant te blijven staan - misschien waag ik mijn kans in 2000.”

Vanaf het begin van het verkiezingsproces viel de vijandige opstelling van de regering en de pro-Syrische, shi'itische organisatie Amal van parlementsvoorzitter Nabih Berri tegenover de pro-Iraanse fundamentalistisch-shi'itische beweging Hezbollah op. Tijdens de eerste drie verkiezingsronden bleven de Syriërs toekijken, en verloor Hezbollah zijn zetels; pas in de laatste twee ronden, in Zuid-Libanon en de Beka'a-vallei, greep Damascus in en bewerkstelligde het dat alsnog in totaal zeven Hezbollahi als parlementslid werden gekozen - een minder dan in het oude parlement. Salem: “De houding van de Syriërs moet Hezbollah duidelijk maken wie er de baas is (..) Hezbollah weet nu dat zijn rol en acties in Libanon onder voogdij staan en dat het de zaken niet in eigen hand mag nemen. De 'Partij van God' krijgt haar aantal zetels in het parlement van de heersende machten; dat wordt niet door haar eigen inspanningen of populariteit bepaald.” “De Syriërs blijven alles onder controle houden, voor het geval er een akkoord komt met Israel - zij zijn alvast in Libanon, klaar voor een regeling.”

“De internationale gemeenschap en in het bijzonder de VS moeten weten dat Syrië en Libanon Hezbollah zeker willen in stand houden - 'het verzet' - maar dat zij de beweging ook in toom kunnen houden en controleren, en dat zij dat ook van plan zijn. Deze boodschap vormt deel van het onderhandelingsproces.” “En natuurlijk is de boodschap ook voor Iran bestemd: wij zijn vrienden en bondgenoten, maar Libanon is ònze invloedssfeer en wij bepalen daar de gang van zaken.”

Maar ook premier Hariri zelf en zijn huidige bondgenoot Berri hebben tijdens de verkiezingen moeten inbinden. “Natuurlijk, en ik denk dat dat opgaat voor alle politieke krachen in Libanon - ze worden er telkens weer op gewezen dat de regels in Damascus worden bepaald en dat zij daar hun steun moeten zoeken, ook om lokaal iets gedaan te krijgen. En dat gaat zeker ook op voor Hariri; dit Syrische spel om de politieke macht van alle blokken in Libanon beperkt te houden, vormt namelijk de regel.”

Premier Hariri was zelf kandidaat in Beiroet omdat hij in het zuiden - waarvandaan hij afkomstig is - te zwak staat. Het zuiden is in grote mate shi'itisch, en hij is een sunniet. “Hij deed het nogal goed in deze verkiezingen, maar toch lang niet zo goed als hij zelf wel had gewild en verwacht. De meeste oppositiefiguren uit Beiroet, zoals ex-premier Selim al-Hoss, haalden het en hun oppositie tegen zijn plannen voor Beiroet zal dus voortduren in het parlement. Zo gaat dit spel, en het wordt gespeeld met alle gemeenschappen. Neem Berri, hij deed het erg goed in het zuiden. Maar in de Beka'a wordt zijn voorganger als parlementsvoorzitter, Hussein Husseini, nu opnieuw naar voren geschoven door de Syriërs als een mogelijke shi'itische uitdager. Ook Berri moet dus in de pas blijven lopen.”

Hariri had een eigen lijst in deze verkiezingen: wat was zijn bedoeling? “Ik denk dat het zijn belangrijkste bedoeling was voor zichzelf een politieke basis te scheppen voor de toekomst, zodat hij alle mogelijke politieke veranderingen kan overleven.”

“De meeste van zijn projecten hebben te maken met het snelle herstel van Beiroet als economisch centrum van Libanon, dat opnieuw één van de grote spelers in de regio en in de wereldeconomie moet worden. Zijn plan is gebaseerd op de verwachting van een vredesakkoord, de regering investeert zoveel geld in de wederopbouw van Beiroet dat die kosten zeer snel moeten worden terugverdiend. Als de vrede lang uitblijft, zit het land binnenkort aan de grond, want de schuldenlast zal niet meer te dragen zijn. Vrede is voor de regering Hairiri met andere woorden een bittere economische noodzaak geworden en het is ook een kwestie van politiek overleven.”

Hezbollah is tegen vrede gekant. Kan de beweging Hariri op indirecte wijze misschien toch klein krijgen? “We moeten zijn macht niet overschatten. Hezbollah vertegenwoordigt 140 à 150.000 mensen op 3,5 miljoen, niet zoveel dus. Ze zijn goed georganiseerd, maar niet erg representatief. De vraag is veeleer: wat zal Iran doen als er een vredesakkoord komt met Israel?

Onder de bevolking is natuurlijk oppositie tegen zo'n akkoord, maar er wordt algemeen verwacht dat de publieke opinie gewoon zal aanvaarden dat er vrede komt onder voorwaarden die de Libanese en Syrische regeringen hebben bekendgemaakt. Het verzet zal niet onbeheersbaar escaleren. Maar eerst moet Syrië de Hoogvlakte van Golan terugkrijgen, en dan komt pas het zuiden van Libanon. Die bal ligt voor lange tijd in het kamp van de israelische premier Netanyahu'', vreest Salem.

Naast de fundamentalisten zijn er ook de seculiere islamitische en christelijke oppositiegroepen. “De meesten wilden nu wel vechten binnen de instellingen, en aanvaarden dus de status quo. Zij vormen groepen in het parlement en willen als 'loyale oppositie' functioneren en het regeringsbeleid hervormen en bijsturen. Zij vinden dat er dringend aan welvaartsspreiding moet worden gedaan. Volgens hen moet Hariri niet uitsluitend in de bruggen en wegen van Beiroet investeren, maar in scholen en ziekenhuizen en in sociale woningbouw. Deze oppositie heeft nu nogmaals ervaren dat zij dringend aan een samenhangend programma moet werken en dat zij erg slecht georganiseerd is. Dat alles moet worden bijgestuurd, wil zij in 2000 meer kans maken.”

“Deze verkiezingen hebben de machthebbers bevestigd in hun positie, maar de afstand tussen hen en de oppositie is nog groter geworden”, waarschuwt Salem. “De regerende politici hebben, omdat zij in grote mate onzeker zijn, op zo'n schaal de verkiezingen 'gefabriceerd' dat haast alle oppositiepolitici uit het parlement gesloten zijn. De pro-Syrische politici en Hariri hebben de verkiezingen gewonnen, maar er is een massa oppositiestemmen uitgebracht, die niet in een passend aantal parlementszetels zijn vertaald. We komen dus terecht in een periode waarin er een sterke regeringsgroep optreedt tegenover een versterkte oppositie die buiten de instellingen is gehouden, en de meerderheid zal dus zeker in botsing komen met die buitenparlementaire oppositie.”