Nederlands-Antilliaanse en Arubaanse Zaken; Gezondere financiën voor Antillen

Minister Voorhoeve (Antilliaanse en Arubaanse Zaken) streeft de komende jaren in de overzeese Koninkrijksdelen vooral naar de gezondmaking van de financiën, de aanpak van de sociale achterstanden en de verbetering van de rechtshandhaving.

In de memorie van toelichting bij de begroting schrijft de minister dat het onder controle krijgen van de uit de hand gelopen overheidsfinanciën met name in de Nederlandse Antillen de absolute prioriteit heeft. Het gezamenlijke tekort van de Nederlandse Antillen en de afzonderlijke eilandgebieden Curaçao, Bonaire, St. Eustatius, Saba en St. Maarten bedroeg in 1995 ruim 200 miljoen gulden. De totale begroting voor Nederlands-Antilliaanse en Arubaanse zaken bedraagt het komend jaar ruim 300 honderd miljoen gulden.

De maatregelen opgesomd in het rapport Schuld of Toekomst, opgesteld door de Commissie-Van Lennep, en het zogenoemde Structureel Aanpassingsprogramma (SAP) moeten het uiteindelijk mogelijk maken in 1999 een sluitende begroting te krijgen. Over het aanpassingsprogramma bereikte de regering van de Nederlandse Antillen in mei dit jaar overeenstemming met het Internationaal Monetair Fonds. Doel is behalve een “duurzame verbetering” van de overheidsfinanciën, het versterken van het vertrouwen in de overheid en het verstevigen van de deviezenpositie van het land. Deze doelen wil men bereiken door maatregelen op het gebied van begrotingsbeleid en -beheer, schuldenbeleid, arbeidsvoorwaarden, belastingen, privatisering van overheidsbedrijven, arbeidsmarktbeleid en kostenbeheersing in de gezondheidszorg.

De Nederlandse regering heeft zich bereid verklaard de Nederlandse Antillen op drie manieren bij te staan: de komende drie tot vijf jaar wordt 75 miljoen gulden uitgetrokken voor een sociaal noodprogramma, bedoeld als vangnet voor mensen die in de knel komen door de maatregelen van het structureel aanpassingsprogramma. Verder heeft Nederland zich bereid verklaard garant te staan voor een stand-by krediet van De Nederlandsche Bank ter grootte van 100 miljoen gulden. Mocht de Bank van de Nederlandse Antillen niet in staat blijken die lening terug te betalen, dan zal dat gevolgen hebben voor de begroting van het Kabinet Nederlands-Antilliaanse en Arubaanse zaken: projecten zullen worden opgeschort. De laatste toezegging van Nederland betreft het herfinancieren van de aflossingsverplichting van de Nederlandse Antillen aan Nederland ter grootte van 96,4 miljoen gulden.

De bemoeienis van Nederland met de beide andere landen van het Koninkrijk, de Nederlandse Antillen en Aruba, die in de vorige kabinetsperiode al werd geïntensiveerd, zal verder toenemen. Dit zal vooral blijken uit het opvoeren van het aantal deskundigen dat op de eilanden bijstand zal verlenen. Deze bijstand moet bovendien niet langer projectgebonden zijn, maar een structureel karakter krijgen. Vorig jaar werd aan “uitzendingen” in totaal ongeveer 170 miljoen gulden uitgegeven.