Het staatshoofd

Als het hoofdartikel van afgelopen zaterdag over de rol van de koningin ook aandacht had besteed aan het feit dat zich in België gelijktijdig eenzelfde discussie heeft ontwikkeld (over het ongebruikelijk ingrijpen van de Belgische koning in de affaire van de kindermoorden) dan was duidelijk geworden dat de factor die dáár de enige rol heeft gespeeld is: het nemen van ruimte door de koning.

Hij werd kennelijk geleid door het 'Fingerspitzengefühl voor wat het volk verlangt' (Jaap Boerdam, ook in de krant van zaterdag). In België geven politici hem daartoe niet de ruimte gezien de verbaasde, verwarde en geërgerde reacties, terwijl GroenLinks spreekt van een gevaarlijk precedent.

Analoog aan de situatie in België ligt de gedachte voor de hand dat het nemen van ruimte door het staatshoofd in Nederland van groter belang is dan het hoofdartikel wil toegeven. Daarvoor zijn twee redenen:

1. Ook ons Staatshoofd heeft 'Fingerspitzengefühl' voor het onbehagen van het publiek over het functioneren van de politiek.

2. Het geven van ruimte door de ministers, geprezen als wijs beleid, kan ook als zwaktebod worden gezien. Ministers die slechts enkele jaren in dienst zijn, leggen het af tegen de kennis van een staatshoofd met 20-jarige staat van dienst, die zich laat ondersteunen door een groep adviseurs die haar dienen als een soort schaduwkabinet.

Ik vraag mij dan ook af of wij op weg zijn naar een soort geleide democratie, een systeem dat bijvoorbeeld in Indonesië openlijk wordt beleden, maar dat hier wordt toegedekt door het geheim van Huis ten Bosch.