'Italioten' verstoren feest voor onafhankelijk Padania

VENETIE, 16 SEPT. “Halve gare, halve gare.” De mensenmassa langs het kanaal van San Marco draait zich in haar geheel om, weg van het water, naar de rij huizen langs de kade. Woest gebarende rechterarmen onderstrepen de spreekkoren tegen de 'Italioot' die het waagt de Italiaanse driekleur uit zijn raam te hangen.

“Wij willen niets meer te maken hebben met Italië, met Rome”, zegt een van de schreeuwers. “Ze hebben 130 jaar de tijd gehad om eenheid tot stand te brengen en nu ontdekken ze dat die niet bestaat.” Een gezette vrouw valt hem bij: “Het noorden en het zuiden moeten allebei die strontzooi van Rome van hun rug schudden.” “We willen beter leven en minder belasting betalen”, zegt een derde. Nieuwe spreekkoren overstemmen hen. Een man met een megafoon probeert het met “Rome in vlammen”, maar hij wordt tot stilte gemaand. “Vrijheid, vrijheid” schalt het over het water van de Venetiaanse lagune. En daarna een driewerf iep iep oera voor het vrije noorden.

Elders in deze sprookjesachtig mooie stad, tegen de muren langs de smalle kanalen, klinken andere spreekkoren, voor de eenheid van Italië, tegen het politieke avontuur waaraan de separatische partij Lega Nord is begonnen. “Een meerderheid van de Noorditalianen is tegen afscheiding”, zegt een van de demonstranten, lid van een autonome jongerengroep. Een politiekordon houdt hen ver van het open water waar twintigduizend mensen klaar staan om de onafhankelijkheid uit te roepen van Padania, zoals de Lega het noorden noemt.

Na een paar uur wachten in de zon komt daar, over het water, de bevrijder: Umberto Bossi, de man die stem heeft gegeven aan de onvrede in het noorden over bureaucratie en inefficiëntie, de 'Leeuw van Padania' die de Lega Nord op een radicale afscheidingskoers heeft gezet. Hij heeft een symbolische tocht achter de rug van drie dagen langs de rivier de Po, die het noorden van west naar oost doorsnijdt. Vrijdag en zaterdag had hij een trui aan, om te onderstrepen dat hij een man van het volk is. nu is hij gestoken in een grijs pak. Dit is een plechtig moment, volgens Bossi een keerpunt in de Italiaanse geschiedenis. “Wij, de volken van Padania, verklaren plechtig: Padania is een onafhankelijke en soevereine federale republiek.”

De Italiaanse driekleur naast het podium, die aan één kant zwart is gemaakt en de hele dag halfstok heeft gehangen, wordt gestreken en de vlag van Padania gehesen: een groene cirkel met daarbinnen zes stralen. Het is een oud Keltisch symbool voor de zon dat is herontdekt door de Lega, in haar moeizame speurtocht naar een gemeenschappelijke identiteit.

Pagina 4: Bossi verloor bij koppentellen

Als het nieuwe 'volkslied' wordt gespeeld, het Va'pensiero van Verdi, hapert de geluidsinstallatie. Het deert niemand. Een beetje improvisatie hoort bij de Lega, onderstreept haar karakter als een protestpartij. “Nu kan niemand ons meer negeren,” zegt een man die staat te zwaaien met de oorlogsvlag van de vroegere Venetiaanse republiek, de leeuw met het getrokken zwaard.

Dat is het succes van Bossi. Hij geeft toe dat dit een symbolisch begin is en zegt dat er een jaar moet worden onderhandeld over echte onafhankelijkheid. Ook onder zijn aanhang zijn er veel mensen die dat niet als een reële termijn zien. Maar hij heeft in ieder geval bereikt dat nu openlijk wordt gesproken over een optie die steeds taboe is geweest: de opsplitsing van Italië.

Maar bij het koppentellen heeft Bossi verloren. De manifestatie in Venetië ging gepaard met tientallen Lega-acties langs de Po. De partij wilde haar spierballen laten zien. Bossi had “een paar miljoen” mensen beloofd, maar volgens een ruwe schatting hebben in totaal niet meer dan honderdduizend mensen deelgenomen aan Lega-acties. Alleen al in Milaan bracht de Nationale Alliantie, erfgenaam van de neofascisten, gisteren meer mensen op de been om te betogen voor de eenheid van Italië.

In heel het land is gedemonstreerd tegen een deling van Italië. Bij Piacenza moest een mensenketen op een brug over de Po de verbondenheid tussen noord en zuid onderstrepen. In een toespraak in de Zuiditaliaanse havenstad Bari zei president Oscar Luigi Scalfaro dat Bossi de grenzen van de vrijheid van meningsuiting bereikt heeft. En hij waarschuwde: “Een democratie die angst heeft om de wet toe te passen als dat nodig is, is niet waard om te leven.”

Het is een paradoxaal resultaat van Bossi's actie. Italië is cultureel en economisch vooral een aggregatie van honderd steden. Het referentiepunt is bijna altijd lokaal. Alleen als het nationale elftal voetbalt is Italië echt één land. Maar nog nooit zijn zoveel mensen de straat op gegaan om de Italiaanse eenheid te verdedigen als gisteren.

De berichten over tegendemonstraties die via radio en telefoon doordruppelen naar de kade in Venetië, deren de betogers niet. De een zegt dat het niet waar is, propaganda van Italiaanse media die weinig ophebben met de Lega - journalisten worden met uitgesproken vijandigheid behandeld. Anderen zeggen dat het niet om aantallen gaat. “In Milaan demonstreerde het verleden,” zegt een ondernemer uit Trento, die met trots zijn ruwe handen laat zien. “Hier staat de toekomst, mensen die werken en produceren, die een beter leven willen voor hun kinderen.”

Bossi's symbolische tocht van de bron van de Po, 2000 meter hoog in de Alpen, naar de monding bij Venetië laat zien hoe sterk dit messianistische gevoel is. Aan de bron vulde Bossi een ampul met het zuivere, onbezoedelde water dat volgens hem symbool is voor de Noorditaliaan, heel wat anders dan het troebele spul uit Rome.

“Ook al zijn we maar met vijf procent, we moeten doorgaan,” zegt een jonge man op een verhitte discussie vrijdagavond bij Turijn. “We mogen niet stil blijven zitten.” Europa komt vaak terug in die gesprekken. De slecht-functionerende Italiaanse staat vormt voor veel ondernemers een enorme hinderpaal in de concurrentieslag met het buitenland.

De analyse van de Lega is bedrieglijk simpel: dat Italië waarschijnlijk niet van begin af aan kan meedoen in de Economische en Monetaire Unie, komt door Rome en door het zuiden. Bossi hamert voortdurend op de rampzalige gevolgen voor de economie in het noorden als Italië achterop raakt. “Als we niet toetreden, klapt onze economie in elkaar en dan komt ook de democratie op springen te staan.”

Daarom staan overal op de Lega-bijeenkomsten mensen in de rij om hun handtekening te zetten onder de onafhankelijkheidsverklaring. Roze strikken op de truien en overhemden moeten de geboorte van Padania symboliseren. Jongens en meisjes in groene overhemden treden op als een soort ordedienst, en Bossi heeft zaterdag gezegd dat deze groenhemden moeten uitgroeien tot de “Nationale garde” van Padania.

Er is een forse dosis folklore op deze bijeenkomsten en er wordt uitgebreid gegeten - in dat opzicht is er weinig verschil tussen de Noord- en Zuiditaliaan, al is bij de Lega de frites met worstjes populairder dan de verschillende soorten pasta. De bankbiljetten waarop Bossi staat, de staatsobligaties van Padania, de bumperstickers PDN die de I achterop de auto moeten vervangen, alles gaat grif van de hand.

Dat de grenzen van Padania onduidelijk zijn, deert niemand. Bossi legt die ten zuiden van de regio's Toscane en Umbrië. Maar de kleine separatistische partij in Aosta laat weten dat ze net zo weinig te maken wil hebben met Padania als met Italië. Duitstalige Zuidtirolers uit de provincie Alto Adige constateren verbijsterd dat Bossi ook hen meerekent. “Je moet wat Bossi zegt en doet niet allemaal even serieus nemen,” zegt een Lega-aanhangster op de kade in Venetië. “Wij zijn simpele, concrete mensen. Waar het echt om gaat is dat we ons gevangen voelen. We willen onze eigen zaken regelen. Ook als we morgen niet onafhankelijk zijn, helpt dit in ieder geval om te laten begrijpen dat veranderingen nodig zijn.”

    • Marc Leijendekker