Regering Singapore reguleert surfen op Internet

SINGAPORE, 14 SEPT. Singapore gaat het gebruik van Internet reguleren. De regering van de drie miljoen inwoners tellende eilandrepubliek wil zijn bewoners niet langer blootstellen aan pornografie en andere gevoelige, veelal politieke onderwerpen die de veiligheid en stabiliteit in dit land zouden kunnen bedreigen.

Vanaf morgen is de surftocht die een Singaporees via zijn Internet-aansluiting kan maken over de electronische informatiesnelweg beperkt. Nieuwe regels blokkeren voortaan de toegang tot bepaalde delen van het World Wide Web.

Singapore is, na China eerder deze week, het eerste Aziatische land dat het gebruik van Internet reguleert. “Dat kunnen wij natuurlijk makkelijker doen dan de meeste ander landen want we zijn een compacte stadstaat”, zegt George Yeo, Singapore's minister van informatie en kunst. Andere Aziatische landen houden nauwlettend in de gaten hoe Singapore, dat in veel opzichten proeftuin en trendsetter is voor de regio, nu met Internet omgaat.

Singapore heeft in de loop der jaren een reputatie opgebouwd wat betreft regels en wetten. Maar Yeo maakt duidelijk dat het in dit geval niet gaat om beperking van het gebruik van Internet. “Integendeel. We willen juist promoten dat Singaporezen Internet gebruiken. Daarom zijn deze nieuwe regels gemaakt”, aldus Yeo. “Internet is op dit moment een beetje als het Wilde Westen. Het is een nieuw medium dat iedereen wil gebruiken, maar dat we tegelijkertijd nog niet helemaal kennen. Daarom moeten we grenzen stellen. Er moeten straks zaken worden gedaan en contracten gesloten kunnen worden via Internet. Je moet het intellectueel eigendom beschermen. Wij moeten daarom nu met Internet gewoon de dingen doen die we in de echte wereld ook zouden doen, anders loopt het uit de hand”, legt Yeo de Singaporese filosofie achter de regulering van Internet uit.

Er zijn weinig plekken in de wereld waar het aantal Internet-abonnees de afgelopen tijd zo snel is gestegen als in Singapore. Nu al staat in een derde van de 750.000 Singaporese huishoudens een computer. Meer dan 150.000 Singaporezen zijn inmiddels aangesloten op Internet. Over een jaar, zo is de verwachting, zal dat laatste cijfer alweer verdubbeld zijn en is de Internet-dichtheid vergelijkbaar met die in de VS. “Kinderen worden vanaf de kleuterschool opgeleid met computers. We bieden nu al Internet aan via scholen, bibliotheken en speciale cyberspace-café's. Als de jeugd zo makkelijk toegang krijgt tot Internet en in staat is er mee om te gaan, hebben wij als regering de verantwoordelijkheid om bescherming te bieden”, zegt Yeo.

Voorlopig bestaat die bescherming uit een bescheiden team van acht mensen van de Singapore Broadcasting Authority (SBA). Zij scannen dagelijks de verschillende sites op Internet waarvan verwacht kan worden dat er 'onaangename' informatie op staat. Op advies van het SBA-team filteren de drie aanbieders van Internet in Singapore - SingNet, Pacific Interent en CyberWay - hun informatie-aanbod aan de abonnees. Yeo: “We zijn alleen geïnteresseerd in de Web sites die met hun informatie dezelfde massa-invloed kunnen hebben als televisie. We willen dat de mensen achter die sites zich aanmelden en identificeren, zodat we weten met wie we te maken hebben.”

Het SBA-team zal bij zijn speurtocht de nadruk leggen op de distibuteurs van de informatie, niet op de individuele gebruikers ervan. “Er komen hier op onze luchthaven jaarlijks zeven miljoen mensen binnen. Die kunnen we niet allemaal controleren op het bezit van een verboden tijdschrift. Hetzelfde geldt voor die paar lezers van verboden materiaal op Internet. Stel dat u thuis pronografische Web sites oproept, dan maakt ons dat niet veel uit. Dat is uw leven. Maar zodra u pornografie distribueert in Singapore, dan gaan we achter u aan.”, zegt Yeo.

De minister beseft dat er grenzen zitten aan het toezicht. “Er bestaat geen honderd procent toezicht. Maar als we willen dat Internet groeit en het bedrijfsleven er gebruik van maakt, dan moet er een raamwerk van regels en wetten zijn. Als we nu niets doen dan wordt cyberspace een soort grafitti-muur, en dat ontmoedigt de gebruikers”, vindt Yeo. “Natuurlijk, hoe goed je ook reguleert, beveiligt of beschermt, net als in de gewone wereld zal er ook in cyberspace altijd criminaliteit, prostitutie en pedofilie blijven bestaan. Maar we moeten er altijd tegen blijven vechten”

    • Max Christern