Positie van Haagse wethouder is uiterst wankel

DEN HAAG, 14 SEPT. De politieke toekomst van de Haagse VVD-wethouder R. van de Laar (Economische Zaken) is zeer ongewis. De gemeenteraad van Den Haag is verbolgen over het feit dat de wethouder meer dan een jaar lang buiten de raad om plannen heeft ontwikkeld om een bedrijventerrein in het Laakhavengebied achter het station Hollands Spoor gedeeltelijk te bestemmen voor woningbouw. De fracties beraden zich de komende dagen op hun definitieve oordeel over de wethouder.

Van de Laar bood gisteren de raadscommissie voor economische zaken zijn excuses aan. “Ik betreur dat ik u niet eerder een handreiking heb gedaan.” Volgens hem is de “vertraging” bij het inlichten van de commissie over zijn koerswijziging veroorzaakt doordat hij steeds maar niet beschikte over alle gegevens van het plan om woningen te bouwen op het terrein Laakhaven-Centraal. “Er ontbraken nog stukjes van de legpuzzel.” De Haagse wethouder erkent dat hij de raadscommissie tussentijds had moeten consulteren, ook zonder kant-en-klaar voorstel.

Het is onzeker of de fracties met die uitleg genoegen nemen. “Het bestuurlijk management heeft gefaald”, concludeerde D66-woordvoerder H. Polman aan het einde van het debat. VVD-partijgenoot B. Bruins noemde het optreden van de wethouder “niet zorgvuldig”. PvdA'er P. Kapel: “Ik had mee willen denken over de beleidswijziging. Dit steekt me.” N. Roozenburg van GroenLinks omschreef Van de Laar als “Robbie de Rommelaar”.

De Haagse gemeenteraad stelde in 1993 een overeenkomst vast tussen de gemeente en een projectontwikkelaar, O.C.L. Devco, voor het ontwikkelen van Laakhaven-Centraal tot een volwaardig bedrijventerrein, inclusief kantoren. Het is een van de schaarse binnenstelijke bedrijfsterreinen van het met ruimtenood kampende Den Haag. Anderhalf jaar geleden kreeg wethouder Van de Laar van de projectontwikkelaar de suggestie om de kantoren te vervangen door woningen. Voor kantoren zou de locatie slecht in de markt liggen.

Van de Laar besloot na aanvankelijke aarzeling deze suggestie over te nemen. Hij wilde voorkomen dat de ontwikkeling van het project Laakhaven als geheel zou stagneren, zo zei hij gisteren. Er werd onderhandeld met woningcorporatie Patrimonium over de bouw van 441 woningen. Een machine- en constructiebedrijf dat zich er wil vestigen, kreeg te horen dat de milieu-eisen verscherpt werden in verband met mogelijke woningbouw. Ook was er een voorlopige aanbesteding op initiatief van Patrimonium.

De Haagse raadsleden nemen het Van de Laar hoogst kwalijk dat hij de beleidswijziging heeft ingezet zonder gedegen analyse van de Haagse kantorenmarkt, die als goed bekend staat. Bovendien vrezen ze dat de VVD-wethouder afspraken heeft gemaakt die moeilijk terug te draaien zijn. Woningcorporatie Patrimonium dreigt al twee miljoen schadevergoeding te eisen als het woningbouwplan niet doorgaat. Ook vreest de raad voor schadeclaims van projectontwikkelaar O.C.L. Devco.

Volgens Van de Laar hoeft de gemeente niet bang te zijn voor schadeclaims, omdat alle afspraken zijn gemaakt onder het voorbehoud van goedkeuring door de raad. Wel heeft de wethouder in zijn correspondentie met onderhandelingspartners vanaf vorig jaar juli verschillende keren verklaard dat “thans” een voorstel voor wijziging van kantoor- in woonbestemming zou worden voorgelegd aan de raadscommissie. Dat is nooit gebeurd. Van de Laar geeft toe dat dit achteraf bezien “ongelukkig geformuleerd” is.