Akkoord over tropisch hout gaat in '97 in

GENÈVE, 14 SEPT. Bijna veertig landen die tropisch hout produceren en gebruiken, zijn het erover eens geworden dat een overeenkomst om tropische wouden in stand te houden, begin volgend jaar kan ingaan. Het was oorspronkelijk de bedoeling dat de overeenkomst begin '95 in werking zou treden.

Dat lukte niet, omdat er toen te weinig landen aan meededen. Brazilië toonde zich steeds een tegenstander van het akkoord, maar zegde gisteren toe toch zijn handtekening te zullen zetten. Het vindt wel nog steeds dat ook industrielanden moeten toezeggen hun eigen bossen te beschermen.

Brazilië is de op twee na grootste producent van tropisch hout en zijn deelneming aan de overeenkomst werd dan ook noodzakelijk geacht om er een succes van te maken.

Het akkoord komt erop neer dat de producenten van tropisch hout - in Azië, Afrika en Latijns-Amerika - toezeggen om vanaf 2000 alleen hout van tropische bossen te exporteren als er opnieuw bomen worden geplant. Er moet een fonds komen om de producenten te helpen de ontbossing tegen te gaan.

Het nu gesloten akkoord vervangt een overeenkomst uit 1983. Het voorziet niet in rechtstreekse marktinterventie.

Met de wereldhandel in tropisch hout is een bedrag gemoeid van 7,5 miljard dollar, circa 10 procent van totale mondiale handel in hout.

De bijeenkomst die leidde tot de overeenstemming, werd in Genève gehouden onder auspiciën van de Unctad, de VN-Conferentie inzake Handel en Ontwikkeling.

De deelnemers aan het overleg besloten unaniem om de overeenkomst het predikaat voorlopig te geven. Volgens enkele Unctad-functionarissen is dat gedaan om andere landen de gelegenheid te geven zich aan te sluiten en betekent het geenszins dat het akkoord minder effectief zal uitpakken.

De oorspronkelijke overeenkomst werd bereikt in 1994. Milieugroeperingen waren destijds nogal teleurgesteld dat er geen exportquota voor tropisch hout werden ingesteld. De milieubeweging had daarvoor gepleit als onderdeel van een campagne om ontbossing te voorkomen en daarmee tegen het eind van de eeuw een evenwichtssituatie te bereiken. (Reuter)