Schilder zou modellen misbruiken

GRONINGEN, 13 SEPT. Tegen een 47-jarige beeldend kunstenaar uit Uithuizen is gisteren voor de rechtbank van Groningen een gevangenisstraf van een jaar, waarvan de helft voorwaardelijk, geëist voor seksueel misbruik van vier naaktmodellen. Hij zou twee van de jonge vrouwen hebben verkracht en de andere hebben aangerand en hen tot seksuele handelingen hebben gedwongen.

De vier vrouwen, in de leeftijd variërend van 19 tot 23 jaar, poseerden voor de kunstenaar in de jaren 1992, 1993 en 1994. Volgens officier van justitie M. Weel keken de vrouwen, studenten aan de kunstacademie Minerva in Groningen, tegen hem op. Hij maakte gebruik van hun onzekerheid en kwetsbaarheid op het moment dat ze naakt poseerden. Hij masseerde de vrouwen en dwong ze tot gemeenschap, een enkele keer met geweld, of tot andere seksuele handelingen.

Volgens Weel bleven de vrouwen “naar het gehucht op het Hogeland” komen omdat ze financieel afhankelijk van de kunstenaar waren en hij ze medeverantwoordelijk maakte voor het beeld waarvoor ze poseerden. “De vrouwen ondervinden nog steeds grote problemen van de gebeurtenissen. Ze durven geen relatie meer aan te gaan en zijn bang weer gemanipuleerd te worden”. Ze omschreef hem als een “zelfingenomen kunstenaar die in de zestiger jaren is blijven hangen. Zijn werkelijkheid is de enige juiste”.

De verdachte is een bekend kunstenaar, vooral in Groningen maar ook daarbuiten. “U maakt prachtig werk. Dat is een feit dat vaststaat”, zei rechter F. Wieland. De kunstenaar ontkende de vrouwen seksueel misbruikt te hebben. Met een van hen zei hij drie maanden een relatie te hebben gehad. “Ik sta hier voor mijn werk en mijn werkwijze. Wat er is gebeurd zijn functionele dingen. Ik heb ze wel gemasseerd, om ze in ontspanning te brengen.”

De kunstenaar zei de laatste zeven jaar met het thema sensualiteit en dans bezig te zijn geweest. “Kijkt u maar naar mijn tekeningen. Die kunt u niet seksueel interpreteren. Het zijn figuren die in tederheid opgaan.” De modellen liet hij bewegen en zichzelf aanraken om “een bepaald gevoel” op te roepen. Dat was voor deze vier vrouwen volgens hem een te zware opgave geweest. “Ze hadden op ieder gewenst moment kunnen weggaan. Maar ik had veel eerder met ze moeten stoppen. Ik wil vanaf nu alleen nog maar met danseressen werken.”

Volgens hem is er sprake van laster. Hij zei dat er praatcircuit rond hem is ontstaan omdat hij met moeilijke thema's bezig is. De vier vrouwen zouden zich afgewezen hebben gevoeld en hem daarom hebben beschuldigd. Op de kunstacademie in Groningen werd via een briefje op een prikbord 'wegens slechte ervaringen' afgeraden om bij de kunstenaar uit Uithuizen te poseren. Maar hij kreeg het afgelopen jaar ook veel steun van andere modellen en collega's. Voor de zitting in Groningen was grote publieke belangstelling.

Officier van justitie Weel vond de verklaringen van de vrouwen dermate overtuigend dat de verkrachtingen en aanrandingen bewezen kunnen worden geacht. Zij wordt hierin gesteund door de Leidse hoogleraar seksuologie dr. J. Frenken, die in deze zaak is ingeschakeld als onafhankelijk deskundige. Hij vindt de verklaringen van de vier vrouwen betrouwbaar en acht het niet ondenkbaar dat er sprake is geweest van 'gevoelschantage'.

De Limburgse hoogleraar rechtspsychologie dr. H.F.M. Crombag, die door de verdediging is ingeschakeld, had een ander oordeel. Volgens hem is de kans groot dat sprake is geweest van een “cumulatief proces van wederzijdse versterking van denkbeelden” omdat de vrouwen, voordat ze aangifte deden en verklaringen aflegden bij de politie, veelvuldig met elkaar hebben gesproken. Advocaat H. Anker hekelde het feit dat politie dit contact had toegestaan en een van de vrouwen zelfs met de anderen in contact had gebracht. “Daarmee valt de hele bodem onder deze zaak weg. Dit kan leiden, zelfs onbewust, tot vermenging van verklaringen.” Anker vroeg om vrijspraak.

Uitspraak 26 september.