Inbrekers vaak twee keer op zelfde adres

ENSCHEDE, 13 SEPT. Inbrekers bezoeken een adres waar ze zijn geweest vaak nog een keer. Ook plegen de daders de inbraken relatief dicht bij hun eigen huis.

Dit blijkt uit een onderzoek van bestuurskundige E.R. Kleemans, die vandaag promoveert aan de Universiteit Twente. Hij heeft zesduizend opgeloste inbraken geanalyseerd, die werden gepleegd tussen 1987 en 1992 in Enschede.

Uit zijn onderzoek blijkt dat 10 procent van de aangehouden daders verantwoordelijk is voor de helft van de inbraken. Als er rekening mee wordt gehouden dat hoogstens 20 procent van de inbraken wordt opgelost, zou de kleine groep daders wel eens meer dan de helft van de inbraken kunnen hebben gepleegd.

De kans dat woningen na een inbraak nogmaals door inbrekers worden bezocht is tien keer zo groot als statistisch te verwachten valt. De reden voor deze terugkeer vormt de bekendheid van de daders met de omgeving. De inbreker weet hoe de situatie in het pand is en wat er te halen valt.

Uit Kleemans onderzoek blijkt tevens dat rijke buurten minder worden getroffen dan armere. De daders zelf wonen vaak in de armere wijken en breken in bij huizen in hun naaste omgeving. Daarbij liggen de rijke buurten vaak in de periferie van de stad, terwijl de inbrekers hun werkterrein meer in het centrum hebben. Ook hier speelt de bekendheid met de buurt mee.

Kleemans heeft goede hoop dat de politie iets kan met de uitkomsten van zijn onderzoek. Na een inbraak kan de aandacht nu worden gericht op de getroffen woning. Hij neemt aan dat de politie dit meeneemt in haar beleid. “De bal ligt nu bij de beleidsmaker.”