Moederschap tegen wil vader

JERUZALEM, 12 SEPT. Het Israelische Hooggerechtshof heeft vandaag bepaald dat een vrouw tegen de wens van haar echtgenoot - met wie ze niet meer samenleeft - de ingevroren embryo's van het echtpaar kan laten implanteren in een surrogaat-moeder. Vorig jaar hadden vijf rechters van het Hooggerechtshof nog afwijzend beschikt; ditmaal stemde een panel van elf rechters met 7 tegen 4 stemmen met het verzoek van Ruth Nachmani in.

Ruth Nachmani verwelkomde de uitspraak als een overwinning van het recht op ouderschap: “Het doet meer pijn geen moeder te zijn dan de vader van een kind te zijn waarvan je niet zeker weet dat je het wilt.” De advocate van haar echtgenoot Danny noemde het daarentegen “ondenkbaar” dat ouderschap door een ander aan iemand kan worden opgelegd: “het is de eerste keer in de geschiedenis dat een kind door een rechtbank wordt voortgebracht.”

De Nachmani's trouwden in 1984; drie jaar later werd Ruths baarmoeder weggenomen omdat ze kanker had. In 1991 eisten ze in een proces tegen het ministerie van Gezondheid intrekking van een verordening die draagmoederschap verbiedt. Het Hooggerechtshof gaf het echtpaar vervolgens toestemming de procedure in Israel te beginnen - wat tot 11 ingevroren embryo's leidde - , waarna ze naar het buitenland zouden moeten gaan om een draagmoeder te vinden. Danny Nachmani verliet zijn vrouw echter in 1992 en leeft sindsdien met een andere vrouw die inmiddels in verwachting is van hun tweede kind. Ruth Nachmani is niet van plan te scheiden. (AP)