Herrezen Irak wil zijn winst maximaliseren

Het tekent de Iraakse president, Saddam Hussein, dat hij zijn psychologische winst op de Verenigde Staten onmiddellijk heeft vertaald in een concrete uitdaging van Washington. Na herhaalde, specifieke Amerikaanse waarschuwingen aan zijn adres dat een aanval op de geallieerde vliegtuigen die boven het noorden en zuiden van het land patrouilleren meteen zou worden afgestraft, is hij gewoon tot actie overgegaan, in het noorden èn in het zuiden.

Zijn raket miste doel, maar de boodschap niet: het temidden van de internationale verdeeldheid over het Amerikaanse optreden herrezen Irak laat zich niet meer ringeloren.

De Iraakse provocatie vloeit logisch voort uit een hele reeks uitdagende verklaringen vanuit Bagdad, dat het zich niets meer zou aantrekken van de No-fly zones in het noorden en zuiden van het land. “O mannen van de defensiemacht en haviken van de luchtmacht, beschouw van vandaag af aan hun vervloekte imaginaire lijnen (..) als non-existent”, zei Saddam in een toespraak in Bagdad op 3 september, na de eerste Amerikaanse raketaanvallen op zijn luchtverdediging in Zuid-Irak. “Mik krachtig en doeltreffend, bouwend op God, op elk doel in de lucht van de agressoren dat het luchtruim van uw grote land, over heel Irak, nu en in de toekomst, schendt.” Iraakse radiostations en regeringskranten spreken sindsdien alleen nog maar over “de glorieuze dagen” die voor het Iraakse volk zijn aangebroken, “nu de grote leider het spel van de breedtelijnen (..) heeft geannuleerd”.

“Het moet ongelooflijk vernederend zijn voor Saddam Hussein, zeker als Arabier, niet in staat te zijn je strijdkrachten te gebruiken - je moet in je hoofdstad blijven en bent niet in staat je vliegtuigen hetzij in het noorden hetzij in het zuiden te gebruiken”, zei de woordvoerder van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken, Nicholas Burns, twee dagen geleden nog hoopvol. Gisteren, na de Iraakse acties, voegde hij eraan toe dat de Iraakse leider “een zwaar gewonde figuur is”.

Maar die indruk maakt Saddam toch niet. Voor hem bieden de zones juist de mogelijkheid om de geallieerde vastbeslotenheid te blijven testen, zijn positie in eigen land te versterken als leider die het tegen de supermacht Amerika opneemt en zich opnieuw op te werpen als een macht waarmee de regio rekening moet houden.

De Iraakse soevereiniteit is het zwaarste wapen van Saddam. Zijn buren zien een opdeling van Irak, die in het geval van zijn omverwerping dreigt, als een groot gevaar voor de regionale stabiliteit: ze willen wel eventueel een portie, maar geen oorlog, en dus moet Saddam blijven. Een niet al te zwak Irak wordt met name in de Golf ook nodig geacht als tegenwicht tegen Iran. Daarom was er begrip voor zijn militaire hulp aan Koerdenleider Barzani bij de bezetting van de Koerdische stad Arbil, omdat die herstel van het centraal gezag in Noord-Irak naderbij bracht. Daarom kwam er ook zoveel kritiek op de VS, toen die Saddams actie met raketaanvallen op het zuiden afstraften: dat had volgens veel landen niets meer met de internationale wettelijkheid, laat staan met respect voor de Iraakse soevereiniteit, te maken.

De grote coalitie tegen Saddam viel daarmee in feite uiteen: Turkije en Saoedi-Arabië bij voorbeeld, twee belangrijke regionale bondgenoten van de VS, weigerden openlijk de Amerikanen toestemming te geven vanaf hun grondgebied aanvallen op Irak uit te voeren. De Saoedische minister van Defensie, prins Sultan, herhaalde dat gisteren nog eens. In deze bondgenootschappelijke context past de uitdagende oproep van Saddam aan de Verenigde Naties “een eind te maken aan alle agressieve acties van de Verenigde Staten die de soevereiniteit en de territoriale integriteit van Irak bedreigen”.

De in principe van deze ontwikkeling losstaande machtsgreep in Noord-Irak van Masoud Barzani, die zich zojuist in een gelegenheidshuwelijk met Bagdad heeft verbonden, heeft Saddams positie nog verder versterkt. Het is niet zo dat het Iraakse regeringsgezag daarmee in één klap in het Koerdische gebied is hersteld - Barzani is niet Saddams marionet, maar heeft voor eigen machtsdoeleinden Bagdads steun gevraagd. Maar het is duidelijk dat Barzani een tegenprestatie moet leveren voor Saddams hulp, en weinig waarnemers geven op iets langere termijn een cent voor de huidige de facto onafhankelijkheid van Koerdistan.

En dan zijn er nog de aanhoudende berichten dat de Iraakse geheime diensten zware klappen hebben uitgedeeld aan de belangrijkste twee Iraakse verzetsgroepen. Honderden mensen zouden zijn terechtgesteld die met de Amerikaanse Centrale Inlichtingendienst (CIA) hadden samengewerkt om het regime in Bagdad ten val te brengen. De twee groepen waren op zich te zeer verdeeld om een werkelijke vuist te kunnen maken; niettemin kan een dergelijke ontwikkeling Saddams gevoel van onaantastbaarheid slechts verdiepen.

In deze atmosfeer werd gisteren in het noorden een raket afgeschoten in de richting van een Amerikaans vliegtuig, en schonden een Iraaks gevechtsvliegtuig en een helikopter de zuidelijke No-fly zone. Saddam zal een Amerikaanse militaire reactie wel hebben ingecalculeerd; die hoort er immers bij. Vermoedelijk rekent hij erop dat die hem weer relatief weinig militaire schade en nieuwe psychologische winst zal opleveren. Het is mogelijk. Het verleden heeft echter geleerd dat hij vroeger of later altijd te ver gaat, met de bezetting van Koeweit als kostbaarste misrekening. Aan de andere kant: hij komt ook altijd weer terug.

    • Carolien Roelants