Handelaar BolsWessanen wil prettig gesprek politie

AMSTERDAM, 12 SEPT. Voor de optiehandelaar uit Zandvoort bij wie Justitie vorige week huiszoeking verrichtte in de voorkennis-zaak BolsWessanen, lijkt het een kwestie van aftellen: op korte of op lange termijn zal ook hij waarschijnlijk worden opgepakt en voor verhoor naar het politiebureau worden meegenomen.

Zijn advocaat, mr. D. Doorenbos, heeft het Openbaar Ministerie kort na de huiszoeking gevraagd de optiehandelaar niet achter de tralies te zetten maar gewoon in vriendelijk overleg met hem om de tafel te gaan zitten om hem over de zaak te verhoren (“Mijn cliënt heeft niets te verbergen en is gaarne bereid een verklaring tegenover Justitie af te leggen.”). Maar de voortvarendheid waarmee het Openbaar Ministerie in het onderzoek naar misbruik van voorwetenschap bij BolsWessanen verdachten oppikt voor verhoor, biedt de optiehandelaar weinig perspectief op een vriendelijk gesprekje buiten de politiecel.

Gisteren arresteerde de politie een nieuwe verdachte, de vijfde binnen twee weken. En het Openbaar Ministerie sluit meer aanhoudingen zeker niet uit. Het heeft er alle schijn van dat Justitie systematisch de lijst afwerkt van de tien à vijftien personen die door het Openbaar Ministerie als potentiële verdachten worden aangemerkt, een lijst waarmee de personen die tot nog toe werden aangehouden zijn geconfronteerd.

Het feit dat aangehouden personen de lijst kregen voorgeschoteld wijst er op dat Justitie uitgaat van enige vorm van samenwerking tussen de tien à vijftien potentiële verdachten. Het justitieel onderzoek draait om de handel in put-opties BolsWessanen gedurende bepaalde perioden van 1994 en 1995. Het zoeklicht staat daarbij vooral op de handel die plaatsvond op 3 juli 1995, een dag voordat de onderneming haar winstprognose naar beneden bijstelde. Die dag werden er op de Optiebeurs 3.593 putopties verhandeld. De daaropvolgende dag, de dag waarop de slechte cijfers naar buiten kwamen, daalde koers van BolsWessanen met een rijksdaalder, waardoor de opties veel geld waard werden en de inmiddels verdachte partijen gezamenlijk een winst maakten van totaal circa 1 miljoen gulden.

Vier namen van de lijst van Justitie zijn inmiddels bekend. Goed bewaard geheim blijft wie er nog meer op staan, naast een reeds aangehouden ex-restauranthouder uit Bentveld, diens vriendin, een ex-ondernemer uit Noordwijkerhout, een BolsWessanen-directeur uit Bentveld en de gisteren aangehouden, nog onbekende verdachte.

Geruchten dat er op het lijstje van Justitie ook optiehandelaren prijken deden al langer de ronde. Namen bleven echter onbekend. Nu blijkt dat het Openbaar Ministerie onder meer de 34-jarige optiehandelaar uit Zandvoort in het vizier heeft plus diens negen jaar oudere broer uit Wassenaar. In de woning van de optiehandelaar is op 2 september huiszoeking gedaan. Evenals in de woning van diens broer en in de vestigingsplaats van hun bedrijfje Options Invest, zo bevestigde een woordvoerder van de Wassenaarse politie gistermiddag.

De optiehandelaar wist zelf overigens al langer dat hij op het lijstje van Justitie voorkomt. S. Bogaers, de commissaris van SB Management, het bedrijfje waarmee hij op de Optiebeurs opereert, bevestigde gisteren dat hij van de optiehandelaar vorige maand hoorde dat Justitie ook zijn kennis onder de loep heeft. “Hij belde me zo'n twee weken geleden en is daarop langsgekomen op kantoor. Hij zei me dat er extra naar hem werd gekeken, dat hij op het lijstje staat van mensen waar Justitie nu onderzoek naar doet,” aldus commissaris Bogaers, tevens directeur van KBW Effectenbank, dochter van de financiële groep Fortis.

Bogaers heeft de zaak die dag met de man in kwestie besproken en is er van overtuigd dat van handel met voorkennis absoluut geen sprake is. “Er was een bepaalde handel aanwezig. Daar hebben we op ingespeeld, zo vertelde hij mij”, herinnert Bogaers zich.

Gevraagd of hij niet consequenties moet trekken uit het feit dat de directie van het bedrijfje waar hij toezicht op houdt door justitie in verband wordt gebracht met handel met voorkennis, antwoordt Bogaers: “Vanuit de wet heb ik inderdaad een zekere verantwoordelijkheid als commissaris. Ik moet nu nagaan hoe dat precies zit.”

Bogaers belde later op de middag terug: Bogaers kan helemaal niet verantwoordelijk worden gehouden. Hij heeft het nog eens nagetrokken, de gewraakte handel in opties BolsWessanen betreft privé-posities van de handelaar. “Ik heb hiermee als commissaris helemaal niets te maken.” Dat de optiehandelaar desalniettemin Bogaers persoonlijk inlichtte over het onderzoek van justitie, ligt volgens Bogaers voor de hand: “Als kennissen en als mens zijnde informeer je elkaar.”

Advocaat Doorenbos zegt dat het inderdaad om privé-transacties gaat, gedaan door de optiehandelaar en diens broer. Doorenbos bevestigt dat de broers op het lijstje van Justitie voorkomen maar benadrukt dat zij geen deel uit maken van een soort van netwerk. “Het is een afzonderlijk geval.” De mensen die tot nog toe zijn opgepakt kennen de cliënten van Doorenbos helemaal niet. En in het Drank en Spijshuis Blanje Bleu in Bentveld (dat wordt aangemerkt als bron van voorkennis en dat werd gefrequenteerd door de genoemde BolsWessanen-directeur) kwamen de broers nooit, voor zover Doorenbos bekend is. En dat zijn cliënt in dezelfde straat in Zandvoort woont waar vroeger de nu verdachte BolsWessanen-directeur woonde, moet op puur toeval berusten. Nee, van een netwerk is Doorenbos en zijn twee cliënten niets bekend, aldus de advocaat.

Doorenbos verbaast zich over de agressieve manier waarop Justitie in deze voorkenniszaak te werk gaat; in hoog tempo allerlei mensen oppakt en achter de tralies verhoort. “Dat is de hoge druk-methode: de advocaat buiten de deur houden, de verdachte lange tijd door twee rechercheurs achter een tafeltje op het politiebureau verhoren en pressie op de mensen uitoefenen om hen bepaalde dingen te laten zeggen.”

Doorenbos is er niet gerust op dat de behandelende officieren aan zijn oproep gehoor zullen geven om zijn cliënten niet op te pakken en achter tralies te verhoren. Het heeft er volgens hem alle schijn van dat het Openbaar Ministerie zijn tanden wil laten zien nadat het in de vorige voorkenniszaken zo heeft verloren.

De enige vijf voorkenniszaken die Nederland tot nog toe kende hebben geen van alle tot een veroordeling geleid - al is één van de vier nog niet afgerond. De eerste en tevens grootste voorkennis-affaire, die rond aandelen van het inmiddels failliete high tech-fonds HCS, mondde na jaren van procederen uit in een nederlaag voor het Openbaar Ministerie. Alle verdachten werden vrijgesproken. De Nederlandse zakenman Joep van den Nieuwenhuyzen en diens toenmalige concern Begemann hebben een schadeclaim tegen de Nederlandse Staat in voorbereiding van 1,2 miljard gulden.

De beladen historie, de reeks van tegenslagen, maakt van de officieren van justitie een soort kruisvaarders tegen misbruik van voorwetenschap. Maar de kordate aanpak van het Openbaar Ministerie mag er volgens Doorenbos niet toe leiden dat iedereen die de bewuste 3 juli in put-opties BolsWessanen heeft gehandeld voor verhoor mee moet naar het politiebureau. “Iedereen die die dag in BolsWessanen handelde is potentieel verdacht. Ik hoop alleen niet dat iedereen die die dag heeft gehandeld ook in de politiecel terecht komt.”

    • Karel Berkhout
    • Geert van Asbeck