Gelderland werkt niet mee aan Betuwelijn

ARNHEM, 12 SEPT. De provincie Gelderland zal definitief niet meewerken aan de aanleg van de Betuwelijn, de goederenspoorlijn van de Rotterdamse haven naar het Duitse achterland. Provinciale Staten besloten gisteren medewerking aan de tracéwet te weigeren omdat minister Jorritsma (Verkeer en Waterstaat) naar de mening van de Staten ten onrechte niet wil onderzoeken of gedeeltelijke ondertunneling van de spoorlijn tot de mogelijkheden behoort.

Daarmee volgden PS gisteren het voorstel van Gedeputeerde Staten, die vorige week al vaststelden dat het oorspronkelijke 'ja, mits' van Gelderland door de opstelling van Jorritsma veranderd moest worden in een 'nee' tegen de Betuwelijn. Gelderland wil alleen meewerken aan de spoorlijn als deze op twee plaatsen onder de grond verdwijnt: van Meteren tot Echteld en van Bemmel tot Babberich.

De provincie wil zelf een 'substantieel' bedrag aan de aanleg van deze tunnels (met een geschatte meerprijs van 500 miljoen gulden) bijdragen, maar laat sinds gisteren in het midden hoeveel. In de optiek van GS kon de provincie jaarlijks tien tot vijftien miljoen gulden bijdragen, een derde van de extra kosten. Dat bedrag werd gisteren onder druk van het CDA en de PvdA geschrapt, omdat het noemen van bedragen “een aanzuigende werking heeft op aannemers”, zoals CDA-woordvoerder Pröpper het verwoordde. En PvdA-woordvoerder Modder zag liever een gefaseerde aanpak: eerst offertes aanvragen voor de aanleg van de tunnels en vervolgens met het rijk bezien hoe groot de eigen bijdrage van de provincie zou moeten zijn. GS kwamen aan de wensen van de Staten tegemoet. Uit de brief die dezer dagen naar Jorritsma wordt verstuurd, zal met geen woord worden gesproken over de hoogte van het bedrag.