Drugsbeleid steeds minder liberaal

DEN HAAG, 12 SEPT. Het drugsbeleid van het kabinet wordt steeds verder aangescherpt. Hoopte de kleinste 'paarse' partner, D66, aan het begin van deze kabinetsperiode nog op liberalisering van met name de nederwietparagraaf, de eigen D66-ministers Borst (Volksgezondheid) en Sorgdrager (Justitie) verwijderen zich halverwege de rit verder en verder van dat doel.

In de Voortgangsrapportage Drugsbeleid, die minister Borst vorige week per ongeluk een week voor Prinsjesdag openbaar liet maken, wordt één van de oplossingen om de nederwietbevoorrading van de coffeeshops aan de 'achterdeur' te normaliseren, vrijwel onmogelijk gemaakt.

Het leek zo'n mooi plan: gedoog kleine thuisteelt in Nederland en de weg is vrij voor de bevoorrading van plaatselijke coffeeshops door bonafide, voor hun plezier èn een extra zakcentje telende burgers. Daarvan zouden er volgens ruwe schattingen ten minste 35.000 zijn in Nederland: mensen met een paar hennepplantjes op het balkon of in de vensterbank.

Wie tien of vijftien plantjes thuis heeft staan, hoeft zich geen zorgen te maken, zei de minister van Justitie exact een jaar geleden bij de presentatie van de drugsnota. Zij rekende de huistelers zelfs voor hoeveel zij eraan konden verdienen. Met een paar goede oogsten was dat al snel enkele honderden tot duizenden gulden per jaar. Daarna dook het 'pakketje-Sorgdrager' - hennepzaad, apparatuur en een handleiding - op in veel etalages.

Met deze bedekte aanmoediging tot thuisteelt zou de weg worden afgesloten voor grootschalige nederwiettelers en de georganiseerde criminaliteit, die zich de laatste jaren met groeiend succes op de lucratieve Nederlandse nederwietmarkt stortte. Althans, dat was de gedachte toen het kabinet met dit plan de achterdeur van de coffeeshop op een kier zette. In de afgelopen twee jaar werden ruim een half miljoen planten in beslag genomen en ruim veertig kassen ontmanteld. De totale binnenlandse consumptiewaarde van softdrugs wordt door het departement van Justitie op jaarlijks zo'n achthonderd miljoen gulden geschat.

De achterdeurproblematiek bleef de bewindsvrouwen achtervolgen. Legalisering van produktie of aanvoer van cannabis naar de coffeeshops zou Nederland in een onmogelijk internationaal parket brengen, betoogden zij. Niet alleen zou de kritiek uit landen als Frankrijk opnieuw opsteken, Nederland zou ook een aantal verdragen schenden die jaren geleden zijn ondertekend. Opzegging daarvan was niet wenselijk, meenden kabinet en Tweede Kamer.

In de vorige week gepresenteerde voortgangsrapportage drugsbeleid lijkt de achterdeur van de coffeeshops weer dicht te gaan. Nederwiet, zo stelt het kabinet nu, mag alleen worden geteelt als er expliciet verlof wordt verleend. Hennep, dat ook voor andere, legale, produkten dan softdrugs wordt gebruikt, mag alleen nog maar in de buitenlucht worden verbouwd onder de titel “landbouwkundige uitzondering”. In de voortgangsrapportage stelt het kabinet dat “negentig procent van de nederwietteelt binnenshuis plaatsvindt”. Na de wettelijke wijzigingen die minister Sorgdrager voorstaat zal “iedere binnnenteelt van hennep zijn verboden en buitenteelt alleen zijn toegestaan voor in nationaal of in EU-verband expliciet toegelaten vezelhennep-rassen”. Ook onderzoekt Sorgdrager of bezit van hennepzaad strafbaar kan worden gesteld. Nu is dat niet het geval.

Volgens het kabinet zal de thuisteelt bij de opsporing door het openbaar ministerie “een lage prioriteit” krijgen, in tegenstelling tot de grootschalige teelt. Thuisteelt van “enkele planten” wordt weliswaar niet actief opgespoord, maar bij constatering door de politie volgt wel inbeslagname van de planten. Dat wordt oppassen voor de thuisteler die zijn oogst naar de lokale coffeeshop brengt, constateert het Kamerlid De Graaf (D66). Hij wil partijgenoot Sorgdrager hierover aan de tand voelen.

Het lijkt erop dat er van een gedoogbeleid voor het telen van nederwiet nauwelijks meer sprake kan zijn. Terwijl met name de Tweede-Kamerfracties van PvdA en D66 zich in een moeilijke positie zien gemanoeuvreerd omdat zij juist deze schemerige kanten van het Nederlandse gedoogbeleid in het licht wilden brengen, komt ook een aantal experimenterende gemeenten in de problemen.

De gemeente Emmen, zo werd vorige maand bekend, wil softdrugs gaan produceren en de eigen produkten verkopen in een gemeentelijke 'drugswinkel'. Ook de gemeenten Delfzijl, Bussum, Heerhugowaard en Zoetermeer beschikken al over een 'drugswinkel' waar, al dan niet door een stichting onder gemeentelijk toezicht, softdrugs worden verkocht.

Voor lokale experimenten om de overlastproblemen rondom coffeeshops op te lossen, is met de aanpassingen die het kabinet wil doorvoeren nauwelijks nog ruimte, zegt parlementariër De Graaf. “De burgemeester van Delfzijl heeft straks een probleem. Dit lijkt me niet in overeenstemming met wat de ministers met de Kamer hebben afgesproken over het drugsbeleid.”

Wie burgers verbiedt om nederwiet voor eigen gebruik te telen, kan het moeilijk verkopen dat een gemeente er straks zijn eigen nederwietplantage op nahoudt. Met minister Sorgdrager worstelt ook het openbaar ministerie met dit vraagstuk. Binnenkort zullen Sorgdrager en het college van procureurs-generaal de argwanend afwachtende nederwiettelers, de gemeenten, de Tweede Kamer en het buitenland op de hoogte stellen van hun standpunt. Eén ontsnappingsroute ligt voor de hand. De regels worden weliswaar aangescherpt, maar wetsovertredingen hoeven niet altijd te worden aangepakt.