De tweede dinsdag in september

Een gewone dag in de Tweede Kamer gaat over van alles en nog wat. Vergaderen over studenten, ziekenhuizen en de kinderbescherming. En, zachtjes, over de koningin.

De duif trippelt, de duif roekoet, de duif voelt zich zichtbaar thuis op de tweede verdieping van het Tweede-Kamergebouw. Het complex is op dit vroege tijdstip nog goeddeels verlaten. De kruimels moeten nog vallen. De duif wacht.

Omstreeks negen uur druppelen personeelsleden, medewerkers van Kamerleden en al een enkele parlementariër binnen. Een van de eerste bezoekers is werkgeversvoorzitter Blankert. Hij heeft om negen uur een afspraak met de fractievoorzitter van D66, Wolffensperger. Onderwerp: de rijksbegroting. Het is vandaag de tweede dinsdag van september. Prinsjesdag werpt zijn schaduw vooruit.

In het Kamergebouw wordt al snel vergaderd in grote en kleine zalen. Links, rechts, boven, beneden. De 'cluster bestuur' van D66 komt deze ochtend bijeen in de Schaperkamer. Het Kamerlid Valk (PvdA) heeft de Aletta Jacobszaal gereserveerd. De bodes van de Tweede Kamer houden hun werkoverleg in de Thorbeckezaal. Het Kamerlid Van Ardenne-van der Hoeven (CDA) voert een gesprek in de Oudkamer. De dienstcommissie van de stenografische dienst behartigt belangen in de Vondelingkamer.

Omstreeks half elf begeven fractieleden van D66 en hun medewerkers zich naar de Marcus Bakkerkamer. Alle fracties houden deze ochtend, tot aan het begin van de plenaire vergadering 's middags, hun eigen - besloten - bijeenkomsten. De derde dinsdag van september doet ook zijn invloed gelden in de fractievergadering van D66. Wolffensperger moet voor een deel verstek laten gaan. “Ik heb een dringend gesprek met een bewindspersoon van een andere partij”, zegt hij neutraal. Vice-voorzitter Van Boxtel neemt de leiding over, aanvankelijk gehandicapt door een defecte geluidsinstallatie, wat opgeteld moet worden bij het feit dat 24 vergaderende Democraten soms moeilijk tot zwijgen zijn te brengen.

Zoals gebruikelijk zijn politieke actualiteiten het eerst aan de orde. De 'woordvoerder constitutionele zaken', zoals fractielid De Graaf zichzelf ironisch afficheert, brengt een gevoelig thema ter sprake: de positie van de koningin. Aanleiding vormen berichten dat op haar aandringen de Nederlandse ambassadeur in Zuid-Afrika, Roëll, destijds zou zijn teruggeroepen wegens een buitenechtelijke relatie. Dit vermeende optreden van de koningin is aanleiding geweest tot speculaties in kranten over verdergaande bemoeienissen van het staatshoofd met het kabinetsbeleid.

Het interne beraad leidt tot de slotsom dat D66'ers niet op anonieme beschuldigingen moeten ingaan en in hun reacties de nadruk zullen leggen op de ministeriële verantwoordelijkheid.

Op het Plein voor het Kamergebouw verzamelt zich na het middaguur een menigte. Het zijn lezers van OKEE, de krant voor verstandelijk gehandicapten, waarvan het voortbestaan wordt bedreigd. Spandoeken melden stellig: 'Wij hebben recht op aangepaste informatiemiddelen'. De demonstranten zingen 'oké' zoals voetbalsupporters 'olé' ten gehore plegen te brengen.

De actievoerders bieden de leden van de vaste Kamercommissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport een petitie aan. De Kamerleden worden toegesproken door een redactrice. “Wij vragen u vriendelijk geld te geven voor de Okee-krant”, zo luidt de kern van haar betoog. Een kloeke doos met 1.100 kaarten, voorzien van handtekeningen, dient ter onderstreping van dit verzoek.

Binnen in het Kamergebouw begeeft zich een kleine meute richting plenaire vergaderzaal. In de buurt daarvan doen een medewerker van de Kamer en een bezoeker pogingen de daar bivakkerende duif te vangen. Tevergeefs.

Kamervoorzitter Deetman wordt, zoals gebruikelijk, door een bode en de griffier naar zijn plaats geleid. De publieke tribunes zijn behoorlijk bezet, vooral dankzij de afdeling Joure van de Nederlandse Christenvrouwenbond (NCVB). De dames zijn voor een rondleiding naar de Tweede Kamer gekomen en hadden vol ontzag de tribunes betreden - fluisterend als toeristen die een kerk bezoeken.

Achter de regeringstafel, ook 'Vak K' genoemd, ontwaren zij enige hoofden die hun wel bekend voorkomen. Het zijn bewindslieden. “Ja, nu zie ik het ook, dat is Van Mierlo.” “En die daar, hij staat nu, dat is die van Binnenlandse zaken. Dijk.... Dijk.... Dijkstal!” “En die met die bril? Ritzen? Of is het een secretaris?” Hij draagt een bril, hij heet De Grave en hij is staatssecretaris.

Als Deetman klokslag twee uur met een hamerslag de vergadering opent, zijn de toeschouwers direct muisstil. Dit geheel in tegenstelling tot de volksvertegenwoordigers in de zaal zelf. Die praten met elkaar alsof het een lieve lust is. Het tafereel is voor buitenstaanders verbijsterend. De voorzitter doet in ijltempo een serie huishoudelijke mededelingen, maar geen van de Kamerleden toont ook maar een spoor van belangstelling. Onvermijdelijk dringt zich de vergelijking op met de dorpsgek aan wie iedereen voorbijgaat.

Een dubbele hamerslag van Deetman is evenwel voldoende om ook de volksvertegenwoordigers stil te krijgen. Alle leden gaan staan; met een rede herdenkt de voorzitter de overleden oud-parlementariër Tilanus.

De daarop volgende 'regeling van werkzaamheden' biedt opnieuw het beeld van een sociëteit. Toch is dit eerste openbare vergaderuurtje belangrijk voor de Kamerleden. Leden van grote fracties kunnen eindelijk zonder kloppen hun fractievoorzitter aanspreken. Links en rechts vormen zich duootjes. PvdA-fractieleider Wallage en zijn partijgenoot minister Melkert (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) praten bij. Duivesteijn (PvdA) bespreekt met Oedraya Singh Varma (GroenLinks) de positie van woningcorporaties. Van Rey (VVD) praat met Ybema (D66), Middelkoop (GPV) met Augusteijn (D66), Te Veldhuis (VVD) met Crone (PvdA) en CDA'ers vooral met elkaar.

Het nieuwe Kamerlid Meyer (Groep Nijpels) wordt voorgesteld aan De Grave. Vliegenthart (PvdA) geeft de nieuwe staatssecretaris een paar ferme zoenen. In de wandelgang naast de vergaderzaal leggen journalisten contacten met Kamerleden en bewindslieden, of praten ministers Kamerleden bij. En omgekeerd.

Na het mondelinge vragenuur nemen studenten plaats op de tribune. Opnieuw bespreekt de Kamer deze middag met minister Ritzen (Onderwijs en Wetenschappen) de bestuursstructuur van de universiteiten. Slechts een handjevol onderwijsspecialisten blijft achter. Andere Kamerleden hebben andere vergaderingen of verdiepen zich in stukken. De Kamercommissie voor justitie bespreekt met staatssecretaris Schmitz het gezinsbeleid en de Vereniging van Academische Ziekenhuizen mag aan de commissie voor volksgezondheid, welzijn en sport haar zorgen uiten.

Op de tribune bij de plenaire zaal roeren de studenten zich. Zij gooien papier naar beneden. En roepen om de beurt de Kamerleden toe. “Het gaat om de democratie!” Waarnemend Kamervoorzitter Weisglas schorst de vergadering. In alle rust horen de volksvertegenwoordigers het geroep van de studenten aan, die een voor een door Kamerbodes worden weggeleid. Tot Weisglas het welletjes vindt. “Als nu nog iemand iets gaat roepen, laat ik de hele tribune ontruimen.” Dat helpt. Naast de vergaderzaal voert een politie-agente intussen wat kruimels van haar broodje aan een montere duif.

Die avond praten andere Kamerleden plenair met staatssecretaris Schmitz over de kinderbescherming. Tot kwart over acht. Dan eindigt de openbare vergadering. Vroeg, dit keer. In andere zaaltjes en kamers blijven de lichten branden. Het Kamerlid Van Zijl (PvdA) heeft “een privévergadering”, net als Van Walsem (D66) en anderen. De Kappeyne van Copellozaal biedt tot elf uur plaats aan de CDA-Kamerkring Den Haag. In dit gezelschap wordt de netelige positie van de Haagse VVD-wethouder Van Laar belicht. Soms kan zonder cynisme worden vastgesteld dat aan het Binnenhof aan dorpspolitiek wordt gedaan.

Als het Tweede-Kamercomplex laat deze avond grotendeels in duisternis is gehuld, is op de tweede etage een zacht roekoeën hoorbaar. Het klinkt wel triomfantelijk.