Weinig beroering op geldmarkt

AMSTERDAM, 11 SEPT. 'Na gedane arbeid is het goed rusten', zo lijkt het oordeel op de financiële markten te luiden over het Duitse monetaire beleid. Na de onverwachts forse verlaging van het repotarief op 22 augustus j.l., worden voorlopig geen nieuwe rentestappen verwacht.

Dit komt onder meer tot uiting in minimale fluctuaties van de Duitse - en Nederlandse - geldmarkttarieven. De Duitse driemaands interbancaire rente bedraagt al twee weken 3,14 à 3,15 procent. In Nederland stabiliseert de driemaands rente zich rond de 2,81 à 2,82 procent.

Of deze rust lang aanhoudt is de vraag. Afgelopen maandag zei Bundesbank-bestuurslid Welteke ruimte te zien voor verdere renteverlagingen indien de vertraging van de geldgroei doorzet. Het is niet uit te sluiten dat ook andere Buba-bestuursleden de hoop op een verdere renteverlaging levend zullen willen houden, mede omdat dit kan bijdragen aan een waardestijging van de dollar (verzwakking van de D-mark). Dit laatste is niet alleen gunstig voor het Duitse groeiherstel, maar ook voor de stabiliteit van de wisselkoersverhoudingen in Europa.

Zoals vermeld in de vorige toelichting bij de Weekstaat, vond de afgelopen week de betaling plaats van ruim 2 miljard gulden op door de Agent van Financiën teruggekochte DTC's. In die toelichting is overigens abusievelijk vermeld dat op het schatkistsaldo bij DNB de voorschotrente wordt vergoed. Dit moet zijn: de beleningsrente.

De terugkoop van DTC's heeft samen met enkele andere betalingen door het Rijk de afgelopen week geleid tot een daling van het schatkistsaldo met 4,2 miljard gulden. Tegenover deze geldmarktverruimende betalingen stelde DNB een 1,5 miljard gulden hogere kasreserve en een ruim 2 miljard gulden lagere speciale belening vast. Samen met enkele geringe mutaties in de overige posten, resulteerde dit in een afname van de post Voorschotten in rekening courant met 375 miljoen gulden. De besparing op het contingent liep daarbij op van 2,4 procentpunt een week geleden tot 2,8 procentpunt afgelopen maandag. Nadat 58,2 procent van de contingentperiode is verstreken, is 55,4 procent van het toelaatbare beroep verbruikt.

Zowel de op de weekstaat vermelde kasreserve als de speciale belening zijn afgelopen maandag ingegaan en lopen tot aanstaande maandag. Op deze dag zullen aanzienlijke betalingen van en aan het Rijk plaatsvinden. Met een nieuwe belening en kasreserve kan DNB adequaat op deze situatie inspelen.

Bron: Economisch Bureau ING-Bank