Hollywood niet te negeren in Sarajevo

SARAJEVO, 11 SEPT. Gisteren is in een openluchtheater het achtdaagse Filmfestival van Sarajevo geopend. Het is de tweede keer sinds het einde van de oorlog in Bosnië dat in Sarajevo een filmfestival wordt gehouden. Werden tijdens het eerste na-oorlogse filmfestival in oktober vorig jaar nog alleen de films getoond die toevallig beschikbaar waren, dit jaar beweren de organisatoren dat een scherpe selectie is gemaakt uit aanbiedingen van over de hele wereld.

In het onderdeel 'Anno Zero' - jaar nul, omdat het festival voor het eerst een prijs uitlooft voor de beste film - staan onafhankelijke produkties op het programma uit 1995 en 1996 uit de Verenigde Staten (Eye Shot Andy Warhol van Mary Harron), Engeland (Trainspotting van Danny Boyle), Frankrijk (Trois vies et une seule mort van Raoul Ruiz), Portugal, Hong Kong, Finland, Tsjechië en Denemarken. Er worden geen Bosnische films vertoond om de eenvoudige reden dat die er nog niet zijn.

De selectie van de inzendingen voor 'Anno Zero' werd gemaakt door een commissie met onder anderen de directeur van het Filmfestival van Locarno, Marco Müller, de Bosnische filmregisseur Srjan Vuleti en de directeur van het Amerikaanse Sundance Filmfestival, Geoffrey Gillmore. Een driekoppige jury geeft de Festival-award van tienduizend Duitse mark aan de beste film. Het festival wordt georganiseerd door het Obala Art Centre, dat zich toelegt op het vertonen van alternatieve films.

Assistent-manager Elma Hadziredzepovic, gekleed in een krijtstreeppak met fel oranje schoenen, zit in het kleine kantoortje aan de rivier de Miljacka in het centrum van Sarajevo, druk te telefoneren. “Oké Marco dear, kiss Agnès (Agnès B., de wereldberoemde Franse kledingontwerpster die gratis de t-shirts voor het festival heeft ontworpen - red.) for me, will you?”, zegt ze met een flair waar een Californische casting-agent jaloers op kan zijn. Als ze oplegt verzucht ze: “We werken zestien uur per dag.”

De bezoekers van het festival krijgen naast de onafhankelijke produkties ook een aantal Hollywood-'hits' van de afgelopen twee jaar te zien: onder andere Twister van Jan de Bont, Dead Man Walking van Tim Robbins en Mission: Impossible van Brian de Palma. “Dat zullen waarschijnlijk de grootste publiektrekkers worden”, zegt Hadziredzepovic. Zij lijkt zich te willen verontschuldigen als ze zegt: “We kunnen Hollywood niet negeren. Ik houd persoonlijk niet van die Amerikaanse kassuccessen, maar de bewoners van Sarajevo krijgen normaal de kans niet om deze films te zien.”

De rechten voor films in Bosnië worden gekocht door Servische en Kroatische filmdistributeurs, vertelt Hadziredzepovic. “Voor bedragen waar wij niet tegenop kunnen op. De films worden pas in Sarajevo vertoond als ze al een jaar in de Kroatische en Servische bioscopen hebben gedraaid. Het publiek van Sarajevo is een 'maagdelijk publiek', zegt Hadziredzepovic. “Wij hebben vijf jaar lang vrijwel geen films kunnen zien. We hadden tijdens de oorlog alleen een klein bioscoopje waar we de videofilms vertoonden die we konden krijgen.” Hadziredzepovic, die zelf een voorkeur zegt te hebben voor Iraanse en Egyptische films, vindt het interessant om het onbevangen publiek van Sarajevo tijdens dit festival een 'dialoog' aan te bieden tussen artistieke, onafhankelijke produkties en commerciële Hollywoodfilms. “Zo kan iedereen zelf kiezen”, zegt ze.

De Amerikaanse actrice Susan Sarandon, acteur Richard Gere en de regisseurs Francis Ford Coppola en Martin Scorsese maken deel uit van het commité van aanbeveling van het festival. “Bij het benaderen van distributeurs om de Hollywood-films voor aantrekkelijke prijzen naar Sarajevo te krijgen, was het laten vallen van die namen zeer effectief”, zegt pr-medewerkster Jasmila Bani. “De celebrities beloofden ook allemaal naar de opening van het festival te komen maar dat is een beetje tegengevallen”, zegt Bani. “De laatste dagen hebben zij een voor een afgezegd, maar we hebben aan hun namen veel gehad, dus daarom zijn wij ze toch dankbaar.”

Hadziredzepovic reisde het afgelopen jaar naar de filmfestivals van Berlijn, Cannes en Locarno om contacten te leggen. Zij heeft opzettelijk gebruik gemaakt van de 'legende' van de naam Sarajevo, zegt ze. “Als je zegt dat je uit Sarajevo komt, luistert iedereen meteen. Daar was toch oorlog? vragen ze dan. Het is waarschijnlijk moeilijker om een festival te organiseren in Praag dan hier. Maar je kunt niet eeuwig op de naam teren, je moet ook laten zien dat je iets doet.” Het derde onderdeel van het Festival-programma is een door de directeur van de Franse filmarchieven, Dominique Paini, gemaakte selectie van tien films uit de geschiedenis van de Franse film. De tien Franse films die worden vertoond (onder andere Madame Bovary van Jean Renoir, À bout de souffle van Jean-Luc Godard en Espoir van André Malraux), zijn tevens een geschenk van Frankrijk aan de Bosnische filmarchieven die tijdens de oorlog geheel zijn verwoest.

Het Filmfestival van Sarajevo heeft niet de ambitie om te concurreren met de grote Europese festivals, zegt Hadziredzepovic. “Dat is de eerste vijf jaar geen haalbare kaart. Ons festival is voorlopig niet voor Europa, maar voor de bewoners van Sarajevo die zo lang geen film hebben kunnen zien.”