Student Ritzen komt te laat op college

AMSTERDAM, 10 SEPT. Het hoorcollege farmacologie begint iets later dan normaal. Een ongewone gast trekt op de medische faculteit van de Vrije Universiteit te Amsterdam de nodige aandacht en is bovendien te laat. De inleider van het college verontschuldigt zich bij de aanwezige studenten en kondigt de bijzondere gast aan als een “veel te ouderejaars” die “via gewogen loting” is toegelaten tot het college. “Hé, minister Ritzen”, smoezen de studenten als ze de in spijkerbroek en sweater (met OC&W-logo) gestoken 'gaststudent' herkennen.

Ritzen was gisteren uitgenodigd door de medicijnenstudente Marjolijn de Jong. Aanleiding voor het bezoek was een debat enige maanden geleden over het studentenleven in Amsterdam. Tijdens dat debat hield Ritzen vol dat een universiteit in staat moet zijn haar studenten een volwaardige academische vorming te geven. De Jong bracht hier tegen in dat er meer nodig is dan alleen collegelopen als een student zich wil kunnen ontplooien tot academicus. Sociale vaardigheden doet de student volgens de Jong vooral op buiten de universiteit. “U zou voor de grap eens een dagje moeten komen rondkijken op de VU”, had ze geroepen tijdens de rondvraag. Prompt ging de minister op deze suggestie in.

Voor Ritzen was gisteren een druk programma in elkaar gedraaid. Na het ontbijt in De Jongs studentenhuis sprong de minister op de fiets, met zijn gastvrouw achterop, en reed hij naar de medische faculteit in Buitenveldert. Het universitaire gedeelte van het programma bestond naast het hoorcollege uit een rondleiding, een lunch in de mensa en een snij-practicum. Tussendoor reisde het gezelschap per sneltram naar de 'Bijlmer Bajes', waar Marjolijn haar eindscriptie inleverde over de stage die ze daar heeft gelopen voor haar 'eerste' studie psychologie. Rond half vijf was het borreltijd in het Bruin Café van de VU. Een van de aanwezige hoogleraren herkende Ritzen als een oude bekende. “Hé Jo, jij hier?” In vijf minuten werd het jongste wetsvoorstel van de minister over de reorganisatie van de universitaire bestuursorganisatie doorgenomen, waarover de minister dezer dagen met de Kamer overlegt.

Op weg naar de sociëteit van het VU-corps passeerde tram 5 het Maagdenhuis, dat op dat moment bezet wordt door een groep studenten uit protest tegen genoemd wetsvoorstel. Ritzen keek omzichtig uit het raam om te zien hoe het er daar aan toe ging. “Het is toch eigenlijk bizar dat ik hier in de tram langsrij, terwijl ze tegen mij aan protesteren zijn.” Omdat de bezetters onder meer een gesprek met de minister eisten, is eerder op de dag de locatie voor het diner aangepast. “Het zou een ongepaste provocatie zijn als ik om de hoek van het Maagdenhuis zou gaan eten”, meende de minister.

Over het VU-corps, waar hij een groep 'novieten' toesprak, toonde Ritzen zich enthousiast. “Hier gebeuren fantastische dingen.” Maar de bewindsman hield vol dat de sociale vorming van de student vooral een zaak is van de universiteit, omdat volgens hem “slechts een heel klein deel van de studenten iets nuttigs op een gezelligheidsvereniging doet.”

Aan het eind van de dag zei de minister een “heel goede indruk” te hebben gekregen van het studentenleven aan de VU. “De opleiding van de VU is van wereldniveau en de studenten zijn hier zeer betrokken.” Weliswaar had hij weinig concrete zaken kunnen aanwijzen die voor een sociale vorming van de student kunnen zorgen, maar op termijn verwacht hij dat de VU en ook de andere universiteiten daar in kunnen slagen.