Regionale omroep

In het hoofdredactioneel commentaar (31 augustus) worden terecht vraagtekens gezet bij het voorstel van staatssecretaris Nuis om bij de burgers extra geld weg te halen voor de regionale televisie. In Overijssel zijn we al enige tijd gezegend met regionale televisie. Wat deze provinciale dorpspomp de kijkers durft voor te schotelen grenst aan het ongelooflijke.

Kort samengevat: het is een regionale kopie, en dan nog een slechte ook, van de -len: ene Harm uut Riessen trekt interviewend (uiteraard in stevig dialect) door de provincie, (Drika, van de radio, heb ik nog niet mogen ontwaren), dan volgt een quiz over bijvoorbeeld de typische streektaal van pakweg Balkbrug, natuurlijk is er een weerbericht en dan volgt als regelrechte belediging aan de kijker, prime time een half uur durend shot van een provinciale weg, nu eens van Olst naar Raalte, dan weer van Boekelo naar Goor. “Gooi maar op de buis jongens, als het maar beweegt”.

Voor wie desondanks niet uitgekeken raakt, geen nood, na twee uur volgt van al dit fraais een herhaling. Geen verrassende interviews of stellingnames, wel de hele zomer hoempa-muziek. Laten we hopen dat de provincie Overijssel andere provinciebesturen volgt in hun afhoudende opstelling. Eerst moet maar eens echt onderzocht worden wie behoefte heeft aan de provinciale schoolkrant en daarna moet dan maar eens bezien worden wat de burger daarvoor over heeft. Mijn antwoord moge duidelijk zijn.