Martin Bormann

Met enige verbazing las ik in de aanhef van het artikel van Harry van Wijnen van 5 september dat algemeen werd aangenomen, dat Martin Bormann in 1945 om het leven kwam. Hoewel ik mij nooit in het onderwerp heb verdiept, heb ik lange tijd in de veronderstelling verkeerd, dat algemeen bekend was, dat hij nog leefde. Dat komt zo.

In 1970 ben ik eens gestruikeld over een Engelse huurling die als compagniescommandant onder de Belgische 'majoor' Jean Schramme in voormalig Belgisch Congo had gediend tijdens de onafhankelijkheidstroebelen. Deze vertelde mij dat Peter Bormann, de zoon van Martin, toen als missionaris werkte in de Congo en dat hij in handen viel van de Simba's, de ongeregelde troepen van Lumumba. Schramme's huurlingen zijn toen ingezet om hem te bevrijden.

Hoe dat is verlopen herinner ik mij niet meer, maar wel dat zij hem ongedeerd in handen kregen en moesten afleveren op het vliegveld van Stanley- of Elisabethville. Daar landde toen de 'private jet' en daaruit stapte....vader Bormann. Hij bedankte de huurlingen, schudde de hand van mijn zegsman en vertrok met zijn zoon naar onbekende bestemming. Onder geen beding wilde mijn zegsman mij vertellen uit welk land het vliegtuig afkomstig was. Ik heb altijd verondersteld dat het Rusland was vanwege de omstandigheden in Berlijn op het slot van de oorlog en het feit, dat de Russen via Egypte de Simba's van wapens en instructeurs voorzagen. Wij weten nu dus beter.

Als ik lieg, dan lieg ik in commissie!

    • Mr. P. Tamminga