Laatste tsaar

In het artikel 'De laatste tsaar' ( , 26 augustus), gebruikt R.F. Duyff voor prinsen en prinsessen uit het Russische keizerlijk huis de titel groothertog(in). Dit is in dit geval een niet correcte vertaling van het Engelse grand-duke of grand-duchess, dat zowel met groothertog(in) als met grootvorst(in) vertaald kan worden.

Prinsen en prinsessen uit het Huis Romanov voerden echter de titel grootvorst(in) met het predikaat Keizerlijke Hoogheid. Ik noem als voorbeelden Anastasia en - in de vorige eeuw - Hare Keizerlijke Hoogheid Grootvorstin Anna Paulowna die in het huwelijk trad met Zijne Koninklijke Hoogheid De Prins van Oranje, de latere Koning Willem II.

Voordat Rusland tot een grotere eenheid gesmeed was, voerden soevereine vorsten als die van Nowgorod, Moskou en Kiev de titel grootvorst. Buiten het Russische voerde de Oostenrijkse keizer de titel Grootvorst van Zevenburgen.

De titel groothertog voor een soevereine vorst in rang tussen koning en hertog werd voor het eerst verleend aan Cosimo I de Medici van Florence in 1569. In 1699 werd aan de titel groothertog het predikaat koninklijke hoogheid verbonden. In de tijd van Napoleon I en later tijdens het Wener Congres is een aantal vorstendommen tot groothertogdom 'bevorderd', onder meer Mecklenburg-Schwerin, Saxen-Weimar en Luxemburg, dat heden nog de status van groothertogdom heeft.

Wanneer 'grand-duke' vertaald moet worden met grootvorst of groothertog hangt dus af van de historisch-staatkundige context of - wat simpeler - het predikaat Imperial Highness dan wel Royal Highness.

Anna Pauwlona levert echter een vertaalprobleempje op; zij werd geboren als grootvorstin (dus keizerlijk/imperial), van 1840-1849 was zij niet alleen Koningin (-Gemalin) der Nederlanden maar ook Groothertogin van Luxemburg. Maar omdat zij al Majesteit (geen Keizerlijke Majesteit; dat waren haar ouders) was, kwam zij niet toe aan het voeren van het predikaat koninklijke hoogheid. Deze grand-duchess was dus zowel grootvorstin als groothertogin, zij het niet terzelfdertijd. Redelijk uniek, dunkt me.