Choreografie van Voortman en De Jonge grillig en hoekig

Voorstelling Screendiggers. Choreografie: Maria Voortman & Roberto de Jonge; dansers: Leonie Houwen, André de Jong, Catarina Palma; muziekcollage: Jan-Willem van Mook; licht: André Goos; kostuums: Aafje Voortman. Gezien: 6/9 Lantaren/Venster, Rotterdam. Aldaar: 10, 11/9. Verder: 29, 30/9 Amsterdam. Tournee t/m mei.

Bij aanvang van het dansstuk Screendiggers, gemaakt door Maria Voortman en Roberto de Jonge, licht het woord 'RETURN' waarschuwend op in de nog donkere toneelruimte. Dit betekent niet dat het Rotterdamse choreografenduo terug wil keren naar de koele, Fabre-achtige spitzenexercities in eerder werk. Sinds Her Silent Smile (1995) graven de twee behoedzaam naar een eigen idioom dat geënt is op de expressieve beweging, waarin 'mooi dansen' weer mag.

Van de populaire kamikaze-achtige crashdance moet het tweetal duidelijk niets hebben. In Screendiggers blijft het verband gehandhaafd met de klassieke ballettechniek, maar die wordt gemengd met die van de moderne dans. Toch is het moeilijk te beschrijven wat je ziet. De afwisseling van lange lijnen met hoekige en grillige bewegingen, het opvallend draaien met de heupen, de gebroken houding van de armen en de schokkerige motoriek van het lichaam vormen een code die eerst gekraakt moet worden voordat de betekenis ervan kan doordringen.

Of Voortman & De Jonge in samenwerking met de componist Jan-Willem van Mook - die een mix maakte van Shostakovitsj, Cage, Schnittke en Ams Waos - bij het realiseren van Screendiggers zijn uitgegaan van bestaande filmbeelden doet er weinig toe. Zij laten momentopnamen zien van (soms komische) situaties, waarin de sfeer belangrijker is dan de betekenis: een kromgetrokken vrouwtje, een rokende man achter een gordijn, een danseres die haar gezicht met muntstukken wast of een danser die met zijn voet een haperend spoor trekt over de op de vloer geprojecteerde filmstrip (lichtontwerp André Goos).

Meestal bewegen de dansers Leonie Houwen, André de Jong en Catarina Palma onafhankelijk van elkaar. Slechts in enkele heftige duetten en trio's versmelten zij op verrassende wijze in kunstig geconstrueerde bewegingscombinaties. Hun inzet kan het verslappen van de spanningsboog echter niet voorkomen, daarvoor is Screendiggers compositorisch te weinig overtuigend.