Arca's Vriend is pijnlijk actueel

Voorstelling: Vriend van verdienste door Arca Theater Gent naar de gelijknamige roman van Thomas Rosenboom. Bewerking en regie: Yves Jansen; decor: Luc Goedertier; kostuums: Paula Dumont; spelers: Frederik Imbo, Bas Heerkens e.a. Gezien 3/9 Arca Theater Gent. Te zien t/m 25/10 aldaar. Inl 0032-92251860.

Soms kan een toneelvoorstelling een dramatische betekenis krijgen die schrijver, regisseur noch spelers hebben voorzien. Voor aanvang van de voorstelling Vriend van verdienste naar de gelijknamige roman van Thomas Rosenboom hield een van de acteurs van het Arca Theater in Gent een korte inleiding. Hij vertelde over de handeling van de voorstelling: een jongen van vijftien jaar, op de vlucht voor de politie, duikt onder in de torenkamer van vrienden. Het vergijp dat hij op zijn geweten heeft is minimaal: een brommer gestolen, een overhemd gejat, een paar flessen buitgemaakt. Zijn weerloze aanwezigheid in de torenkamer maakt in de vrienden het allerslechtste wakker; ze gaan hem sarren en treiteren, er is sprake van sadisme, ze laten hem verhongeren en tot slot vermoorden ze hem. Thomas Rosenbooms roman Vriend van verdienste (1985) is de literaire verbeelding van dit geval, dat bekend staat als de Baarnse moordzaak uit 1960-1961.

De toeschouwers waren er op voorhand niet gerust op; deze voorstelling zou vast associaties oproepen met de recente, aangrijpende Belgische kindermoord. Ook dood door verhongering en mishandeling; ook seksuele perversie. De inleidende acteur erkende dat ze 'last hebben' van de actualiteit. Het maakte het bijwonen van de uitvoering er niet eenvoudiger op.

Bewerker en regisseur Yves Jansen koos voor veel extra dramatische effecten, die de zuiverheid van de uitvoering niet ten goede komen. Zo klinkt er aan het begin en slot een kinderkoor, waarvan de stemmen beduidend jonger zijn dan die van de ongeveer vijftienjarigen uit Rosenbooms boek. Dit geeft oneigenlijke associaties. De torenkamer waarin Theo (Frederik Imbo) wordt opgesloten, is verbeeld als een zwarte verhoging. Zijn vrienden bewegen zich over een ijzeren raster, dat bij elke voetstap hol en angstaanjagend klinkt.

Hoe zwaarder de handeling wordt aangezet, des te slechter is de voorstelling. Ik kon me niet aan de indruk onttrekken dat de acteurs zich niet thuisvoelden in de door de regisseur bedachte hardheid. Het is zo makkelijk iemand op het toneel te kwellen of om shocking jegens de toeschouwers te zijn. Een paar trappen in het kruis, een verkrachting, pijniging. Moet ik gaan sidderen? Is het wel geloofwaardig?

En toch waren het de acteurs die, zij het gaandeweg, de voorstelling redden. Hoeveel ergs er ook mag schuilen in het romanverhaal, uiteindelijk gaat het over het verlangen naar zuiverheid. De acteur die Theo speelde, Frederik Imbo, intrigeerde steeds meer met zijn wat hoekige, onhandige bewegingen, zijn stem en onschuldige oogopslag. Hij, het slachtoffer, liet zich juist mishandelen om de hoogste graad van verlossing te krijgen. Pas vanaf dit ogenblik, toen het sadisme een tegenstem kreeg, ontstond er werkelijk drama.

Uiteindelijk moet de voorstelling gaan over wat er in het hoofd van de mens gebeurt wanneer een ander aan hem is uitgeleverd. De regie heeft deze diepte niet naar boven gebracht. Toch wist vooral Bas Heerkens als Otto, de miljonairszoon die verantwoordelijk is voor Theo's dood, die neiging tot fysieke pijniging uit te drukken. Acteur Wennie De Ruyk als de overloper Freddie wist goed heen en weer te zwenken tussen twee kampen: dat van de zuigende Otto en de vernederde Theo.

Een voorstelling als deze met haar verreikende, heftige thematiek moet het hebben van subtiliteiten. Hoe gedempter van toon, hoe aangrijpender. De evolutie van vriendschap naar sadisme heeft te weinig uitwerking gekregen omdat het sadisme meer gewicht kreeg dan vriendschap. Met het motief van pijniging en kwelling dient behoedzaam te worden omgesprongen, niet alleen om de voorstelling emotionele kracht te geven maar ook om haar te beschermen voor al te pijnlijke associaties.

    • Kester Freriks