SCHALKE ZAL ALTIJD BLIJVEN BESTAAN

Schalke 04, de Duitse club van blauw en wit, is bijna weer gezond. Na decennia van intriges en malversaties zint de Traditionsverein op herstel van oude waarden. Een volksclub met een immense aanhang is morgen de tegenstander van Roda JC in het toernooi om de UEFA Cup.

In het nieuwe, in blauw en wit geverfde clubhuis heerst de gemoedelijke sfeer van een amateurclub. Voetballers schuifelen door het gebouwtje op zoek naar verpozing. Sommigen blijven staan voor een galerij van schilderijen, waarop voormalige voorzitters staan geportretteerd. Anderen maken een praatje met supporters die elke dag rondom het weidse complex schijnen te zwermen. Dat voetbal leeft in Gelsenkirchen wordt op een doordeweekse dag niet duidelijk. Maar kom eens op zaterdag. Dan klinkt in het Parkstadion uit bijna zeventigduizend kelen: Blau und weiss wie liebe ich dich, blau und weiss verlass mich nicht.

Toch is het niet meer zoals vroeger. Zoals op de Glückaufkampfbahn, zoals tussen de jaren 1934 en 1942, toen FC Schalke 04 zesmaal kampioen van Duitsland werd en éénmaal bekerwinnaar. Toen de artisticiteit op het veld bruiste, hoewel de club veel mijnwerkers onder zijn leden telde. Toen Ernst Kuzorra en Fritz Szepan, getrouwd met zusjes, het spel dicteerden. Kinderen van Poolse immigranten, die naar de Kohlenpott waren gekomen om te werken, zetten de toon. Schalke uit 1904, genoemd naar een volkswijk van Gelsenkirchen, was een club van roem, maar ook een club van laster.

Waar Schalke triomfen vierde op het voetbalveld, daar was ook argwaan. Altijd was er iets wat niet strookte met de heersende regels. Financiële schandalen zijn nooit aan de club voorbijgegaan. Genoemde Kuzorra en Szepan bleken bijvoorbeeld in de jaren dertig in strijd met de amateurbepalingen door Schalke beloond te worden met vijftig Mark per wedstrijd. Toen dat aan het licht kwam pleegde penningmeester Nier zelfmoord. Na de oorlog volgden voorzitter Moritz en penningmeester Radecke het voorbeeld van Nier nadat was aangetoond dat de boekhouding niet klopte.

En dan was er in 1971 het Bundesliga-schandaal waarbij Schalke betrokken was. Spelers, zoals de fameuze spits Klaus Fischer, die tegen betaling over de bal struikelden wanneer zij kans op een doelpunt hadden. Nog geen drie jaar geleden werd Schalke bedreigd door de ondergang en leek intrekking van de Bundesliga-licentie slechts een kwestie van tijd. Voorzitter en geldschieter Eichberg, eigenaar van een keten schoonheidsklinieken, werd doelwit van de belastinginspectie. Hij bleek zich ten nadele van de club verrijkt te hebben en zadelde Schalke uiteindelijk op met een schuld van twintig miljoen gulden. Daarnaast bleek de man een scheidsrechter die het duel Schalke-Duisburg (3-0) leidde, een jachtgeweer van drieduizend mark te hebben geschonken 'ter ere' van diens honderdste wedstrijd in de Bundesliga.

Schalke zou Schalke niet zijn als het met zijn grote en trouwe aanhang er niet bovenop kwam. Helemaal schuldenvrij is de club nog niet, maar met enige vorderingen in het vooruitzicht mag Schalke zich gezond noemen. Het symbool van het herrezen Schalke staat op een tafel op de bovenste etage van het clubhuis. Het is een maquette van het nieuwe stadion, dat 52.000 zittende toeschouwers kan bevatten. Niet alleen het bouwmodel is van Nederlandse makelij, ook het ontwerp, van dezelfde architect van de Amsterdam Arena. Het stadion is een aangepaste, zeg maar gecorrigeerde versie, breder van opzet ook en minder steile tribunes. De ondergrond van de grasmat ligt op rails en kan, zo toont de maquette, onder de tribune door buiten het stadion worden geschoven. Daar in de vrije natuur, want ook bij dit stadion kan het dak worden gesloten, kan het gras de behandeling ondergaan die het nodig heeft en heeft het niet te lijden onder andere dan voetbalattracties.

Wanneer en waar het stadion wordt gebouwd is nog zeer onduidelijk. Maar wie zijn oor in de Schalke-burelen te luisteren legt, weet dat het Parkstadion hard aan vervanging toe is. Het stadion dat in 1974 werd gebouwd om als strijdperk te dienen voor het wereldkampioenschap voetbal, raakt langzaam maar zeker in verval. De veiligheid om 70.000 toeschouwers te herbergen, laat te wensen over. Nog twee jaar en de imposante arena mag nog maar 20.000 mensen toelaten. En hoe moet Schalke dan aan al zijn aanhangers onderdak bieden? Manager Assauer, vroeger een elegante spelverdeler bij Borussia Dortmund, en voorzitter Rehberg, tevens burgemeester van Gelsenkirchen, hebben de afgelopen drie jaar hun invloeden en energie moeten aanwenden om de club van zijn schulden te verlossen. De volgende stap is zekerheid en Schalke afhelpen van het imago dat het een club is van opportunisten.

Vorig seizoen eindigde Schalke 04 zowaar als derde in de Bundesliga, achter de financiële grootmachten Borussia Dortmund en Bayern München. Daardoor kwalificeerde de club zich voor het UEFA-Cuptoernooi. Realisten in Gelsenkirchen veronderstellen dat de hoge positie een uitschieter was. Trainer Jörg Berger, die in 1979 uit de DDR vluchtte en via Tsjechoslowakije de Bondsrepubliek binnenkwam, is een amicale man maar geen sterke persoonlijkheid. Het is al een wonder dat hij al drie jaar bij Schalke werkt. Schalke drijft op de talenten van oud-international Olaf Thon, de mooie middenvelder Ingo Anderbrügge, op de Tsjechische internationals Radoslav Latal en Jiri Nemec, de nieuwe Belgische spits Marc Wilmots, de Amerikaan Tom Dooley en op Youri Mulder, de Nederlander wiens portret op alle Schalke-boekjes en -videocassettes staat. Johan de Kock, de Nederlandse verdediger die van Roda werd overgenomen en morgen ontbreekt wegens een schorsing, moet zijn draai nog vinden tussen de enthousiaste werkers.

Mulder woonde een jaar in Gelsenkirchen, maar is teruggegaan naar Enschede, waar hij bij FC Twente speelde. Er is helemaal niets te doen in de stad van Schalke, weet hij, er is zelfs geen bioscoop. Ja, er is een goed museum dat veel moderne kunst exposeert, en een groot theater. Gebrek aan vertier is de belangrijkste reden waarom Schalke zoveel mensen trekt. In de voormalige mijnstreek, waar vijftig jaar geleden rijkdom was, heerst nu armoe. Voetbal is het enige wat Gelsenkirchen de mensen kan bieden. Hele families melden zich op zaterdag aan de poorten van het Parkstadion en zorgen voor een voor voetbalbegrippen vreedzame sfeer.

De spelersselectie kent nauwelijks spelers die afkomstig zijn uit Gelsenkirchen. Thon is de enige. Doelman Jens Lehmann komt uit het naburige Essen en Martin Max uit Recklinghausen. Mulder noemt zichzelf met zijn woning in Enschede een 'semi-autochtoon'. In zijn woonplaats is ook een Schalke-fanclub. Maar dat is niet zo bijzonder: supporters van Schalke komen van heinde en verre naar Gelsenkirchen, van Beieren en de voormalige DDR tot aan Hannover. Wanneer Schalke een uitwedstrijd speelt, zijn de vakken van de bezoekende club te klein. Konvooien met blauw-witte vlaggen reizen door heel Duitsland op weg naar Schalke. Op de parkeerterreinen van het Parkstadion staan op zaterdag auto's met nummerborden uit alle streken van Duitsland.

De populariteit van Schalke is opmerkelijk omdat de club in het Ruhr-gebied veel concurrentie moet dulden. In de streek waar zo'n 14 miljoen mensen wonen, spelen negen clubs in de Eerste Bundesliga en vier in de Tweede. Maar Schalke is dan ook wat ze in Duitsland een Traditionsverein noemen. Van generatie op generatie oefent de club sinds de wonderbaarlijke triomfreeks in de jaren dertig een sterke aantrekkingskracht uit. Wie van Schalke is, blijft van Schalke.

De ruzies voeren niet meer de boventoon. Emoties hebben plaats gemaakt voor verstand. En er is openheid. In het clubblad Schalke Kreisel staat de begrotingsbalans met inkomsten en uitgaven, activa en passiva afgedrukt. Soms menen optimisten hun stem te moeten verheffen, zoals deze zomer, door te verwachten dat de eerste drie thuiswedstrijden voor een recordopbrengst zullen zorgen: tweehonderdduizend toeschouwers dus. Tijdens de eerste twee thuisduels kwamen in totaal maar 70.000 mensen. Televisie, weet een medewerker van de Geschäftsstelle, Première en Sat-1 zenden alles uit in Duitsland, de mensen blijven thuis.

Morgen tijdens de wedstrijd tegen Roda JC in het UEFA-Cuptoernooi is het Parkstadion echt vol. Al voordat de loting de Nederlandse club als tegenstander aanwees, waren alle kaarten voor het bekerduel uitverkocht. Als de Königsblauen zich voor het eerst sinds 17 jaar weer op Europees niveau gaan bewegen, willen veel Duitsers er getuige van zijn. Schalke is niet voor niets de club waarvan de paus tijdens zijn bezoek aan Duitsland lid werd. En: Blau und weiss wie liebe ich dich, blau und weiss verlass mich nicht.