Het open boek van de genocide

k heb nooit gezegd dat het boek Srebrenica dicht moet”, zei minister Voorhoeve gisteren in Buitenhof. “Het boek Srebrenica mag nooit gesloten worden, evenals dat van die andere oorlogsmisdaden en bepaalde bladzijden van de Tweede Wereldoorlog.” Voor hem is de hamvraag: had de wereldgemeenschap méér kunnen doen om Srebrenica te voorkomen? Zijn antwoord: ja.

Alsof de Grote Regisseur het zo had beschikt, dook 's avonds hetzelfde type vragen op in een uitzending van het ZDF: Hitlers willige Helfer?, een programma naar aanleiding van het promotiebezoek aan Duitsland van de auteur Daniel Goldhagen. Er werden lange fragmenten getoond uit een verhitte discussie die Goldhagen met een aantal belangrijke Duitse historici, zoals Arnulf Baring en Hans Mommsen, voerde.

Volgens Goldhagen heeft 'de grote meerderheid' van de Duitse bevolking ingestemd met de massamoord op de joden. Het ZDF kwam met interessante cijfers op dit gebied. Men had een enquête ingesteld onder Duitsers boven de vijfenzestig jaar. Wat hadden ze destijds zelf meegemaakt, wat zelf gehoord en wat hadden ze pas ná de oorlog vernomen?

De uitslagen waren verrassend. Zes procent beweerde de massa-executies op de joden zelf te hebben meegemaakt, vijftien procent had er destijds van gehoord en zesenzeventig procent had er pas na de oorlog iets van gehoord. Die eenentwintig procent van de eerste twee categorieën komt overeen met zeventien miljoen Duitsers, rekenden de programmamakers voor. Een behoorlijk hoog aantal, zeker wanneer men bedenkt dat het om een recente enquête gaat, een type enquête bovendien waarbij sociaal wenselijke antwoorden voor de hand liggen.

“Het is een heel moeilijke kwestie”, zei Baring, “omdat tussen weten en niet-weten en niet willen weten een groot schemergebied bestaat.” Hij bleef ervan overtuigd dat “de geheimhouding van de staat beter heeft gefunctioneerd dan we denken”.

Er kwamen ook Duitsers uit de oorlogsjaren aan het woord. Een soldaat zei: “Je praatte er alleen in kleine familiekring over.” Een ander: “Er was een muur van zwijgen.”

In Baring en de gewezen vice-kanselier Erich Mende trof Goldhagen zijn felste bestrijders. “Hij generaliseert”, zei Mende die als ex-soldaat geneigd was de Wehrmacht van alle schuld vrij te pleiten. “Toen ik in 1936 in dienst trad, was er in het leger geen antisemitisme.” Een bewering die door Mommsen en Goldhagen onder verwijzing naar modern onderzoek werd weerlegd.

Goldhagen kreeg bijval van de joodse schrijver Ralph Giordano: “In Duitsland heeft na de oorlog niet de these van de collectieve Duitse schuld, maar van de collectieve Duitse onschuld getriomfeerd.” En: “Het misdadige van het regiem was allang vóór de oorlog herkenbaar.”

De programmamakers bleven niet helemaal afzijdig. De commentaarstem bij de filmbeelden uit de oorlog zei op een gegeven moment: “In 1943 wisten veel Duitsers genoeg om zeker te weten dat ze niet méér wilden weten. Daarmee zijn ze in morele zin meegesleurd in de misdaden, die gewild en ingeleid werden door de dictator zelf.”

Goldhagen bleef rustig onder de harde verwijten van vooral Baring. “Ik zal uw standpunt zakelijk bestrijden”, zei hij onder applaus, nadat Baring hem 'een historische leugen' had verweten. Volgens Baring is het apert onjuist dat er in Duitsland al eeuwenlang een op eliminatie gericht antisemitisme bestond.

De historicus Mommsen nam in het debat een soort tussenpositie in. Soms steunde hij Goldhagen: “Dat zeer veel bredere groepen ervan wisten, ben ik met Goldhagen eens.” Maar hij vond tevens dat Goldhagen zich te veel beperkte tot het antisemitisme als dé oorzaak van de holocaust. Op dat aspect heeft in Nederland ook de historicus Von der Dunk gewezen, die al in zijn boek Voorbij de verboden drempel in 1990 schreef: “Niet alleen en uitsluitend de joden maar elk als minderwaardig aangekruist mensentype stond in beginsel op de zwarte lijst van het biologistische racisme.”

Maar Von der Dunk is dan ook een van de felste tegenstanders van Goldhagen. Zou de Nederlandse tv geen discussie tussen hem en Goldhagen willen entameren? Twee discussianten is voldoende - dat leerde deze propvolle uitzending van het ZDF.