Bij Ajax wacht iedereen geduldig op het grote wonder

NIJMEGEN, 9 SEPT. Na de blamage tegen NEC kon Ronald de Boer zich eigenlijk maar één periode herinneren waarin Ajax net zo diep was gezonken. De middenvelder, die tot overmaat van ramp geblesseerd uitviel en zich hinkepinkend door De Goffert bewoog, greep terug naar het begin van zijn loopbaan.

De eerste weken van het seizoen 1988-'89 waarin Ajax onder de als opvolger van Johan Cruijff aangestelde trainer Kurt Linder in zeven wedstrijden slechts vijf punten vergaarde (volgens oude telling). Ajax verloor toen van Fortuna Sittard, PEC Zwolle en RKC.

Vele Ajacieden en ex-Ajacieden krijgen nog exceem als ze aan die periode terugdenken. Linder werd ontslagen. En het bestuur - niet alleen op de hielen gezeten door woedende supporters maar ook door de FIOD wegens zwarte betalingen - stapte een week daarna op. Acht jaar èn vele successen later zijn de resultaten opnieuw schrijnend.

Mede door de 2-0 nederlaag tegen NEC is het deplorabele Ajax na vijf duels acht punten achter geraakt op PSV, dat vooralsnog sterker opereert dan vorig jaar, en zelfs vijf punten op Feyenoord. Gelaten werd de nieuwe tegenvaller geaccepteerd. De godenzonen gaan door een hel. Van enige paniek, zoals in 1988, is geen sprake. Het tamme bioscooppubliek van de Arena roert zich (nog) niet. En het bestuur vertrouwt op betere tijden. Voorzitter Michael van Praag: “Natuurlijk is de situatie zorgelijk. Het is vervelend dat we dit allemaal moeten doormaken. Alles speelt mee, ook de problemen met de Arena. We houden niettemin het hoofd koel en gaan gewoon verder.”

Aan de vooravond van de eerste Champions League-wedstrijd in Frankrijk tegen Auxerre is dat gemakkelijker gezegd dan gedaan. Er mag wel een wonder gebeuren wil Ajax dat duel ongeschonden doorkomen. Woensdag ontbreekt meer dan de helft van het elftal. Blind, Dani, Witschge en Wooter zijn sowieso geschorst, de eerste twee zijn ook nog geblesseerd. Niet fit en speelklaar zijn verder Hoekstra (knie), Kluivert (knie), Veldman (lies). Achter de naam van Ronald de Boer staat een groot vraagteken. Bogarde kan misschien de gelederen wél weer versterken. Wie het zogenaamd fitte deel van Ajax gisteren heeft zien spelen, vreest het ergste. Geen wonder dat Auxerre-coach Guy Roux enkele minuten voor tijd met een grote grijns op zijn gezicht De Goffert verliet.

De manier waarop Ajax zich door NEC liet inpakken was ontluisterend. Zo'n nederlaag kan een keer gebeuren, maar gezien de machteloosheid en de opeenstapeling van fouten lijkt het erop dat Louis van Gaal in mogelijk zijn laatste jaar bij Ajax nieuwe automatismen moet opbouwen. Dat vergt tijd, meer dan de zes weken waarover hij steeds rept. Ajax voetbalt na een paar gevoelige tikken in de voorbereiding zonder een greintje zelfvertrouwen.

De kardinale fouten die in De Goffert werden gemaakt lijken evenwel van een structureel karakter. Hoe was het bijvoorbeeld mogelijk dat de Argentijn Mariano Juan, de beoogde opvolger van Danny Blind, een kopduel verloor van Maurice Graef? De kleine spits van NEC kopte de bal onhoudbaar in voor Van der Sar. Bij de tweede treffer, weliswaar in een fase dat het pleit was beslecht, kon Anton Janssen vrij opkomen vanaf het middenveld. Marcio Santos, de verdediger die bij zijn binnenkomst in Amsterdam riep dat hij niets hoeft te bewijzen omdat hij wereldkampioen was geworden met Brazilië, liep als een oude man op hem af en kwam te laat.

Na een machteloos optreden in de eerste helft kreeg Ajax na rust wat meer kansen. Maar duidelijk werd toch weer dat Babangida niet het inzicht heeft van Finidi. Hij liep zich steeds vaker vast op de sterke Duitser Jörg Sobiech. Op de andere vleugel kwam een ploeterende Marc Overmars, wanhopig op zoek naar meer kracht en zijn oude vorm, zelden Mark Verhoeven voorbij. En in de spits verprutste Ivan Gabrich twee fraaie kansen om zijn debuut met een treffer op te sieren. De Argentijn is volgens Van Gaal een speler die Ajax altijd al zocht. “Een voetballer die niet omvalt.” Dat deed hij nu juist om de haverklap.

Gabrich lag meer dan hij stond. Daarnaast werd hij vier keer afgefloten wegens buitenspel. De entree bij de club van zijn dromen werd een nachtmerrie. Toch vond Van Gaal dat Gabrich juist wel een goede start had gemaakt in het eerste van Ajax. “Hij is alleen een ander soort spits dan Patrick Kluivert.” Inderdaad, een Ray Clarke-achtige aankoop, zoals columnist Jan Mulder dat al omschreef. Maar die scoorde in zijn ene seizoen 1978-'79 bij Ajax in totaal 38 doelpunten. Wie gisteren Dennis de Nooijer aan het werk zag, beseft waarom Van Gaal de opvolger van Kanu eerst in Nederland heeft gezocht.

Ondanks dat machtige lichaam vond Gabrich zijn meerdere in de nog robuustere Cees Lok. De voormalige speler van FC Wageningen kwam het hele vorige seizoen niet aan voetballen toe wegens een gecompliceerde enkelblessure. Hij vreesde het einde van zijn loopbaan toen diverse doktoren tegen hem zeiden dat er niets meer aan de hand was terwijl elke stap hem pijn deed. “Ik was voor velen een aansteller.” Tot chirurg Heijboer van het Dijkzigt-ziekenhuis in Rotterdam de juiste ingreep uitvoerde.

Lok gaf Gabrich bij elk duel een paar decimeter ruimte. “Want anders word je door hem gebruikt als draaipunt en dat wilde ik voorkomen.” Hij aaide Gabrich op een gegeven moment vol medelijden maar eens over zijn bol. “Want voor mijn gevoel ging het lekker. Gabrich is een speler die steeds de fysieke duels opzoekt. Vandaag had hij dan misschien weinig succes. Maar ik denk toch dat hij straks een heel goed aanspeelpunt wordt. Hij is in staat door zijn kracht verdedigers achter zich te houden en de bal af te schermen.”

NEC werd eerder thuis weggespeeld door PSV (1-4) en verloor woensdag nog kansloos bij De Graafschap (4-0). Hoewel Van Gaal vindt dat tegenstanders als NEC en Heerenveen zich met een 4-4-2-systeem thuis geheel instellen op de vorm, de blessures en het kwaliteitsverlies van Ajax, kan elke eredivisieploeg momenteel de Amsterdammers verslaan. Het keerpunt is nog lang niet in zicht.

Dat moet zorgen baren met het oog op PSV dat momenteel een onoverwinnelijke uitstraling heeft. Ajax zal in de onderlinge duels de kloof moeten reduceren en mag geen steken meer laten vallen. “En verder zijn we afhankelijk van de concurrentie”, beseft Van Gaal nog wat onwennig in de rol van een coach die een subtopper traint.