Column

Majesteit

Allereerst veel dank voor Uw fax. Moest erg lachen om die laatste anekdote, die ik inderdaad niet kende. Ik hou erg van dit soort puntige antwoorden. Maar ik ben het met U eens: het blijft een vreemde snuiter.

Uiteraard ook nog mijn felicitaties voor Uw echtgenoot. Zeventig is toch een mooie leeftijd. Was het leuk? Vandaag niet met een kater bij de glasbak? Bij ons thuis loopt elke verjaardag altijd uit op veel te laat en veel te veel. Het bezoek dweilen we meestal om een uur of vier naar buiten en dat lalt en toetert zich daarna op zo'n manier de buurt uit, dat ik weken lang heel devoot sorry loop te knikken naar alles en iedereen wat om me heen woont. Ik heb een schoonzuster die zo trommelvliesverscheurend 'Doei-en-bedankt-hè' door de nacht kan lallen, dat de hele gordel daarna nog uren wakker ligt. Zij heeft de bijnaam 06-11.

U was afgelopen week naar aanleiding van onze man in Zuid-Afrika stevig in het nieuws? Even tussen ons: Is het waar dat U die Roëll heeft teruggeroepen omdat hij met zijn minnaresje naar Pretoria was afgereisd? Vind ik wel leuk. U kent natuurlijk de eerste mevrouw Roëll goed uit Uw Minerva-tijd en U bent gewoon onvoorwaardelijk solidair met deze in de steek gelaten echtgenote. Dat is nog eens klare vrouwentaal. Ik hou wel van dit soort acties. Die Roëll dacht lekker met een jong ding aan een tropisch zwembad te gaan liggen, terwijl zijn vrouw thuis worstelt met haar opvliegers, maar niks daarvan. Terug naar moeders. Grote klasse. Om mij heen merk ik dat Uw bemoeienis niet erg gewaardeerd wordt, maar ik zou me daar niks van aantrekken. Het is trouwens ook wel goed dat U het aan die Van Mierlo hebt verteld. Juist aan hem. Dat is ook zo'n schuinsmarcheerder.

Die mooie blonde dame, met wie hij al jaren op alle recepties verschijnt, is ook zijn vrouw niet. Ben je gek. Dat is zijn vriendinnetje. Ze had zijn dochter kunnen zijn. Hij hokt met haar ergens op een paar kamers. Het wordt tijd dat we al die losgeslagen vijftigers gaan aanpakken. Ik begrijp Uw reactie zo goed. U bent zelf groot geworden in een sfeer van buitenechtelijk rollebollen. Allereerst Uw grootvader Hendrik, die in zijn bronstige jaren heel vrouwelijk Den Haag de stuipen op het lijf joeg. Ik heb mij ooit laten vertellen dat hij het zelfs op de achterbank van de hofauto deed. En dan Uw eigen vader. Die at ook nog wel eens buiten de deur. Men fluistert dat hij toentertijd dat Lockheedgeld nodig had om het een en ander in Parijs te regelen. Dat kon hij moeilijk van Uw moeders pasje pinnen.

Ik begrijp Uw afkeer van dit soort zaken als geen ander en ik vind het goed dat U die Roëll publiekelijk tot de orde hebt geroepen. Het is daarbij ook een goede les voor Uw oudste zoon, want ik kan U wel vertellen: ook over hem gaan geruchten!

Als U niet had ingegrepen had U bij Uw aanstaande staatsbezoek aan het prachtige Zuid-Afrika naast zo'n blaag van achttien aan het banket gezeten. Zo eentje die niet weet hoe je een glas moet vasthouden en over Barbies begint. Wegwezen.

Even iets anders. U zult vast en zeker die Mandela ontmoeten, maar weet U dat ook hij daar niet met zijn Winnie zal verschijnen. Ja Majesteit, ook hij... En hoe zit het met U? Heeft U nooit moeite met de huwelijksbeloften? Loopt er bij U nooit een jonge tuinman te snoeien bij wie U aan iets anders denkt? Mijn vrouw en ik worstelen dagelijks met deze problematiek en zijn veel korter bij elkaar dan U en Uw man. Niks menselijks is U toch vreemd hoop ik? Weet U trouwens dat er al jaren over U een hele vette roddel gaat over een verhouding tussen U en een gehuwde politicus, die nu in Japan woont. Ik treed niet verder in detail, maar ik vind het belangrijk dat U weet wat het volk over U kakelt. Wees van één ding overtuigd: ík geloof het niet. En zeker niet na Uw manhaftige ingrijpen in de zaak Roëll. U bent wederom een treedje geklommen op de toch al zo hoge ladder van mijn achting en ik groet U nederiger dan ooit.