'Kracht Hezbollah is onder het volk'

De laatste twee verkiezingsrondes in Libanon hebben plaats in het zuiden en de Beka'a-vallei, respectievelijk morgen en de zondag daarop. Hier staat de positie van de pro-Iraanse beweging Hezbollah centraal.

BA'ALBEK, 7 SEPT. Op het grote kruispunt bij de afslag naar Nabatiyeh in Zuid-Libanon verdwijnt een metersgrote affiche van de pro-Iraanse beweging Hezbollah in het niet bij een tien keer zo groot portret van de pro-Syrische shi'itische voorman Nabih Berri. Parlementsvoorzitter Berri geniet de onvoorwaardelijke steun van premier Rafiq Hariri in de parlementsverkiezingen - daarbuiten onderhouden zij een haat-liefde verhouding - maar toch rekent Hezbollah hier morgen op stemmenwinst na de nederlagen in de afgelopen weken in andere delen van het land.

De kwestie van wederopbouw na de burgeroorlog en de politieke strijd om de parlementszetels worden hier haast letterlijk gedomineerd door de Israelische artillerieposities. In het zuiden van Libanon geldt één thema: het verzet, de strijd tegen de Israelische bezetting van het grensgebied.

Zelfs volgens dokter Ali, die tot de aanhang van Berri's gematigde, door Syrië gesteunde beweging Amal behoort, heeft Hezbollah hier in Nabatiyeh heel wat aanhangers. “Zij helpen veel mensen met hun eigen hulpdiensten en ziekenhuizen, en op allerlei manier komen ze tussenbeide om het leven van de armen draaglijker te maken: ze bieden onderwijs aan, kleren en voedsel en ze zorgen voor de wederopbouw na iedere Israelische aanval. Ze hebben zoveel voor de mensen gedaan tijdens die 14 dagen in april”, toen de Israelische strijdkrachten in het kader van operatie 'druiven der gramschap' Hezbollah uit het zuiden probeerden te verdrijven. “Ze zullen daar nu zeker de vruchten van plukken.”

“Premier Hariri heeft hier nu ook zijn mannetjes. Kijk maar naar de grote kranen en graafmachines die in de straten bezig zijn. Maar dat is van voorbijgaande aard, dat beseffen de mensen hier maar al te goed”, aldus dokter Ali. “Ook al beschikt Hariri over massa's geld, hij kan de visie van de mensen hier niet veranderen. Hij kan de verkiezingen hier niet vervalsen. De mensen willen maar één ding, en dat is het verzet tegen Israel zien groeien.” In de afgelopen verkiezingsronden is volgens de oppositie op massale schaal door Hariri geknoeid.

“We bestaan nu 14 jaar”, zegt Nayef Krayem, lid van het politbureau van Hezbollah. “Aanvankelijk voerden we alleen gewapende strijd, maar sinds vier jaar zitten we in het parlement. In 1992 verwachtten de deskundigen: ze krijgen een politieke rol, nu zal hun militaire rol wel zijn uitgespeeld. Maar dat was helemaal fout. Wij gaan door met het verzet. Onze kracht is onder het volk.”

Over Amalleider Berri is hij duidelijk: “Drie maanden geleden stonden Berri en Hariri elkaar politiek nog naar het leven, maar nu hebben ze elkaar gevonden uit angst voor de uitspraak van het volk. Het is nog nooit gebeurd in de geschiedenis van Libanon dat alle leiders zo samenspannen tegen de oppositie om de verkiezingen te winnen. We hebben gezien hoe ze mensen intimideren en alles doen om met de macht waarover ze beschikken de verkiezingen te domineren. Ze zijn bang omdat ze weten hoe ze met de Libanese problemen zijn omgesprongen, en hun angst nam enorme proporties aan na de Israelische beschietingen in april, die onze populariteit aanzienlijk vergrootten.”

Maar verder naar het noorden, in het oude Hezbollah-bolwerk Ba'albek, ziet de situatie er voor Hezbollah heel anders uit, ook al zorgt de beweging ook hier voor een heel scala aan sociale voorzieningen. Hier staat het grote imam Khomeiny ziekenhuis. De muren rondom het parkeerterrein en het moderne ziekenhuis zijn in de Iraanse groen-wit-rode kleuren geschilderd, en vlakbij de poort leert een leus dat “de geneeskunde en de verpleegkunde even edel zijn als het bidden”, eem uitspraak van wijlen de Iraanse Opperste Leider Khomeiny. Hezbollah beschikt ook in Zuid-Beiroet over een dergelijk modern ziekenhuis, het Ziekenhuis van de Almachtige Profeet, en verder zijn er in het zuiden en in de Beka'a-vallei talrijke apotheken gevestigd.

Maar hier lijkt het sociale werk niet meer toereikend om de aanhang vast te houden. “De meeste mensen hier willen niets meer met ze te maken hebben”, zegt de 40-jarige onderwijzer Hussein. “Ze willen gewoon de burgeroorlog vergeten en opnieuw toeristen in hun stad zien. Wij hebben door hun aanwezigheid en die van het Syrische leger alleen maar het voortdurende risico van Israelische vergeldingsaanvallen - maar geen werk.”

In de hoofdstraat van Ba'albek bevindt zich in een groot kantoorgebouw de Hezbollah-supermarkt Al-Houda. Het ziet er allemaal heel gewoon uit in de winkel, maar op de trap staat de klant plotseling oog in oog met twee reusachtige portretten van Khomeiny en zijn opvolger Khamenei.

Een mullah in de traditionele bruine, Iraanse mantel en witte tulband doet er zijn inkopen. Hij kleurt mooi bij de gigantische Coca-cola reclame tegen de muur van de vleesafdeling. Bij de kassa stopt hij zijn wisselgeld in de collectebus in de vorm van de Koepel van de Rots moskee in Jeruzalem.

Zijn tegenhanger is de mooie, jonge Sahar. Ze draagt een strakke witte spijkerbroek en een blauw bloesje zonder mouwen. Haar lange, zwarte haar hangt los. “Ze zijn OK”, zegt ze over de Hezbollahi, maar van de chador, de zwarte islamitische omslagdoek, moet ze niets hebben. Zelf mag ze nog niet stemmen, maar ze weet dat haar ouders deze keer zeker niet voor Hezbollah kiezen.

Sahar is de belichaming van de minderende invloed van Hezbollah hier. Het is duidelijk aan het straatbeeld te merken dat de Libanezen zich ontworstelen aan de vanuit Iran geïmporteerde kleding- en gedragsregels. Een paar jaar geleden was dat nog wel even anders. Toen opende Hezbollah met zijn artillerie het vuur op een zomerfestival om het de jonge toeschouwers in spijkerbroeken en zonder hoofddoek op in Ba'albek niet welkom waren.

In de Beka'a-vallei blijft Hezbollah alomtegenwoordig. Er staat langs de weg door de Beka'a naar Ba'albek geen lantaarnpaal zonder Hezbollah-affiches of gele Hezbollah-spandoeken. Op de affiches staat een strijder afgebeeld die de Hezbollah-vlag op een heuvel neerplant, met de tekst: “Voor u zitten wij in het verzet, om ons land te bevrijden”.

De sunnitische moslim Mahdi wil er niets van weten. Hij draagt een opvallend T-shirt met de Amerikaanse vlag en het opschrift: Desert storm - the ground war. “Ik val nog liever dood dan met mijn auto bij hun benzinepomp aan te komen. Zo gauw je hun iets vraagt, hebben ze je in hun greep. Mij niet gezien.”