Clinton kent niet anders dan economische groei

NEW YORK, 7 SEPT. President Clinton moet wel als één van de weinige Amerikaanse presidenten de geschiedenis in gaan die van het begin tot het einde van zijn eerste ambtstermijn een periode van economische groei heeft meegemaakt.

Geholpen door Alan Greenspan, de Republikeinse voorzitter van de Federal Reserve Bank (FED), het Amerikaanse stelsel van centrale banken, kennen de Verenigde Staten al enkele jaren stabiele economische groei die gepaard gaat met matige inflatie.

Het verhaal lijkt eentonig want voorlopig blijft die groei doorgaan. Na een explosieve groei van het bruto binnenlands produkt in het tweede kwartaal, dat in de herziening uitkwam op 4,9 procent, leken de tekenen te wijzen op een vertraging van de groei in de tweede helft van dit jaar. De consument had in juni even minder vertrouwen in de economie, de verkoop van nieuwe huizen liep terug en dat verbaasde niemand want de hypotheekrente was in het voorjaar gestegen. De aandelen daalden, deels als gevolg van de afnemende groei, omdat de winstvooruitzichten minderden. De Republikeinen verzamelden anti-Clinton-munitie.

Maar het pakte allemaal anders uit. De enkele, wat lager uitvallende cijfers bleken velen op een verkeerd spoor te hebben gezet. Enkele weken geleden rekende zakenbank J.P. Morgan, dat voortdurend had vastgehouden aan zijn eigen prognose van een voortgaande groei, triomfantelijk af met de pessimistische reacties van collega's. “Waarom zou de consument bezuinigen als de arbeidsmarkt nog steeds sterk is, lonen eindelijk stijgen en het vertrouwen op het hoogste niveau staat sinds de periode van economische groei begon,” vroeg de bank zich af. De Amerikaanse index van het consumentenvertrouwen steeg in juli inderdaad tot recordhoogte.

De Amerikaanse werkgelegenheidscijfers van gisteren bevestigen dat er van een vertraging in de groei geen sprake is. De hele week al leefden de markten tussen hoop en vrees in afwachting van de cijfers van gisteren. In het algemeen zag de economie er al enkele weken weer goed uit. Nu begonnen de prognoses naar de andere kant door te slaan en liepen ze steeds verder op. De banengroei zou volgens sommigen 325.000 bedragen en de FED zou wellicht zelfs tussentijds de rente verhogen, misschien wel met een half procent.

Voor de zekerheid begonnen handelaren hun obligaties maar vast van de hand te doen en klom het rendement van de 30-jarige obligatie als gevolg van koersdalingen tot boven de 7,1 procent.

Even was er verwarring gisteren toen de werkgelegenheidscijfers uitkwamen.

Hoewel de banengroei precies overeenkwam met de gemiddelde verwachtingen, namelijk 250.000, daalde het percentage werklozen van de beroepsbevolking in vergelijking met juli met 0,3 tot 5,1 procent. Dat is het laagste niveau sinds maart 1987, toen het percentage op 5,0 stond. De markten haalden echter opgelucht adem nu blijkt dat de economie op koers ligt. Aandelen en obligaties eindigden de week met flinke koersstijgingen.

Een onderdeel van het maandelijkse rapport baart echter zorgen en de markten negeerden dat grotendeels. Het gemiddelde uurloon steeg in augustus met 6 dollarcent. Na een stijging in juni met 10 dollarcent en een daling in juli met 2, betekent dat toch een behoorlijke verhoging. Koppel dat aan het uiterst lage werkloosheidspercentage van 5,1 en er is een kans op grotere looninflatie.

In sommige staten in het middenwesten en in grote stedelijke gebieden zijn al duidelijke arbeidstekorten ontstaan. Het werkloosheidspercentage in Michigan van 4,6 procent wordt beschouwd als twee procent onder dat van volledige werkgelegenheid. “Ik zie in restaurants en winkels bijna niemand meer van boven de zestien”, zegt econoom David Littman, die in Detroit woont. “Bedrijven nemen jongeren aan omdat ze goedkoper uit zijn maar ook omdat er niemand anders meer te krijgen is.” Bij voortgaande groei dit jaar en volgend jaar kan de looninflatie op gaan lopen.

Econoom Bob Mellman van J.P. Morgan verwacht inflatie van 3,5 procent in 1997, bijna een procent meer dan de 2,6 procent van 1995. Clinton is dan al herkozen, maar bij gelijkblijvende economische groei van plusminus 3 procent op jaarbasis en bescheiden rentestappen zit er hogere inflatie aan te komen.

En zie dan de markten eens in beweging komen.