Verdachte voorkenniszaak was relatie BolsWessanen

AMSTERDAM, 6 SEPT. De vierde verdachte in de voorkenniszaak rondom BolsWessanen is een voormalige zakenrelatie van het voedingsmiddelen- en drankenconcern. De politie van Noordwijk heeft vanmorgen bevestigd de 50-jarige ex-ondernemer P. D. vorige week te hebben aangehouden in zijn woonplaats Noordwijkerhout.

P.D. werd vorige week woensdag gearresteerd door de Noordwijkse politie op verzoek van de Economische Controle Dienst (ECD), die met het openbaar ministerie onderzoek doet naar misbruik van voorwetenschap bij de handel in effecten BolsWessanen. Hij is een dag vastgehouden voor verhoor en daarna op vrij voeten gesteld. Vanmorgen was hij niet bereikbaar voor commentaar en zijn raadsman, mr. P.C. Römer evenmin.

Zijn identiteit was tot op heden onbekend. Naar nu blijkt is hij de voormalige eigenaar van een Katwijkse snackproducent, die in 1991 werd verkocht aan BolsWessanen. P.D. bleef tot februari 1994 verbonden aan de onderneming als directeur.

Voordat P.D. werd opgepakt, waren de voormalige restaurant-uitbaters J.G. en A.H. al gearresteerd in Bentveld. Dinsdagavond werd ook de BolsWessanen-functionaris T.J. van N. aangehouden. Rondom het middaguur was zijn verhoor nog aan de gang en kon Justitie geen mededelingen doen over zijn inbewaringstelling.

De positie van Van N. binnen BolsWessanen stond al op het spel en is nu met zijn arrestatie in de voorkenniszaak alleen maar zwakker geworden. BolsWessanen maakte vorige week op een persconferentie bekend dat de groepsdirectie en de raad van bestuur van het concern zullen worden samengevoegd tot een vijfhoofdige concerndirectie. Voor de directeuren voor wie geen plaats is in de nieuwe concerndirectie, onder wie Van N., “zal naar een oplossing worden gezocht”, zo herhaalde de woordvoerder van BolsWessanen vanochtend.

Volgens de zegsman is er toen niet gezegd of er ontslagen zouden vallen. Hij wil niet ingaan op de vraag of de arrestatie van Van N. tot diens ontslag zal leiden. “Er zijn twee zaken die spelen. De mededeling over de nieuwe concerndirectie en het justitieel onderzoek. Verder geef ik geen commentaar.”