Schrijvers, daar trouw je niet mee

Diane de Margerie: Dans la spirale. Gallimard. 152 blz. ƒ 34,85

'Een vrouw moet drie dingen kunnen: een brief schrijven, hardop voorlezen en haar entree maken in een salon.' En: 'Je moet het leven draaglijk maken door het in te pakken in sluiers van poëzie en illusie.' Dit zijn maar twee van de vele notities die de vertelster aantreft in de paperassen van haar ouders, die zij na hun dood moet ordenen. Ze is ruim drie jaar bezig met de achtentwintig koffers, vol briefwisselingen, foto's en aantekeningen, die de opstelsom vormen van haar eigen verleden.

Naarmate de vertelster vordert met deze therapeutische bezigheid om de dood van haar dierbaren te verwerken, ontvouwt zich, als in een gefragmenteerde droom, het leven van haar ouders en grootouders. Er blijkt veel weggestopt en verdrongen. Er is veel schone schijn. Haar vader en grootvader moesten succes hebben in hun vak en cultiveerden hun eergevoel en plichtsbesef. De gefrustreerde ambitie en creativiteit van haar moeder en grootmoeder uitten zich in heimelijke notities en romantische citaten. De vertelster raakt gevangen in het leven van al die voorouders, die op hun beurt weer vastgeketekend waren aan hun eigen verleden. Ontsnapping aan de knellende greep van het verleden lijkt haar alleen mogelijk door het maken van onverwachte, nieuwe keuzes.

De belangrijkste keuze die de ik-persoon heeft gemaakt was te gaan werken en zo, volgens haar ouders, 'het brood uit de mond van de armen te stoten'. Bovendien werd ze schrijfster. Eén van de uitspraken van haar vader waarmee de vertelster nog steeds worstelt, gaat over schrijvers: 'Je leest ze, je zet ze in de boekenkast, maar je trouwt er niet mee'. Ironisch genoeg beschikten haar voorouders in vrouwelijke lijn allemaal over een literair talent, dat stelselmatig onderdrukt werd omdat een dame uit de gegoede kringen nu eenmaal niet schreef. Diane de Margerie heeft zich met dit derde autobiografische boek, ten doel gesteld de spreekbuis te zijn van die vrouwen die hun stem niet konden laten horen.

Hierin is ze maar gedeeltelijk geslaagd, want Dans la spirale is toch vooral een verslag van haar eigen gevoelens bij het verlies van haar moeder. Hoe pijnlijk de, voor haar noodzakelijke, speurtocht was naar de jeugd van haar ouders, blijkt uit het feit dat ze een deel van het boek schreef in een ver exotisch land. Zo probeerde ze te ontsnappen aan de bekrompen burgerlijke moraal van begin deze eeuw, waarin ze zich moest verdiepen. In wezen wist de vertelster niets van de jeugd van haar ouders voordat ze zich door de achtentwintig koffers had heengewerkt. Ze weet nu dat ze geen gelukkige jeugd hadden, hoewel ze daarover nooit met haar hebben gesproken. Tussen de vertelster en haar moeder bestond geen vertrouwelijke band. Onwillekeurig wordt de lezer nieuwsgierig naar de ervaringen van de jongste generatie.

Volgens De Margerie ontsnapt niemand aan de spiraal van de erfelijkheid. Angsten en dromen gaan over van generatie op generatie. Door de poëtische stijl waarin deze dromen, overpeinzingen en herinneringen zijn opgetekend, is Dans la spirale mooi en melancholiek. Het ontbreken van enige vorm van humor maakt het boek echter wel loodzwaar.

    • Margot Dijkgraaf