Juppé verwent de bovenklasse en paait het midden

PARIJS, 6 SEPT. Met een flinke verlaging van de inkomstenbelasting in 1997 hoopt premier Alain Juppé Frankrijks economie, die het tweede kwartaal van dit jaar met 0,4 procent kromp, weer groei in te blazen. Door de btw hoog te laten, de hoogste inkomensklassen in stilte te ontzien en de middengroepen als grote begunstigden van de hervorming aan te merken, laat Juppé blijken zeker ook de parlementsverkiezingen van 1998 op het oog te hebben.

De grote lijnen waren al uitgelekt. Gisteravond volgde de officiële uitleg. De eerste tien minuten van de avondjournaals op alle grote tv-netten waren gevorderd door de minister-president die als een Franse Ross Perot met gunstig gekozen rekenvoorbeelden en kleurige grafiekjes uitlegde dat bijna iedereen, “maar zeker de werkenden en vooral degenen daarvan die een familie onderhouden”, er aanzienlijk op vooruit gaan.

De helft van de Fransen valt al buiten de inkomstenbelasting en als Juppé's plannen wet zijn, zullen enige honderdduizenden gezinnen extra worden vrijgesteld. De inkomens die in het laagste tarief (nu 12 procent) van de inkomstenbelasting vallen, zullen over vijf jaar nog maar 7 procent betalen. Het toptarief van 56,9 procent zal in 2001 nog maar 47 procent bedragen. Van de 300 miljard francs (100 miljard gulden) die Frankrijk aan inkomstenbelasting jaarlijks int, zal de regering over vijf jaar 75 miljard minder opeisen: een kwart verlaging op de hele linie genomen.

Juppé: “We hadden dit graag een jaar eerder gedaan maar het geld was er niet. Eerst moesten wij de spiraal doorbreken van steeds maar oplopende tekorten. Dat is gebeurd. Voor het eerste in de geschiedenis geeft de staat volgend jaar niet meer uit dan dit jaar. Nu is het tijd een signaal te geven opdat de burgers door meer koopkracht weer vertrouwen krijgen. Dat levert groei en dus banen op. Daar is alles om begonnen.”

Hoewel de Franse burgers maar 6,2 procent van het bruto binnenlands produkt aan inkomstenbelasting betalen, tegen 9,4 procent in Groot-Brittannië en 10 procent in de VS, wordt de lastendruk als zwaar ervaren. Dat komt met name door de hoge sociale premielast, naast forse lokale en indirecte belastingen. Juppé kondigde ingewikkelde wijzigingen aan in de sociale premies, die vooral betekenen dat gepensioneerden, uitkeringstrekkers en mensen met inkomen uit kapitaal meer aan de sociale voorzieningen gaan meebetalen. Voor werkenden neemt de sociale premiedruk iets af. De druk verandert nauwelijks.

Al vòòr Juppé zijn plannen aan het volk had meegedeeld was een aanzienlijke golf van kritiek los gekomen. Zijn voorganger als eerste minister, zijn neo-gaullistische Edouard Balladur, toonde zich ontevreden met de 25 miljard francs die de regering in 1997 aan verlaging van de inkomstenbelasting weggeeft. Na zijn aantreden in 1996 heeft de regering-Juppé tussen de 100 en 120 miljard aan lastenverzwaringen doorgevoerd (afhankelijk van wie de veelheid van genomen maatregelen taxeert). Volgens Balladur heeft dat de Franse economie een domper gegeven die pas wegvalt als de regering voor meer dan 100 miljard aan lastenverlichting doorvoert.

Ook de oud-ministers en coalitiegenoten van Juppé, Madelin en Léotard, vinden dat Juppé lang niet ver genoeg gaat. De socialistische oppositie noemt het een “onrechtvaardig plan”: zij wijzen er op dat als de regering echt iets aan de koopkracht van de gewone consument had willen doen een verlaging van de btw (door Juppé vorig jaar verhoogd van 18,6 naar 20,6 procent) meer voor de hand had gelegen. Die verhoging kostte de Fransen het afgelopen jaar ongeveer 57 miljard francs. Ook de vakbeweging heeft zich in dergelijke zin uitgelaten en lijkt allerminst van plan de aangekondigde najaarsacties af te blazen. Marc Blondel zei: “Dit is een volstrekt a-sociaal plan. Meer Fransen, niet minder zouden inkomstenbelasting moeten gaan betalen.”

Hoewel Juppé vóór de zomer in dit najaar het begin van een fundamentele belastingherziening had aangekondigd, sprak hij daar nu niet meer van. Enkele aftrekposten zullen iets worden gesnoeid (groot onderhoud eigen huis, levensverzekering), maar de priviliges die ruim tachtig beroepsgroepen genieten (vast aftrek van enkele tientallen procenten op grond van oude rechten) blijven onaangetast. En, om het najaar niet al te heet te laten worden, ook de aftrekbaarheid van het vakbondslidmaatschap blijft zoals het was.

Uit een enqûete, vanmorgen gepubliceerd in Libération, blijkt dat 83 procent van de Fransen uitzag naar een andere economische politiek. Het werd dus wel tijd voor een gebaar. Voor meer was zeker geen ruimte: ook deze 25 miljard voor 1997 moeten zichzelf deels terugverdienen, met hulp van de gebruikelijke verhoging van de accijnzen op tabak en autobrandstof.