Eis: boete om dierenkwelling

LEEUWARDEN, 6 SEPT. Tegen een 55-jarige veehouder uit Surhuisterveen is gisteren voor de Leeuwarder rechtbank een geldboete van 20.000 gulden geëist wegens dierenkwelling. Ook wil officier van justitie H. Dijkstra dat hij zijn bedrijf een jaar lang stillegt.

De man stond gisteren voor de tweede keer terecht wegens het onthouden van zorg aan zijn vee. In 1992 was hij al eens veroordeeld wegens 'gruwelijke opzettelijke verwaarlozing van zijn veestapel'. Hem werd toen een half jaar lang verboden vee te houden.

Maar in 1994 ging de veehouder weer in de fout. Hij zou enkele van zijn 35 schapen niet behandeld hebben tegen rotkreupel en graskalveren hebben laten liggen in een hok met een dikke laag mest. De dieren waren ernstig bevuild, en de mest werd niet tijdig en adequaat van het erf afgevoerd.

Op 26 augustus dit jaar troffen ambtenaren van de Algemene Inspectiedienst een sterk vermagerde stier aan in het weiland van de verdachte. Het dier lag op zijn rechterzij, kon niet meer staan en had diverse doorligplekken. “Je hart draait om als je het ziet”, sprak rechtbankpresident Th. C. van Gelder, toen hij foto's van de stier bekeek. Een dierenarts verloste het verzwakte dier uit zijn lijden.

In een schuur troffen de ambtenaren drie jonge stieren aan in matige conditie, zonder voer en water. De etenstrog was vervuild met mestresten. In een andere donkere schuur zaten dertig konijnen in hokken, waarin een vijftien centimeter dikke laag mest lag. Zij hadden evenmin voer of water. In een derde schuurtje werden een dood lam, vijftien jonge koeien, en vier lammeren met een groeiachterstand en diarree aangetroffen. Toen de opsporingsambtenaren na enkele dagen terugkwamen voor een controle was er weinig veranderd.

“Het was nog steeds een grote rotzooi bij u”, concludeerde Van Gelder die de verdachte vroeg wat hij met hem moest beginnen. Officier van justitie H. Dijkstra vond dat de verdachte “absoluut” niet in staat was om een veehouderijbedrijf te voeren. De advocaat van de man, M. Bartels, stelde dat haar cliënt nooit een modelboer zou worden. Ze betwijfelde de rotkreupel en vroeg alleen een geldboete, zonder stillegging van het bedrijf. De verdachte beloofde zijn tweede baan als nachtelijk kippenvanger op te zeggen, zodat hij zich volledig aan zijn vee kon wijden.

Uitspraak: 19 september.