De man van Bouterse

DE POLITIEKE aardverschuiving die bij de mei-verkiezingen in Suriname is uitgebleven, heeft zich alsnog voltrokken met de verkiezing van Jules Wijdenbosch tot president. De Verenigde Volksvergadering heeft ten slotte de voorkeur gegeven aan de man van Bouterse boven Ronald Venetiaan.

Deze heeft het land na de traumatische militaire dictatuur van Bouterse cum suis weer op het rechte spoor gebracht. Maar hij is ook een symbool van “de oude politiek”, zoals het Surinaamse (etnische) equivalent van de verzuiling wordt genoemd.

De voornaamste betekenis van de verkiezing van Wijdenbosch is dat Suriname kennelijk genoeg heeft van dit oude consensusmodel. Het was zo diep geworteld dat het de militaire machtsgreep kon overleven. Maar nu is het toch aan zijn eigen gewicht bezweken. De hindostaanse - en zeer oude - voorman Lachmon weigerde zijn belofte na te komen om zelf het presidentschap te claimen als zijn groepering gelijk zou eindigen met de creoolse coalitiepartner. Dat paste geheel in het stramien van de oude politiek, maar miskende de beweging in eigen gelederen. Het kwam Lachmon te staan op een paleisrevolutie die de weg opende naar de doorbraak van Wijdenbosch.

De uiteindelijke zege van Wijdenbosch is overigens niet in de laatste plaats te danken aan opportunistische motieven. De hindostaanse dissidenten lijken meer tégen Lachmon dan vóór Bouterse. Hun actie werd gesteund door enkele grote zakenlieden die zo hun eigen overwegingen zullen hebben. De Javaanse partij KTPI, die in de onderhandelingen ten slotte een sleutelrol vervulde, ging het vooral om het aantal ministersposten. Het moet maar worden afgewacht of de nieuwe gelegenheidscoalitie het immobilisme weet te doorbreken dat de oude politiek tenslotte niet ten onrechte de das heeft omgedaan.

HET GROTE probleem voor Nederland is niet zozeer de, volstrekt legale, regeringswisseling in Suriname als wel de man op de achtergrond - Bouterse. Wijdenbosch heeft zich na de 'telefooncoup' van Kerstmis 1990 al eens door Bouterse als willig werktuig laten gebruiken. Het is de vraag of de nieuwe president het door zijn voorganger ten langen leste aangekondigde onderzoek naar de decembermoorden en andere schendingen van de rechten van de mens door de militairen ook werkelijk zal doorzetten en medewerking zal verlenen aan het zogeheten CoPa-onderzoek naar drugshandel.

Deze onderwerpen zijn niet voor niets ijkpunten van de betrekkingen tussen Suriname en Nederland. Het onverwerkte verleden vormt een aanwijsbare rem op de ontwikkeling van de nog steeds jonge democratie. De verkiezing van Wijdenbosch vormt een aansporing temeer de regering van Suriname te beoordelen op haar daden en niet op de bijna romantische bekoring die nog steeds van het voormalige rijksdeel uitgaat. Deze bekoring leidt slechts tot steeds nieuwe afhankelijkheden, waar niemand uiteindelijk beter van wordt. Als het einde van de oude politiek het begin is van een nieuwe, meer nuchtere en afstandelijke relatie is dat in elk geval winst.