Zinnige winstvoorspelling in medicijnenhandel niet langer mogelijk; Prijzenwet zet OPG onder druk

ROTTERDAM, 5 SEPT. OPG Groep, coöperatie van apothekers en Nederlands belangrijkste groothandel in medicijnen, deed vorig jaar nog een degelijke voorspelling over de te verwachten resultaten. De situatie op geneesmiddelengebied is nu echter zo dramatisch gewijzigd, dat geen “prognose met een acceptabele tolerantie” mogelijk is.

Werd vorig jaar gesteld dat de netto winst in het boekjaar '95/'96 in elk geval boven de 65 miljoen gulden zou liggen, gisteren bleek dat doel met 69,2 miljoen gemakkelijk te zijn bereikt. Daarbij is de omzet met 532 miljoen gegroeid tot 2,627 miljoen gulden, ofwel met zo'n 25 procent.

Er lijkt geen vuiltje aan de lucht, maar gisteren bij de presentatie van het jaarverslag maakte de voorzitter van het managementsteam, mr.drs. J.M.J. Blom, duidelijk dat het anders ligt. Dat komt voornamelijk door de invoering van de Wet Geneesmiddelenprijzen per 1 juni van dit jaar. Die wet voorziet in een verlaging van de prijzen van geneesmiddelen, die de groothandel bij de apotheek in rekening mag brengen. Medicijnen mogen volgens de wet niet duurder zijn dan het rekenkundig gemiddelde van de prijzen zoals die gelden in Duitsland, Frankrijk, België en het Verenigd Koninkrijk. Het komt er op neer dat ze met 20 procent zijn verlaagd. De opbrengst moet uiteindelijk zo'n 700 miljoen gulden op jaarbasis bedragen.

De groothandelaren worden meegezogen in die prijsdaling, want hun wordt een marge gegund die feitelijk door de fabrikant wordt bepaald. Tot nu toe bedraagt die marge zo'n 13 procent en sinds 1 juni dus 13 procent op een produkt dat 20 procent goedkoper is geworden. Een groot probleem dat daardoor ontstaat is dat de groothandel minder speelruimte heeft om de apotheker bij wijze van klantenbinding bonussen en kortingen te geven.

De afgelopen jaren is de markt van zogeheten generieke middelen of loco's - middelen waarop het octrooi is verlopen - en die van parallelimport, enorm gegroeid. Bij de laatste groep gaat het om merkgeneesmiddelen die uit een ander, goedkoop Europees land worden gehaald. De overheid heeft apothekers ook steeds aangemoedigd waar mogelijk 'generiek en parallel' aan de patiënt te geven. Een derde van het kostenverschil met het gewone specialité of merkgeneesmiddel mocht hij in zijn zak steken. Maar die zelfde overheid blijkt deze 'stimulans' goeddeels de nek omgedraaid te hebben door de prijzenwet. Het is logisch dat de parallelmarkt goeddeels instort als hier een gemiddelde Europese prijs gaat gelden, maar ook de generieke producenten zien hun omzetten teruglopen. Vooral zij moesten het bij gebrek aan toegevoegde waarde hebben van bonussen en kortingen, maar daar is de boter nu klaarblijkelijk stevig uitgebraden.

Zo zucht niet alleen OPG's groothandelsactiviteit onder de prijzenwet, maar ook belangrijke andere bedrijven uit de groep. De fabriek Pharmachemie in Haarlem is gespecialiseerd in generieke produktie, Polyfarma - een ander onderdeel van de OPG Groep - doet met haar 'eurospecialite's' aan parallelimport. Pharmachemie kan de komende jaren een hoop leed compenseren, verwacht Blom. De fabriek komt binnenkort 'nieuwe' produkten. Zo staat voor dit en volgend jaar alleen al een zestal kankermiddelen op de plank klaar voor introduktie. Slaan die middelen aan bij de voorschrijvende artsen, dan kan dat een vergroting van de omzet van enkele honderden miljoenen guldens betekenen. Voor de vrijwel nieuwe fabriek van Pharmachemie zal dat uiterst belangrijk zijn. Wat betreft tamoxifen probeert het bedrijf handig in te spelen op recente juridische ontwikkelingen in de VS. Het octrooi van dat middel is met succes aangevochten door een generieke Amerikaanse fabrikant, maar die is na een 'zoenoffer' niet tot produktie overgegaan. Maar dat hoeft Pharmachemie niet te verhinderen om er toch de Amerikaanse markt mee op te gaan.

Een ander lichtpuntje ziet OPG in het op de markt brengen van yewtaxan, een tegenhanger van taxol, dat door het Amerikaanse bedrijf BristolMyers Squibb wordt gemaakt. Het gaat om een middel tegen kanker, waarvan het werkzame bestanddeel uit de taxusboom wordt gewonnen en in de VS goed is voor een omzet van ruim een half miljard dollar. Registratie van yewtaxan is in verscheidene landen al aangevraagd door Yew Tree Pharmaceuticals, een joint venture van Pharmachemie en het Noorse Hafslund Nycomed. De indicatie voor het middel is nu nog beperkt tot hardnekkige vormen van ovariumcarcinoom, maar de verwachting is dat het middel in de nabije toekomst een belangrijke rol gaat spelen bij de behandeling van een groot aantal vormen van kanker.

Pharmachemie 'internationaliseert' zo richting Amerika, maar ook in oostelijke richting. De onderneming participeert in het Russische MIR Pharmaceuticals, samen met een vijftal andere producenten. De activiteiten van het bedrijf zijn de afgelopen tijd flink uitgebreid. Zo is een distributie-centrum opgezet dat aan alle Westerse standaarden voldoet en mag het nu een aantal produkten op de Russische markt gaan brengen. Er is inmiddels een marketing- en verkoopstaf opgezet. Bedoeling is dat de verkoop van generieke middelen, die door de verschillende MIR-partners worden gemaakt na deze zomer gaat beginnen. Naast vergroting van de binnenlandse markt moet Pharmachemie het dus gaan hebben van een sterke groei van de export.

Polyfarma moet opboksen tegen andere Nederlandse parallelimporteurs, die hun hele hebben en houden nu hebben gekoppeld aan bonussen en kortingen die hun in het gevlij van de afnemende apotheker moeten brengen. Maar ook Polyfarma slaat de vleugels uit. Polyfarma A/S in Denemarken werkt naar tevredenheid, zuster Pharma Service Grunewald GmbH in Duitsland heeft het door scherpe concurrentie wat zwaarder, terwijl Polyfarma Ltd in het Verenigd Koninkrijk inmiddels aan alle Britse volgesorteerde groothandels levert. Polyfarma moet het dus minder en minder van de binnenlandse activiteiten hebben en meer moeten gaan leunen op de buitenlandse vestigingen.

OPG verkeert al met al in een onzekere fase, die er toe leidt dat het bedrijf geen voorspellingen aandurft. Bij dat alles is dan niet eens de postorderfarmacie meegerekend, waarmee verzekeraar Zilveren Kruis wil gaan beginnen via het Amerikaanse Caremark. Een vorig initiatief van de Velpse verzekeraar Geove sneuvelde onder meer door onwilligheid van de Nederlandse groothandels om de apotheek van de postorderaar te bevoorraden. Het ministerie van Economische Zaken probeert een herhaling van die gebeurtenissen te voorkomen en heeft de groothandels een brief met achttien priemende vragen voorgelegd, die OPG inmiddels heeft beantwoord. Dat houdt echter niet in dat Caremark op leveranties van OPG hoeft te rekenen.