Seks zonder sensatie

'NVSH? Is dat soms een nieuw standje?'' schreef tekenaar Anone, gevraagd naar een reactie op het vijftig jarig bestaan van de Nederlandse Vereniging voor Seksuele Hervorming.

De nieuwe Sekstant. Lijfblad voor seks en relaties, juli/aug 1996, ƒ 9,95 in de losse verkoop. Abonnement ƒ 32,50, tel. 070-5120842. Gratis bij het lidmaatschap van de NVSH, inl 070-3469709.

Nu abortus mag en de NVSH zich niet langer hoeft te storten op de verspreiding van pessarium, pil en condoom, is de bekendheid van de vereniging sterk afgenomen. Onverdroten maar vrijwel onopgemerkt gaat de NVSH voort met het organiseren van zo langzamerhand ouderwets geworden 'soos-' en 'parenavonden.' Je vraagt je af wie zich op die avonden nog tegen de knuffelmuur komen schurken.

In het huisblad, De nieuwe Sekstant, dat nog altijd vijf keer per jaar verschijnt, wordt in het redactioneel van het zomernummer gesteld dat het bestaansrecht van de NVSH 'buiten kijf' staat, want 'seks blijft de gemoederen bezig en de meningen verdeeld houden'. De NVSH en het tijdschrift propageren net als vroeger openheid over seksualiteit. De Nieuwe Sekstant heeft intussen niet langer een monopolie op onderwerpen als sado masochisme, pedofilie en aanverwanten. Maar het onderscheidt zich nog altijd in de manier waarop dat aan de orde komt. Op een prettige heldere toon, wars van sensatie, worden uiteenlopende seksuele voorkeuren en daarmee samenhangende discussies beschreven.

Net als in het feministische tijdschrift Opzij is de toon sinds de jaren zestig milder geworden en de onderwerpskeuze breder. Er is een interviewreeks over 'het paarse levensgevoel' met kamerleden en in de rubriek 'portfolio' toont een jonge kunstenaar zijn werk. Enerzijds zijn de onderwerpen van de artikelen soms modieus, seks op het Internet, New Age-geouwehoer over de duizenden orgasmes in alle soorten en maten die Tantra je kan geven, anderzijds spreekt uit het blad nog steeds de sfeer van de jaren zestig. Dankzij een verslag van een redactievergadering kan de lezer delen in de discussie die gevoerd werd over de plaatsing van de advertentie van de pornobladen Chick, Candy en Seventeen achterin het blad (boven die reclame staat, wat merkwaardig, 'En dan nu de praktijk...', alsof de foto's en de verhaaltjes in die tijdschriften werkelijke seks zouden bieden.)

Dit zomernummer van De nieuwe Sekstant bevat voorts een interessante reportage over de christelijke jongerenbeweging 'Ware liefde wacht'. In twee jaar tijd legden vierduizend Nederlandse jongeren een gelofte af om 'seksueel rein' te blijven tot hun huwelijk. Wereldwijd heeft zelfs een half miljoen jongeren hiervoor getekend. Nederlands woordvoerder Frans Gunnik (32) meent dat geen seks vóór en trouw bìnnen het huwelijk de enige echte remedie tegen aids is. Spijtoptanten, voor wie het al te laat is, kunnen de gelofte alsnog afleggen. God vraagt om zelfbeheersing, maar is ook vergevingsgezind.

Naast de onvermijdelijke column van Lydia Rood is er plaats voor verhalen over passie, een wedstrijd die gewonnen werd door de schrijfster van een zeldzaam drakerig verhaal over een geile vrouw voor de spiegel ('twee bruine ogen staarden me aan vanuit een wazige verte'), en, naar aanleiding van het vijftigjarig bestaan, interviews met NVSH-activisten van het eerste uur.

Ook is er een gesprek gevoerd met de landelijk voorzitter Marc Willems die na zeveneneenhalf jaar afscheid neemt. Hij is een beetje teleurgesteld omdat hij zijn doelen niet bereikt heeft: de NVSH is nog altijd niet 'groot en krachtig' zoals vroeger geworden, want mensen laten zich tegenwoordig maar moeilijk verenigen, en ook de financiële draagkracht is er niet op vooruit gegaan. Willems is een cultuurrelativist (clitoridectomie is afschuwelijk, maar hij wijst het niet af als het in een samenleving thuishoort). In zijn persoonlijk leven maakte hij een rationele keuze voor homoseksualiteit, die hij echter emotioneel toch als heel waardevol beleeft: “Er zijn twee soorten homoseksuelen. Homoseksuelen van het derde geslacht (aangeboren homoseksualiteit) en homoseksuelen die bewust kiezen voor hun homoseksualiteit. In mijn geval hield een man van me, Mart, die echt voor me ging.” Lemmers geloof in openheid gaat, geheel in de geest van zijn vijftig jarige vereniging, ver. Zijn uitlatingen over kinderporno verlenen dit zomernummer min of meer per ongeluk een actueel tintje. Hij waarschuwt voor een te strenge regelgeving, die het zelfbeschikkingrecht van de mens aan zou kunnen tasten. Jongeren moeten naakt of erotisch kunnen poseren, zo lang ze tenminste psychisch in staat zijn daar willens en wetens voor te kiezen: “En dan is spreken over een kalenderleeftijd niet zinvol.”