Europees gasbeleid loopt heel anders dan Brussel wilde

ROTTERDAM, 5 SEPT.Toenmalig minister Andriessen (Economische Zaken) had in drs. G.H.B. Verberg, hoofddirecteur van de NV Nederlandse Gasunie een geharnast medestander in het Nederlandse verzet tegen voorstellen uit Brussel, die het nationale gasbeleid wilden veranderen. Het was mei 1992 en de Gasunie zag niets in de voorstellen van de Europese Commissaris voor energie, Cardoso e Cunha om de handel in energiedragers binnen de Gemeenschap volledig vrij te maken.

'Monopolies' zoals Gasunie die in Nederland heeft zouden zich moeten aanpassen aan nieuwe, vrije concurrentieregels. Kern van de Brusselse voorstellen was de verplichting voor bedrijven als Gasunie om de nationale leidingnetten open te stellen voor het transport van gas dat afnemers elders aankopen: third party access.

Ruim vier jaar na dato blijkt de praktijk anders. Delta Nutsbedrijven in Zeeland heeft inmiddels toestemming gekregen een eigen gaspijpleiding aan te leggen van Zelzate naar Ossendrecht, waarmee het bedrijf in de nabije toekomst goedkoop Brits aardgas kan gaan leveren aan bedrijven in West-Brabant en Zeeland. De concessie die het Zeeuwse energie-bedrijf heeft gekregen betekent weliswaar de eerste voelbare concurrentie voor Gasunie, maar pakt toch anders uit dan Brussel zich indertijd had voorgesteld. Bedoeling was dat als bijvoorbeeld een Franse ondernemer een voordelig contract voor de aankoop van Noors aardgas zou weten af te sluiten, Gasunie en de Belgische en Franse zusterorganisaties Distrigaz en Gaz de France, verplicht zouden zijn dit gas te transporteren als ze daarvoor de capaciteit in hun pijpleidingen zouden hebben. De dominante positie van Gasunie zou nog op een andere manier kunnen worden aangetast, want de Franse ondernemer zou zijn gas ook bij een Nederlandse producent kunnen kopen. Tot voor kort moest al het gas dat in Nederland werd gewonnen, in beginsel aan Gasunie worden aangeboden.

De aanvoer van Noors en Brits gas naar Zeeland is een gevolg van de toen ingezette liberalisatie, die in het Verenigd Koninkrijk al veel voelbaarder is dan in Nederland. British Gas, tot voor enkele jaren vergelijkbaar in zijn monopolisme met Gasunie heeft inmiddels moeten ondervinden dat zijn marktaandeel is teruggelopen tot 35 procent van de markt. De consument is belangrijk minder voor zijn gas gaan betalen, zoals Brussel het wilde, maar een ander gevolg is ook dat er een gasoverschot is ontstaan. De Britten willen dat lozen via de Interconnector, een nog aan te leggen pijpleiding van 235 kilometer lang, die in Bacton begint en in Zeebrugge boven water komt. Van daar uit moet het gas worden gedistribueerd naar afnemers op het continent.

De plannen van Delta Nutsbedrijven geven aan dat er mogelijk verschillende infrastructuren gaan komen, waarvan verschillende aanbieders gebruik gaan maken, anders dan Brussel indertijd voorzag. Gasunie, niet beducht voor concurrentie vanuit België wil vanuit het noorden met gas naar Zeeland via een zelfde route. De leiding in Zelzate heeft niet genoeg druk om het in België aangelande gas op te nemen in het transportsysteem van Gasunie. Het Nederlandse bedrijf is daarom van plan een compressorstation te bouwen bij het Zeeuwsvlaamse Axelse Sassing.

Gedeputeerde Staten van Zeeland voelen niet veel voor dubbele leidingen onder de grond en dringen aan op samenwerking tussen Delta's moederbedrijf EZN en Gasunie. Als het niet anders kan zou de samenwerking in ieder geval moeten inhouden dat de grond maar één keer opengaat voor het leggen van twee leidingen tegelijk. Het ziet er naar uit dat het laatste ook het best haalbare is, omdat beide bedrijven met andere volumes en een andere druk werken.