Clinton nam Irak-besluit middenin zijn campagne

WASHINGTON, 5 SEPT. Terwijl president Clinton zaterdag in een ronkende dieselbus de zuidelijke staat Tennessee doorkruiste, bestudeerde hij een memorandum van vier pagina's dat zijn nationale veiligheidsadviseur Anthony Lake hem had toegefaxt. Het stuk bevatte de aanbeveling met een militair antwoord te reageren op het Iraakse offensief tegen de Koerdische stad Arbil.

Clinton gaf opdracht de bus stil te zetten in de berm, zodat vice-president Gore, die zich in een ander voertuig van de verkiezingskaravaan bevond, aan boord kon komen om mee te doen aan het overleg. Voor de bus die middag nogmaals tot stilstand kwam had de president drie hokjes met het woord “ja” aangekruist: uitbreiding van de no-fly zone in het zuiden van Irak, opschorting van de overeenkomst waarbij Irak weer olie zou mogen verkopen om humanitaire hulp te financieren, en uitvoering van raketaanvallen op Iraakse doelen.

Het Witte Huis verkondigt dezer dagen met grote stelligheid dat Clintons besluit om militair op te treden tegen Irak, niet is ingegeven door electorale motieven. De binnenlandse politiek en de presidentsverkiezingen van 5 november zouden geen enkele rol hebben gespeeld bij de presidentiële overwegingen. Maar het besluitvormingsproces dat tot de raketaanvallen leidde geeft wel aan dat de president de cruciale beslissingen moest nemen terwijl hij intensief campagne voerde. De gedetailleerde weergave die het Witte Huis zèlf aan de Amerikaanse media heeft gegeven van het verloop van de besluitvorming, laat daarover geen misverstand bestaan. Maar volgens Clintons medewerkers is dat slechts een bewijs van het vermogen van de president om moeilijke afwegingen op het gebied van de buitenlandse politiek te maken, ook als hij het middelpunt is van een verkiezingscircus.

Terwijl Clinton vorige week met een antieke treinwagon vier dagen lang campagne voerde in het midden-westen van Amerika, kreeg hij geheime rapporten van de CIA, waarin gewaarschuwd werd voor een Iraakse aanval op de Koerdische stad Arbil. Toen hij zijn verkiezingstournee afsloot in Chicago, om daar in een kleurige ballonnenregen de nominatie van zijn partij te aanvaarden, werd duidelijk dat een offensief van het Iraakse leger vrijwel zeker was. Op de dag dat Clinton instemde met een krachtige diplomatieke waarschuwing aan het adres van Bagdad, werd zijn aandacht ook in beslag genomen door de toespraak die hij een dag later voor de Democratische conventie moest houden, èn door de mededeling dat zijn prominente politieke adviseur, Dick Morris, was verwikkeld in een seksschandaal.

Vooral de daaropvolgende dagen was Clinton in het openbaar de onvermoeibare kandidaat, maar achter de schermen de opperbevelhebber die probeerde het hoofd te bieden aan een escalerende internationale crisis. Op de slotdag van de conventie, vandaag een week geleden, besprak de president verschillende militaire opties met zijn medewerkers. Aanvankelijk was daar ook de instelling van een no-fly zone in het westen van Irak bij, maar dat plan werd verworpen na bezwaren van Saoedi-Arabië en Jordanië. Ook aanvallen op kazernes van Saddams Republikeinse Garde werden verworpen, dat zou te veel op een complete oorlogsverklaring hebben geleken.

Op vrijdag begon Clinton weer aan een nieuwe verkiezingstournee, deze keer per bus. Dagelijks werd hij meerdere malen van de laatste ontwikkelingen in Irak op de hoogte gesteld. Minister van buitenlandse zaken Warren Christopher begon op zijn vakantie-adres in Californië telefonische consultaties met Frankrijk, Rusland en Turkije. Woordvoerder Mike McCurry gaf Irak de eerste alarmerende openbare waarschuwing: “We vertrouwen erop dat Saddam Hussein weet hoe ernstig we de situatie opnemen.” Turkije en Jordanië deelden mee geen bases beschikbaar te stellen voor aanvallen op Irak. En pas in de loop van de dag werd het de Amerikanen duidelijk dat de Koerdische Democratische Partij van Barzani Saddam Hussein had uitgenodigd in de zogeheten 'uitzonderingszone', wat het extra moeilijk maakte om steun te krijgen voor een militaire actie. Clinton stemde in met een tweede, krachtige diplomatieke waarschuwing via de Iraakse missie bij de Verenigde Naties. Maar de diplomaten daar weigerden de brief aan te nemen, waarna hij maar op de fax werd gezet.

Zaterdag vielen Iraakse troepen Arbil binnen. Toerend door het landelijke Tennessee en af en toe een spreekbeurt houdend over zijn verkiezingsthema “de brug naar de 21ste eeuw”, nam Clinton het principebesluit dat een militair antwoord nodig was. De 23.000 man Amerikaanse troepen in de regio werden in verhoogde staat van paraatheid gebracht, en Clinton sprak zijn “ernstige bezorgdheid” uit over de situatie. De voorzitter van de chefs van staven, John Shalikashvili, reisde samen met onderminister van buitenlandse zaken Robert Pelletreau naar Saoedi-Arabië, Jordanië en Egypte om steun voor het militaire ingrijpen te zoeken.

Zondag was de president in Little Rock, in Arkansas, waar hij een kleine menigte aanhangers toesprak vanaf de trappen van het Old State House, dezelfde plaats waar hij vijf jaar geleden aankondigde dat hij mee zou doen aan de verkiezingen. Na de verkiezingsbijeenkomst belde Clinton de Britse premier Major, de Saoedische koning Fahd, koning Hussein van Jordanië en de Egyptische president Mubarak om hen op de hoogte te stellen van zijn plannen. De laatste drie drongen aan op terughoudendheid. Na 's middags een partijtje golf gespeeld te hebben, kwam Clinton bijeen met veiligheidsadviseur Anthony Lake die uit Washington naar Arkansas was gevlogen met de uitgewerkte militaire plannen, kaarten en satelietfoto's van de doelwitten. De aanvallen zouden maandag in alle vroegte moeten beginnen, maar op aandringen van het Pentagon stemde Clinton in met 24 uur uitstel.

Maandag, op campagne in Wisconsin, belde Clinton tussen de bedrijven van het campagne voeren door nog vanuit een caravan de Franse president Chirac op, maar het lukte hem niet zijn steun te verwerven. 's Avonds, in Air Force One op de terugweg naar Washington, belde hij met zijn stafchef Leon Panetta en veiligheidsadviseur Lake, in het Witte Huis. “We moeten doorgaan, dit is de juiste beslissing”, zou hij volgens zijn woordvoerder McCurry hebben gezegd. Op dat moment waren de B-52 bommenwerpers voorzien van kruisraketten al halverwege hun basis op het eiland Guam en Irak.