Basisvorming

Ursie Lambrechts verwacht in haar bijdrage over de basisvorming (23 augustus) geen heil van vorming van heterogene klassen, zoals eerder door Sarah Blom bepleit. Lambrechts noemt dat 'sociaal geknutsel'. Ik vraag me af hoe zij denkt over de basisschool, met uitsluitend heterogene groepen?

Wie heeft toch ooit bedacht dat op 12-jarige leeftijd een leerling ineens moet overstappen van een heterogene groep naar een homogene groep? Ik krijg de indruk dat de weinige voorstanders in de jaren tachtig van het koppelen van de basisvorming aan het basisonderwijs achteraf voor een verstandig alternatief hebben gepleit.

Een tweede denkfout van Lambrechts schuilt in haar betoog over niveauverhoging en -verlaging. De basisvorming kent globale kerndoelen of eindtermen. Nergens schrijft de wet voor de mate waarin de einddoelen bereikt moeten worden. Dat niveau kan immers nooit voor iedere leerling gelijk zijn. De manier waarop dat niveau bereikt moet worden laat de wetgever wijselijk over aan de pedagogisch-didactische invulling die de school aan de kerndoelen geeft. Zaken als motivatie en uitdaging waar Lambrechts zich terecht druk over maakt horen bij die invulling. Ik vermoed dat Lambrechts (maar zij niet alleen) te veel uitgaat van de klassieke frontale wijze van lesgeven, die inderdaad vaak demotiverend is voor de leerlingen. Wellicht dat Lambrechts ooit de tijd heeft om te kijken in Denemarken of Zweden.