Achterblijven is goed

Computers zullen op den duur net zo makkelijk te bedienen zijn als auto's, telefoons of televisietoestellen. Dat is een opvatting die veel wordt verkondigd door computerwijzen en toekomstkenners. Een hoopvolle visie, maar helaas fout. Dat is gemakkelijk in te zien als men de ontwikkeling in gedachten neemt van om het even welk apparaat.

De wasmachine: ooit een tobbe met sop die mechanisch werd doorgeroerd, nu een soort robot met zeventien programma's, energiebesparende voorzieningen, met circuits voor recycling van waswater en vooral met een kloeke handleiding die nog moeilijker is te doorgronden dan het apparaat zelf. De oven: mutatis mutandis idem dito. De telefoon is veranderd van een bakelieten megafoon met één knop - het toppunt van eenvoud - in een multifunctioneel communicatiesysteem met sterretjes, hekjes, geheugens en een intercomvoorziening. Als je pech hebt, kan-ie ook boodschappen aannemen en faxen. Het aantal knoppen is niet meer te tellen en wanneer je die éne indrukt, doen bovendien alle knoppen opeens wat anders. Onze eerste televisie thuis had drie knoppen: aan en uit, hard en zacht, net 1 of net 2. Voor een moderne televisie met afstandsbediening en Teletekst heb je bijkans een cursus nodig. En zelfs auto's - de meeste mensen redden het inderdaad nog van A naar B - zijn tegenwoordig zo met elektronica opgetuigd dat er voor de ouderwetse monteur weinig eer meer aan te behalen valt. Het is een kwestie van tijd voordat ook de automobilist zelf afhaakt; dat zou wel eens kunnen gebeuren op het moment dat navigatiesystemen hun intrede doen.

Je hoeft niet lang te analyseren om te begrijpen hoe dit komt. Apparaten moeten steeds meer kunnen. Meer kunnen, betekent meer kiezen: ga ik nu X of Y doen met dit apparaat? Elke keuze maak je met een knop, en meer knoppen is synoniem aan verwarring. Bij de computer vind je zulke knoppen op het scherm en wijs je ze aan met de muis, maar er is geen wezenlijk verschil. Als je beweert dat de PC zich zal ontwikkelen tot medium voor alle mogelijke kantoorarbeid, alle denkbare vormen van communicatie en alle huidige en toekomstige soorten amusement en dat bovendien het apparaat steeds gemakkelijker zal worden in het gebruik, heb je lef en talent voor oplichterij.

Het is dan ook interessant te zien dat er tamelijk veel computers met beperkte mogelijkheden op de markt verschijnen. Zo zijn er organizers: elektronische agenda's met wat extra kantoorfuncties. Sinds kort kan de computerleek op versimpelde wijze met Internet kennismaken via televisie en CD-i-speler. En natuurlijk zijn er spelcomputers, voor wie uitsluitend wil spelen en verlangt dat zijn spelletjes het d=en.

Toch zijn we niet zomaar van de PC af, want als je wèl veel verschillende dingen wilt, is één machine zo gek nog niet. Die PC zal steeds meer kunnen en dus ingewikkelder worden in het gebruik. Wanneer het nu gaat om nieuwe mogelijkheden wordt de ontoegankelijkheid versterkt door de nieuwigheid. Voorbeelden. De eerste PC's hadden het besturingssysteem MS-DOS, dat gebaseerd is op getypte commando's. Vreselijk om mee te werken. Later kwam het grafische systeem Windows. Veel gemakkelijker, maar toen het nog nieuw was, zat het vol bugs, fouten. De eerste modems waren niet gestandaardiseerd en communicatie daarmee was een wanhoop. Vóór de uitvinding van het World Wide Web was Internet een even vijandige omgeving als het oppervlak van de planeet Pluto. Kortom, als de eenvoud van uw leven u lief is, waag u dan niet aan het nieuwste van het nieuwste. Laat anderen zwoegen, de fouten maken en ze corrigeren en de leuke toepassingen vinden. Voeg u bij de kudde als het pad geëffend is.

Als het gaat om het instrumentarium is er nog een reden de nieuwste nieuwtjes in de etalage te laten. Ze zijn duur. Computers met een state of the art-chip erin, zoals de Pentium Pro, zijn niet te betalen, los van de vraag welke bugs in die chip ontdekt gaan worden. Voor een machine met een gewone Pentium en wat extra's (geluidskaart, CD-ROM-speler, modem) kun je al rond de tweeduizend gulden terecht en een nog oudere 486 hoeft geen 1.500 gulden meer te kosten. Let op de berichten over het verschijnen van iets nieuws, zoals onlangs de Pentium Pro, want dat drukt de prijzen van de vorige generatie sterk. Sinds er CD-ROM-spelers bestaan van zesvoudige en achtvoudige snelheid, zijn die met viervoudige snelheid spotgoedkoop (circa 100 gulden), terwijl de meeste CD's, inclusief veeleisende spelletjes, er niet slechter op draaien. Tegen de tijd dat u toe bent aan een snellere speler, is die zoveel goedkoper geworden dat u de eerste in feite gratis hebt.

Blijf daarom altijd ten minste een generatie achter. Dat is gemakkelijker en goedkoper - dus goed voor u.